Suikertante
7 mei 2013
Suikertante is langs.
Ze logeert een poos om te helpen verbouwen, en legt zonder schroom haar voeten op tafel.
Ze voelt zich duidelijk goed thuis.
Of merkt ze hoe zoet de macht smaakt?
In het dialect: “ze doet of alles van haar is”.
Aan tafel blijft er amper plaats over voor de anderen.
Wat doe je dan?
Het op z’n Vlaams verdragen tot de verbouwing klaar is, want je denkt aan je portemonnee?
Ze -al dan niet beleefd- de deur wijzen?
Of gewoon haar stoel een beetje opschuiven tot haar voeten op de grond staan?
Tante werkt flink door, dat zeker:
Actie Dampoort maandag 15 april
13 april 2013
Afgelopen zaterdag 6 april werd op de Dampoort voor de zoveelste keer een fietser aangereden. Hij kwam van de Dendermondsesteenweg en werd op de kruising met de Land Van Waaslaan aangereden door een personenwagen. Om de gevaarlijke toestand aan te klagen houdt de Fietsersbond op maandag 15 april om 17u30 een actie op de plaats van het ongeval.
Fietsers hebben hier duidelijk voorrang, maar zijn amper zichtbaar voor automobilisten die op het tweede rijvak rijden. Het is algemeen bekend dat zebrapaden over twee rijstroken en zonder lichten uiterst gevaarlijk zijn. Ook voor fietskruisingen geldt dit.
De Dampoort werd de laatste jaren een paar maal aangepast, zonder resultaat voor de ongevallencijfers. Fietsersbond Gent vraagt Stad, Gewest en NMBS om het kruispuntencomplex maximaal te beveiligen. Wegen als de Antwerpsesteenweg en Land Van Waaslaan hebben één rijstrook. Pas vlak voor het Dampoortkruispunt wordt een tweede rijstro ok toegevoegd. Deze toevoeging dient enkel voor autodoorstroming, en is nefast voor de verkeersveiligheid van fietsers en voetgangers. Deze extra rijstroken afschaffen zal de verkeersveiligheid verhogen. Fietsersbond Gent vraagt om hier nog voor de zomervakantie werk van te maken.
De Fietsersbond vraagt dat alle kruispunten zonder lichtenregeling beperkt blijven tot één aankomende rijstrook voor autoverkeer, en vraagt dat ook het ontwerp voor De Sterre op die manier wordt aangepast. Dat vermindert het risico op ongevallen.
Om deze eis kracht bij te zetten zal de Fietsersbond op maandag 15 april om 17u30 op de plaats van het ongeval de tweede rijstrook tijdelijk afzetten met verkeerskegels.
Lentewerven
10 april 2013
De Dampoort beroert de gemoederen.
En terecht.
Morgen een harde schop hierin door een nieuwe fietsbulter.
Vandaag een paar positieve berichten.
Pierre mailde:
Afgesloten “Keizerspark” brug.
Vanaf 15 april tot 26 april wordt de kleine fietsbrug aan de Scheldekaai afgesloten voor de aanleg van een fietspad!
Daar gaan we niet rouwig om doen zeker?
Alternatieve weg is Sasstraat, Posthoornstraat, Brusselsesteenweg, kruispunt over en zo naar de Visserij.
Of via de sluis aan de Vlaamsekaai naar de Ferdinand Lousbergskaai.
Is dit een eerste signaal dat het stadsbestuur voor fietsinfrastructuur niet meer wil wachten op een tijdsrovende totale/integrale heraanleg van een stadsdeel(tje)?
Aan de Isabellakaai zitten de eerste palen van de fietsonderdoorgang in de “grond”:
AWV begon in maart ter hoogte van Slotendries met de bouw van een fietsersbrug over de Kennedylaan.
Een ontwerp heb ik nog nergens gezien.
Op de tweede link staat een oplijsting van de vele lopende werven door AWV op deze as naar Zelzate en Nederland.
Het merendeel staat in functie van gemotoriseerd verkeer, in een havengebied anno 2013 nog steeds een onvermijdelijke logica.
De werven zijn een onderdeel van een akkoord met Nederland, en ook een onderdeel van het zwarte puntenprogramma van de Vlaamse Regering.
Nederland wil de Rotterdamse haven voor vrachtwagentransport ook via de Westerscheldetunnel, de nieuwe tunnel in Sluiskil en Gent met Frankrijk verbinden.
De fietstoets is in een aantal projecten duidelijk aanwezig, en dat is een stap vooruit.
Het concept van een rotonde met gescheiden fietsverkeer aan de Cosmos maakt me nieuwsgierig.
Ik geef dit ontwerp een grote kans van slagen.
Hoe zien jullie dit?
Op 22 april start de aanleg van het tweerichtingsfietspad (2,5 km) dat de fietsbrug zal verbinden met de Langerbruggestraat.
Het is hopelijk niet de laatste stap.
Want waar is het masterplan voor fietsverkeer in de haven?
Iemand?
Hoe meer mensen met de fiets gaan werken, hoe meer plaats er over blijft voor de economische activiteit.
En hoe minder mensen hun huis met de auto verlaten.
Een intense fietstraffiek met de haven zal dus ook positieve gevolgen hebben binnen de Gentse woongebieden.
Het zou een mooie en toekomstgerichte contradictie zijn mocht meer dan de helft van de werknemers van Volvo met de fiets gaan werken.
Snoeitijd
4 april 2013
Verloren zoon
2 april 2013
Mijn kennis van de bijbel is al jaren in verval.
Jawel, ik weet dat deze schoolvakantieperiode annex vrije dagen en chocoladevertier een religeuze oorsprong heeft.
De Mattheuspassie doet me prompt “Oh hoofd vol bloed en wonden” neuriën.
Lady S zal zich nog steeds de parabel van de herder en de wolf herinneren.
En bij de eerste tekenen van werfactiviteit voor de bouw van een fietsonderdoorgang onder Ter Platenbrug denk ik plots en spontaan aan de parabel van de Verloren Zoon.
De fietsonderdoorgang onder de R40 /Terplaetenbrug kwam reeds ter sprake op pagina 79 van het Fietbeleidsplan uit 1993.
Het kwam aan bod in verschillende beleidsplannen van Waterwegen en Zeekanaal.
Iedereen vroeg zich af: waar blijft hij?
Komt hij er ooit?
En kijk, meer dan 20 jaar later is er witte rook.
Na de aankondiging begin februari op de site van W&Z is het eerste teken van werfactiviteit merkbaar: op Goede Vrijdag werd de werfafsluiting geplaatst.
De onderdoorgang zal van de Stropkaai een levendige fietsas maken.
De afsluiting op de Isabellakaai ligt al omver, en heeft een aantal fietsen gekooid:
Zou dit toch eerder de parabel van de verrijzenis worden?
Ach, whatever… bij mijn eerste rit langs deze fietsonderdoorgang zal ik luidkeels Hallelujah zingen.
Winterschade: melding 119
28 februari 2013
Alweer een item voor het meldpunt fietspaden:
Vorst, sneeuw en zout veroorzaken putten in het asfalt.
Versleten wegen zien het meest af, en verslijten zo nog sneller.
Het kruispunt Keizervest met Brusselsepoortstraat en Brusselsesteenweg is al jaren vaste klant van de oplapbrigade van het Vlaams Gewest.
Graag een dringende beurt, voor er fietsers vallen.
Ook richting Dampoort is het putjes slalommen.
Het blijft wachten op de integrale heraanleg van de Brusselsesteenweg, die -als ik me niet vergis- dit jaar start.
Dochter lady S passeert er dagelijks op weg naar pendelstation Sint-Pieters.
Pas bij de heraanleg van dit kruispunt zullen de vreselijke tramrailbulten -bovenaan haar horror top 10 – verdwijnen…
Zondag leesdag
6 januari 2013
Zondag leesdag , bent u er klaar voor?
Hieronder het artikel dat Fietsersbond Gent aanleverde voor Frontaal, winter 2012.
NIEUW BESTUURSAKKOORD GETOETST AAN 10 PUNTEN VAN FIETSERSBOND
Begin oktober lanceerde Fietsersbond Gent een 10puntenplan, met de vraag om dit te vertalen in het nieuwe bestuursakkoord. Hieronder de 10 punten met daarbij de zinnen uit het bestuursakkoord die ermee verband houden. Oordeel zelf of je genoeg ambitie in ziet? Of bewaar je dit voor de verkiezingen in 2018? Opgelet: het is “droge kost”. Traag lezen helpt.
Punt 1 – Een integraal fietsbeleid via alle stadsadministraties en vergunningen, met algemene toepassing van het STOP-principe en de Fietstoets, bijvoorbeeld een degelijk fietsstallings- en fietsbereikbaarheidsbeleid bij alle school-, sport- en cultuurinfrastructuur, en alle stadsontwikkelingsprojecten.
Bestuursakkoord – … Om die groeiende verkeersdruk te keren moeten we kiezen voor een stadsvriendelijke mobiliteit waarbij het openbaar vervoer, de fiets en voetganger centraal staan volgens het STOP-principe (Stappen, Trappen, Openbaar Vervoer, Personenwagen). Dat is noodzakelijk om voor iedereen een leefbare woonomgeving en een vlotte bereikbaarheid van de hele kernstad en andere woonkernen te garanderen.
Ontbreekt – Het begrip Fietstoets komt nergens aan bod.
Punt 2 - Een nieuw mobiliteitsplan steunend op het STOP-principe i.p.v. het huidige én-én beleid.
Ontbreekt – Nergens is sprake van een nieuw mobiliteitsplan.
Punt 3 – Duidelijke, dwingende minder-hinder-richtlijnen bij werven op de openbare weg
(Nederlandse en Deense voorbeelden), met engagement voor werfcontroles.
Bestuursakkoord – …omleidingen moeten beperkt, duidelijk aangeduid en verkeersveilig zijn voor automobilisten, fietsers en voetgangers. Ook de toegankelijkheid van woningen, bedrijven en handels- en horecazaken moet gegarandeerd blijven. Door een betere coördinatie van de werken via de ‘Minder-hinder-cel’, wordt mobiliteitsimpact van werken maximaal beperkt. We gebruiken hierbij, naast duidelijke en afdoende signalisatie op en rond de werf, ook nieuwe technologie, zoals apps, automatische GPS-updates, dynamische verkeersgeleiding en sociale media. Via de website moet iedereen een overzicht van de werken, de omleidingen, de te verwachten hinder en alternatieve routes kunnen opvragen en downloaden.
Punt 4 – Een uitbreiding van de fietsbrigade van de politie, met focus op verkeersveiligheid op fietsassen en rond wegenwerven.
Bestuursakkoord – …Verkeersveiligheid handhaven, betekent o.m. doorgedreven snelheidscontroles onder meer in de zones 30, controles op fietsverlichting, parkeren op fietspaden, e.d.m. We sensibiliseren omtrent asociaal rijgedrag en doen gerichte acties. Geen woord over de fietsbrigade.
Punt 5 – Integraal zone 30 binnen de stadsring R40, en op andere plaatsen een herziening van de bestaande snelheidsregimes. Momenteel geldt bijvoorbeeld 70 kilometer per uur op smalle plattelandswegen.
Bestuursakkoord – …Verkeersveiligheid is een prioriteit. Daarom wordt de hele binnenstad binnen de R40 zone 30, met inbegrip van de Brugse Poort en de wijk Rabot, met uitzondering van de as Nieuwe Wandeling-Tolhuis. Daarenboven wordt de zone 30 ook uitgebreid tot alle woonstraten en wijkverzamelstraten buiten de R40.
Punt 6 – Het stimuleren van fietsassen (zoals de Visserij) door het knippen van autosluiproutes met 21ste eeuwse technologie.
Bestuursakkoord – …Waar veel fietsers voorbijkomen kunnen fietsstraten – straten met voorrang voor de fietsers – worden overwogen….De missing links in het (hoofd)fietsroutenetwerk worden versneld uitgevoerd, en waar nodig met ongelijkgrondse kruisingen. Het gaat daarbij o.m. om :
- De fietsas van Coupure Links tot aan de Trekweg. Langs de Coupure Links wordt de fietsas omgebouwd tot een fietsstraat met toegangsverkeer beperkt tot de omwonenden.
- De as Baudelookaai-Koepoortkaai wordt een aangename, veilige fietsroute tussen St.-Jacobs en St.Anna.
- De heraanleg van de Bisschopstraat en de Franse Vaart tot een veilige fietsroute.
Punt 7 – Inzet voor fietsappreciatie en verkeerseducatie (rechten en plichten).
Bestuursakkoord – …Er komen meer stimulerende voorlichtings- en sensibiliseringsacties naar fietsgebruik. Zo blijft Gent meedoen met de campagne ‘Met belgerinkel naar de winkel’ en stimuleert op die manier zo veel mogelijk mensen om hun boodschappen met de fiets te doen. Daarnaast zet de Stad Gent projecten op om jongere en oudere Gentenaars (beter en veiliger) te leren fietsen… verder gerichte sensibiliseringsacties rond verkeersveiligheid, i.s.m. mobiliteitsorganisaties en met de buurten en de wijken (inwoners, werknemers, handelaars, …).
Punt 8 – Een actieplan met de Lijn voor een conflictvrij samenleven van tram en fiets.
Bestuursakkoord – …Er wordt voldoende plaats voor fietsers voorzien, zeker in straten met een druk woon-schoolverkeer. Kasseien tussen tramsporen worden zoveel mogelijk vervangen door een verharding die comfortabel is voor fietsers en voetgangers.
Punt 9 – Het plaatsen van voldoende fietsenstallingen in alle woon- en winkelstraten, en de inzet van autoparkeergarages voor fietsstallingen.
Bestuursakkoord – … Er komen voldoende veilige fietsenstallingen (onder meer fietstrommels) in woonwijken, bij winkelcentra, culturele en recreatieve infrastructuur en bij administratieve diensten. Op de drukst bezochte plekken zijn deze stallingen overdekt. …Elke parking (zeker bovengronds maar in principe ook ondergronds) is ook voorzien van een parkeerruimte voor fietsers en van bredere plaatsen voor jonge ouders. …Alle nieuwe meergezinswoningen moeten over twee fietsplaatsen per slaapkamer beschikken.
Punt 10 – Een spinnenweb van fietsroutes met bewegwijzering conform de provincie Oost-Vlaanderen. Alle randgemeentes zijn via veilige wegen met elkaar en met het centrum verbonden voor fietsers, en Gent takt aan op de buurgemeentes.
Bestuursakkoord – … een doorgedreven uitbouw van een fijnmazig en veilig fietsnet met als doel alle belangrijke voorzieningen, scholen, stations en recreatieve plekken veilig per fiets bereikbaar te maken. …een netwerk van snelfietspaden voor veilige verbindingen op lange afstand tussen het centrum, de wijken, de haven en de voorstadskernen. …Het bestaande fietsroutenetwerk wordt aangevuld met radiale netwerken die de twee hoofdstations als bestemming hebben (Gent Sint-Pieters en Dampoort). Daardoor krijgen de verschillende wijken veilige fietsassen naar die stations. Een voorbeeld daarvan is de verbinding van Ledeberg naar Gent Sint-Pieters (met onder meer Stropbrug – Burggravenlaan)
Eandis
29 november 2012
Vanavond reed ik tussen Sint-Lievenspoort en Keizerpoort achter een fietser die met zijn rechterhand een tweede fiets meeduwde.
Allebei de fietsen: géén achterlicht.
Dit stuk van de stadsring staat al weken in het donker.
“Wegenwerken” is tegenwoordig synoniem voor “kill the lights!”
Zelfs hartje winter op drukke verkeersassen.
Ik wou de dubbele fietser fotograferen, maar moest onverwachts in de remmen voor een fietser die zich liet afzakken.
Ook die had geen achterlicht.
De politiewagen was ons voorbij gereden.
Maar iets verder stotterde de verkeerslichtenfile, en hing er een verwijtende politieman uit het autoraam.
Bizar hoeveel politiemannen dan emotie tentoon spreiden.
Ik hoorde de dubbele fietser nog net stamelen dat zijn licht toch brandde.
Tarara.
Donderdagavond 28 november sluit de politie hun preventieve fietsverlichtingsmaand af.
Meer info over de slotactie hier.
Daarna volgt de repressieve aanpak.
Er bestaan 356 visies over zin en onzin van fietsverlichting.
“Gezien worden” is de kern van het gebod.
Dat gebod telt voor zowel voor auto’s, schepen, vliegtuigen, treinen, torenkranen als fietsers.
Voetgangers zijn vrijgesteld van het tillen van verlichting.
Wie als autobestuurder bij slecht weer plots een zwarte massa ziet opduiken vloekt op die duistere geest op 2 wielen of 2 schoenen.
Dat vloeken op fietsers is terecht.
De tijd van de frustrerend doorslippende dynamo is voorbij.
Er zijn anno 2012 méér dan voldoende fietsverlichtingsmiddelen in de handel, ook handige rezervesetjes.
Dit is de meest inventieve:
Het witte licht past perfect over de stuurbuis.
Het rode licht kan aan de zadelpen gespannen worden.
En: deze lichtjes vindt je nooit knipperend in je tas of jaszak.
Ik heb nog niet gevonden hoe de batterij te vervangen.
Terzijde: zou de modale Belg het meest geld uitgeven aan sexspeeltjes, aan kranten of aan fietsverlichting?Ik twijfel tussen de eerste twee.
Mocht u nog een excuus zoeken om fietsverlichting aan te schaffen: er is in Gent nog nooit zoveel defecte straatverlichting geweest als de afgelopen twee jaar.
Ook allemaal studenten daar bij Eandis?
2014
5 november 2012
Vandaag maandag 5 november gaan een paar deuren (weer) open.
De fietsstalling onder de Sint-Michielshelling opent definitief.
De tramverbinding tussen de kernstad en Voskenslaan/Flanders Expo wordt na 3 maanden onderbreking heropend.
De aannemer realiseerde hiermee een klein mirakel, maar nam daartoe ook flink wat risico’s.
Vraag: zal ook het fietsverkeer weer door de fototunnel kunnen?
Ook de Rozemarijntjesbrug zou vandaag heropenen vandaag voor trams, helaas nog niet voor fietsers, en ook voetgangers moeten er nog steeds hindernissen lopen.
De aannemer slabbakt hier ferm.
Tegendeel is waar aan de nieuwe auto-afrit van de E17 (vanuit Antwerpen) naar de grote ring R4 (richting Wondelgem).
In theorie opent die half december, maar deze auto-investering ziet er nu al afgewerkt uit.
Om dit te realiseren diende ook een fietspad verlegd.
Ditmaal resulteerde dat voor fietsers in een eerder kleine omweg:
De afrit van de E17 is één van de vele autogerichte investeringen rondom het UZ.
De Buitenring van de R4 wordt er “afgewerkt”, wat rondom het kruispunt van de meanderende Bovenschelde en de Ringvaart geen sinecure is.
Het nieuwe voetbalstadion wordt aangesloten op de R4.
Er gaat enorm veel overheidsgeld naar deze werven.
Met dat geld zou men massaal veel fietsinfrastructuur kunnen creëren.
Terzijde: een degelijk fietspad werd hier verlegd in functie van nieuwe autoinfrastructuur.
Dit nieuwe trace komt hopelijk de statistieken van nieuwe fietspaden niet opfleuren.
Dat zou teveel eer zijn.
Toch ben ik niet tegen al deze investeringen.
Deze nieuwe auto-infrastructuur kan autoverkeer wegzuigen van de kleine ring R40, en daardoor de leefbaarheid van de binnenstad verhogen.
Voorwaarde is wel dat men uiterlijk vanaf 2014 ook werk maakt van het leefbaar maken van de kleine ring.
Anders is het enkel méér auto-infrastructuur.
Men kan bv starten met een ringbuslijn op een eigen busbaan, die kan evolueren naar een ringtramlijn.
Men kan de oversteekbaarheid van die ring voor fietsers en voetgangers intens verhogen.
Kortom: vanaf 2014 is er geen excuus meer.
Noteert u dat ook in uw agenda?
En zou men hiermee al rekening houden bij het ontwerp van de Handelsdokbrug?
Memorandum gemeenteraadsverkiezingen 2012
7 oktober 2012
Zondag, leesdag.
Hieronder het memorandum dat Fietsersbond Gent recent bezorgde aan CD&V, Groen, NVA, Open VLD en SP.A.
Dit memorandum is een pragmatische bundeling van een ideaal fietsbeleid.
Vandaag stuurden we de lijsttrekkers een aanvullend, concreet tienpuntenplan dat we graag vertaald zagen in het komend Gentse bestuursakkoord.
Dit tienpuntenplan kan u hier morgen lezen.
Veel leesgenot!
Memorandum gemeenteraadsverkiezingen 14 oktober 2012
Voor een fietsvriendelijk Gent
Meer dan tachtig procent van onze verplaatsingen met de fiets zijn korter dan vijf km. Ze spelen zich dus vooral af op het lokale niveau. De stad heeft de sleutels van een succesvol structureel fietsbeleid zelf in handen. Het aanleggen van fietsinfrastructuur en het nemen van doordachte maatregelen om het fietsgebruik te vergroten, vraagt coördinatie met de hogere overheid en/of met aanbieders van openbaar vervoer. Fietsinvesteringen kosten beduidend minder dan investeringen voor de auto en garanderen een betere mobiliteit. Hoewel Gent een aanzienlijke hoeveelheid gewestwegen telt, ligt de verantwoordelijkheid voor een fietsvriendelijk lokaal beleid volgens ons vooral bij het stadsbestuur.
Een fietsvriendelijk beleid heeft als doel het gebruik van de fiets te bevorderen en tegelijk de veiligheid en aantrekkelijkheid van het fietsgebruik te vergroten. Een fietsvriendelijke en leefbare stad heeft bijzondere aandacht voor het school-, woon- en werkverkeer en erkent het belang van winkelende en recreatieve fietsers. Het gemeentebestuur kijkt naar de toekomst en beseft dat de nieuwe fietsinfrastructuur moet rekening houden met de te verwachten groei van het fietsverkeer en met nieuwe vervoersvormen zoals fietskarren, bakfietsen en elektrische fietsen.
Een succesvol fietsbeleid vraagt meer dan enkel fietspaden en steunt op vijf hoofdeisen:
• een planmatige aanpak
• de kortste route
• veiligheid
• comfort
• aantrekkelijkheid
1 EEN PLANMATIGE AANPAK
1.1 GENT HEEFT NOOD AAN EEN BREED GECOMMUNICEERD STEDELIJK FIETSPLAN
De schepen bevoegd voor mobiliteit en fietsbeleid draagt uiteraard de politieke eindverantwoordelijkheid.
![]()
Gent heeft een Fietsfonds dat de aanleg van fietsinfrastructuur coördineert.
![]()
Bij het Fietsfonds gaat het om concrete losse verbeteringen zonder samenhang. Men vertrekt niet steeds van een globale visie en een coherent spinnenwebgeheel, dat als fietsroutenetwerk zou kunnen beschouwd worden. Bovendien is het niet duidelijk of het hier gaat om daadwerkelijk nieuwe of gewoon vernieuwde, heraangelegde fietspaden.
![]()
Sommige projecten onder de vleugels van stadsontwikkeling (SOB) en Groendienst hebben te weinig aandacht voor het functioneel fietsen.
1.2 VISIE
Een fietsplan maakt deel uit van een gebiedsdekkend mobiliteitsplan, waarbij duurzaamheid de norm zou moeten zijn. Dit mobiliteitsplan moet vertrekken vanuit duidelijke, meetbare actuele gegevens en even duidelijk meetbare doelen. Deze kunnen bijvoorbeeld de volgende zijn:
• huidig percentage woon-werkverplaatsingen per fiets en het doel over 5 en 10 jaar
• huidige totaalafstand fietspaden en doel over x jaren
• huidige en toekomstige verhouding voetgangers/fietsers/automobilisten
• geplande methodes om fietsgebruik te promoten
1.3 HET STOP-PRINCIPE STAAT VOOROP
De fietsambtenaar stelt een doelgerichte en planmatige werking voorop bij de implementatie van het STOP-principe (Stappers, Trappers, Openbaar vervoer, Personenwagen/Privaat gemotoriseerd vervoer) en verfijnt het bovenlokale fietsroutenetwerk verder tot een fijnmazig stedelijk fietsroutenetwerk.
Een doorgedreven scheiding van zacht en zwaar verkeer dient steeds voorop te staan: het fietsrouteplan mag niet overlappen met routes van zwaar verkeer. Waar een fietsroute een weg met zwaar of snel verkeer kruist moet een veilige oversteek voorzien zijn.
![]()
De nieuw aangeboden infrastructuur beantwoordt onvoldoende aan de toenemende fietsintensiteit, evenmin aan de nieuwe fietstrends: elektrische fietsen, bakfietsen, aanhangfietsen, fietskarren, elektrische rolstoelen!
![]()
Het STOP-principe is een mooi principe, maar helaas bijna altijd dode letter. Ook bij omleidingen dient het STOP-principe te worden gerespecteerd wat bijna nooit het geval is.
1.4 EEN OMVATTEND FIETSCIRCULATIEPLAN
Het fietscirculatieplan omvat fietspaden, fietslogo’s op de weg in zones met gemengd verkeer, fietsstraten, zones met gemengd verkeer en fietsbare trage wegen. Dit netwerk verbindt alle wijken en alle belangrijke bestemmingen met elkaar zodat ze veilig, direct en comfortabel met de fiets bereikbaar zijn. De principes in het opgestelde stedelijk fietsparkeerplan, een integraal onderdeel van het algemeen parkeerplan, garanderen bovendien dat iedere fietser zijn fiets comfortabel kan stallen op alle punten waar fietsers vertrekken of aankomen.
1.5 HET WEGWERKEN VAN ZWAKKE SCHAKELS
De kwaliteit van dit routenetwerk in de stad wordt mee bepaald door het wegwerken van zwakke schakels, zoals gevaarlijke kruisingen met een ring- of gewestweg en zones zonder vrijliggend fietspad buiten de bebouwde kom. Ook het nemen van infrastructurele maatregelen die de snelheidsbeperkingen voor het gemotoriseerd verkeer in de bebouwde kom of zone 30 afdwingen, zijn prioritair.
1.6 OVERLEG EN INSPRAAK ZIJN CRUCIAAL
Een succesvol stedelijk fietsbeleid staat of valt met overleg. Nog te dikwijls stopt een fietspad aan een gewest- of gemeenteweg. Dit getuigt niet van een efficiënt en vernieuwend bestuur. De (her)aanleg van kruispunten en fietswegen noodzaakt coördinatie tussen diverse overheden, nutsmaatschappijen, openbaar vervoeraanbieders en belangengroepen.
In Gent bestaat geen structureel fietsoverleg met de Fietsersbond. Dit is een periodiek overleg tussen de schepen van mobiliteit en openbare werken, het gewest, de provincie, diverse kabinetten waaronder dat van de burgemeester, vertegenwoordigers van de politiezone en de lokale afdeling van de Fietsersbond. Voor het stadsbestuur is de lokale afdeling van de Fietsersbond een noodzakelijke partner.
![]()
The Loop is een voorbeeld van hoe een project kan mislopen zonder goed overleg.
![]()
Het feit dat er occasioneel overleg is en de Fietsersbond meer en meer om een visie gevraagd wordt bij grote projecten.
![]()
Te weinig samenwerking tussen de verschillende partijen; NMBS, de Lijn, Gewest. Gevolg: grote infrastructuurprojecten (vb spoorbruggen in Drongen) waarbij de stad met deze partners in zee ging, leidden dan ook niet bepaald tot een goed resultaat voor de verschillende verkeersdeelnemers.
De Gentenaar is onwetend over de beperkte inbreng van de stad in deze complexe dossiers maar stelt wel enkel en alleen de stad verantwoordelijk.
1.7 EEN JAARLIJKS FIETSRAPPORT
Een fietsrapport is een goede manier om het eigen beleid te evalueren en te controleren of men de doelstellingen haalt. Bevragingen aan de bevolking dienen om te weten te komen of de tevredenheid effectief toeneemt en waar volgens de bevolking nog knelpunten zijn.
![]()
Noch de stad Gent, noch de provincie of het gewest publiceert een fietsrapport.
![]()
De stad heeft al wel bevragingen gedaan aan de bevolking.
1.8 GOEDE FIETSKAARTEN
Goede fietskaarten brengen niet alleen alle functionele en toeristische fietswegen (fietspaden, fietsroutes, fietsknooppunten) samen maar duiden ook wandelwegen en de lijnen van het openbaar vervoer aan.
Aparte schoolroutekaarten, die de veiligste route naar school aanduiden, stimuleren ouders om hun kinderen met de fiets naar school te laten gaan. Ook kaarten die zich toespitsen op woon-werkverkeer) blijven noodzakelijk. Bewaakte en/of overdekte fietsstallingen, fietsherstellers, openbare fietspompen, oplaadpunten voor elektrische fietsen en fietsverhuurders horen op de kaarten thuis.
Alle documenten worden zowel elektronisch als op papier aangeboden.
Zie als voorbeeld de fietsrouteplanner via de website www.gentfietst.be, waar je enkele leuke parameters kan invullen bij het berekenen van je route vb. ‘kasseien vermijden’ of ‘tramsporen vermijden’.
![]()
De stad Gent publiceerde een uitstekende gratis overzichtskaart voor de fietser, wat later evolueerde tot de interactieve site Gentfietst.be.
![]()
Buurten worden te weinig geïnformeerd over nieuwe fietsroutes. De wijknieuwsbrief is hier een goed instrument voor.
1.9 REGELMATIGE FIETSTELLINGEN
Regelmatige fietstellingen sturen het fietsbeleid uiteraard bij wanneer dat noodzakelijk blijkt.
![]()
Gent installeerde twee fietstelpalen, die een indicatie geven van het aantal passerende fietsers op die locaties.
![]()
Er zijn te weinig fietstellingen en de gegevens worden niet uitgewisseld.
2 DE KORTSTE ROUTE
2.1 DE KORTSTE ROUTE IS ALTIJD VOOR DE FIETS
Gent dient de mobiliteit zo te organiseren dat de kortste route altijd voorbehouden is voor de fiets en de langste route voor de auto. Maak van de fiets de kampioen van de korte verplaatsingen. Gent moet een samenhangend stelsel van fietsverbindingen voorzien die fietsers een zo direct mogelijke route naar hun bestemming biedt, waarbij omrijden tot een minimum beperkt blijft. Daarnaast engageert Gent zich om kwaliteitsvolle, diefstal- en vandaalbestendige fietsparkeervoorzieningen te voorzien op alle punten waar fietsers vertrekken of aankomen.
![]()
Eenrichtingsstraten met tweerichtingsverkeer voor fietsers voorzien van een fietspad of suggestiestrook in tegenrichting: bv Achilles Musschestraat en Oude Houtlei.
![]()
Reep stuk tussen Lieven Bauwensplein en Seminariestraat
2.2 DE FIETS OP DE EERSTE PLAATS
De fiets dient een prominente plaats te krijgen in de ruimtelijke ordening en de ruimte dient verdeeld te worden op maat van de fietser.
Wonen, werken, winkelen en de school van de kinderen dienen zoveel mogelijk op fietsafstand van elkaar te worden ingepland.
2.3 HET BELANG VAN DE FIETSTOETS
Fietsinfrastructuur en –ondersteuning groeit vlotst door consequente toepassing van de Fietstoets. Met de Fietstoets wordt bij elke verkeersingreep de gevolgen voor het fietsverkeer nagegaan. Hij is als beleidsinstrument minstens even belangrijk als het STOP-principe. Elke stadsadministratie hoort op zijn domein te betrekken, en de Fietstoets toe te passen (bv fietsstallingen op scholen). Een fietsambtenaar hoort hierbij eerder een (kennis)ondersteunende dan een (project)trekkende rol te vervullen.
De stad moet zich engageren om elke bouwvergunning en elke wegenwerf (zowel bij integrale heraanleg als bij herasfalteren ea) te onderwerpen aan de Fietstoets. Lacunes in wetgeving en regelgeving om een Fietstoets toe te passen dienen gemeld aan hogere bestuursniveaus (bv spoorbruggen in Drongen).
Ze verplicht alle gemeentediensten en private eigenaars om bij nieuwe bouwprojecten rekening te houden met de bereikbaarheid met de fiets en te voorzien in toekomstgericht voldoende en bereikbare fietsenstallingen.
Bovendien dient bij elk belangrijk project (privé, Groendienst, stadsontwikkelingsbedrijf, UGent, hogescholen,…) nagegaan te worden of er mogelijkheden zijn om doorgaand fietsverkeer maximaal te accommoderen.
Tot slot dient de stad bij werken aan de openbare weg te voorzien in een duidelijke wegomleiding op maat van de fietser.
2.4 EEN HIËRARCHISCH OPGEBOUWD FIETSNETWERK
De stad moet een hiërarchisch opgebouwd fietsnetwerk uitwerken dat een onderscheid maakt tussen hoofdroutes, bovenlokale routes en lokale routes. Het lokale beleidsniveau is het uitgelezen beleidsniveau om in te zetten op korte verplaatsingen. Naast de dringende effectieve realisatie van de bovenlokale functionele fietsnetwerken – concreet de aansluiting met fietspaden aan de gemeentegrenzen (randgemeenten) -, moet Gent in de volgende legislatuur expliciet investeren in de realisatie van een eigen fijnmazig fietsnetwerk. Deze maasverkleining moet ervoor zorgen dat de lokale (korte) fietsverplaatsing sneller is dan de lokale (korte) autoverplaatsing, conform het STOP-principe.
![]()
In het fietsnetwerk is de oversteekbaarheid van wegen zoals de R40 een belangrijk punt. Deze weginfrastructuren vormen nu een zware barrière voor fietsers en voetgangers.
2.5 HET ONTVLECHTEN VAN HET AUTO- EN FIETSNETWERK
Dit vormt de sleutel tot het succes van de fietsverplaatsing en de fietsveiligheid. Een doordacht fietsnetwerk bestaat uit fietssnelwegen naar de stad, fietspaden en fietsstraten in het centrum en autoluwe en autovrije zones in het kerngebied.
De directheid omvat alle factoren die de reistijd van de fietser beïnvloeden: bijvoorbeeld de verkeerslichten, de omrijfactor, het oponthoud…. .
2.6 SLUIPVERKEER WEREN
De door het autoverkeer gebruikte sluiproutes dienen te worden onderbroken, vooral in straten die een wezenlijk onderdeel uitmaken van fietsroutes. Zo blijven kleinere straten beschikbaar voor het fietsverkeer.
De stad dient het gemotoriseerd sluipverkeer te onderbreken met een fietsvriendelijke autoknip zodat de kortste en veiligste route steeds voor de fietser is.
![]()
De “fietsstraat” Visserij kreunt onder sluipverkeer dat de Lange Violettestraat of de R40 richting Dampoort vermijdt.
2.7 VOORZIE VOLDOENDE, AANGEPASTE EN NABIJE FIETSPARKEER-VOORZIENINGEN
Met het op te stellen gemeentelijk fietsparkeerplan, een integraal onderdeel van het algemeen parkeerplan, moet de stad kwaliteitsvolle, diefstal-, en vandaalbestendige fietsparkeer- voorzieningen voorzien op alle punten waar fietsers vertrekken of aankomen.
Het Mobiliteitsbedrijf houdt zich bezig met het zoeken naar fietsstallingsmogelijkheden, al blijven ze achterophinken ten opzicht van het aantal fietsen. En we zien ook een toenemend aantal diefstalveilige fietsstallingen. Toch blijft het zo dat bij winkels wel voorzien wordt in autoparkeerplaatsen, maar niet in fietsenstallingen
![]()
Straatstallingen in woonwijken voldoen aan een grote behoefte.
Het moet de regel zijn dat stedelijke instellingen en andere gemeenschapsvoorzieningen zoals culturele centra, sporthallen, bibliotheken, scholen, het stadhuis en de buitensportinfrastructuur, beschikken over comfortabele en diefstalveilige fietsenstallingen. Dit betekent dat fietsen op zijn minst met het kader aan een vast voorwerp bevestigd kunnen worden, dat de fietsenstalling overdekt en verlicht is en dat op diefstalgevoelige plaatsen wordt voorzien in een of andere vorm van bewaking. Zorg er bovendien voor dat fietsenstallingen steeds centraal en dicht bij de ingang van het gebouw zijn gepositioneerd en goed zichtbaar zijn.
Deze normen moeten ook gepromoot worden voor andere door het publiek bezochte plaatsen (scholen, winkels, …) en, in aangepaste vorm, voor werknemers van bedrijven.
Het stallingstype “Gent” is degelijk, robuust en mobiel, maar eerder lomp en enkel bruikbaar voor klassieke fietsen. Het model is ook niet optimaal ivm schade aan rem- en versnellingskabels.
Daarom pleiten we – cf. de praktijk in bv Berlijn, Hamburg of Kopenhagen – voor het materiaalarmere, vaste “nietjes”-model, met eindeloze kleur- en vormvariaties.
Een fietsenstalling waar de fiets enkel met het voorwiel bevestigd kan worden (ook bekend als ‘wielplooier’) is uit den boze. Waar mogelijk dienen deze normen te worden opgelegd (bv. bij bouwvergunningen).
![]()
De stad Gent plaatst meer en meer fietsstallingen.
![]()
Deze hebben zeer vaak een te kleine capaciteit.
Het is belangrijk dat op regelmatige basis weesfietsen (achtergelaten fietsen die capaciteit innemen in fietsrekken) en fietswrakken uit de fietsenstalling worden verwijderd. In woonbuurten kunnen gemeenschappelijke fietsenstallingen het gebrek aan plaats voor gestalde fietsen in de individuele woningen opvangen. Fietstrommels of -kluizen voor gemeenschappelijk gebruik vormen hier een uitstekend alternatief. Delen van autoparkeergarages kunnen omgevormd worden als fietsstalling.
![]()
Gent heeft overdekte fietstrommels zoals Rotterdam
![]()
maar Gent heeft tot vandaag geen enkele bewaakte fietsstalling.
2.8 DE FIETSPARKEERNORM
De stad moet een fietsparkeernorm uitwerken die alle gemeentediensten en private bouwheren verplicht om voldoende en in realiteit bruikbare fietsenstallingen te voorzien in elke nieuwbouw.
Stadsbesturen moeten ook het voortouw nemen in het overleg met de Lijn en de NMBS om haltes van het openbaar vervoer te voorzien van kwaliteitsvolle en diefstalveilige fietsenstallingen. Knooppunten van openbaar vervoer zoals hoofdhaltes of treinstations moeten daarnaast ook versterkt worden met voorzieningen als fietspunten en deelfietsen zoals Blue-bikes.
Een bewaakte en vooraf goed aangekondigde fietsenstalling bij eenmalige festiviteiten en evenementen in de stad zal veel mobiliteitsproblemen oplossen die dergelijke massa-activiteiten met zich meebrengen. Tegelijkertijd zal deze voorziening georganiseerde fietsdiefstal helpen voorkomen.
Verkeerspolitie zorgt door het aanbrengen van het rijksregisternummer dat gestolen fietsen sneller kunnen worden teruggevonden. Er is ook de website www.gevondenfietsen.be
![]()
De bewaakte fietsenstallingen tijdens de Gentse Feesten zijn een illustratie van de behoefte aan en het succes van dit concept.
![]()
Het overweldigende succes van StudentENMobiliteit en MaxMobiel.
![]()
Een fietsverhuursysteem buiten de kantooruren ontbreekt.
2.9 HANDHAVING
Naast degelijke stallingen speelt ook handhaving een cruciale rol. Politiepatrouilles met aandacht voor fietsenstallingen, opvolging van diefstalmeldingen en specifieke aandacht voor dievenbendes zijn dan ook noodzakelijk.
![]()
Een gecoördineerd fietsdiefstalbeleid ontbreekt.
![]()
De fietspolitiebrigade heeft te weinig manschappen.
3 VEILIGHEID
3.1 HET VADEMECUM FIETSVOORZIENINGEN IS DE LEIDRAAD
Verkeersonveiligheid is een van de belangrijkste redenen om de fiets te laten staan. Meer veiligheid zorgt dan ook voor meer fietsers. De dalende trend inzake dodelijke en zware verkeersongevallen zet zich momenteel echter niet door bij fietsongevallen.
De stad moet ervoor zorgen dat de fietsvoorzieningen de veiligheid van de fietsers en de overige weggebruikers waarborgen. Naast verkeersveiligheid gaat het hier ook om sociale veiligheid. Wanneer de gemeente nieuwe fietsinfrastructuur aanlegt, of bestaande fietsinfrastructuur verbetert, dient de gemeente de ontwerpprincipes van het Vademecum Fietsvoorzieningen als leidraad te nemen. Deze ontwerpprincipes gelden voor de Fietsersbond als absolute minimumnormen, niet als maximumnormen.
3.2 STEL HET 30/50/70-PRINCIPE VOOROP
Bij de keuze voor het mengen of scheiden van autoverkeer en fietsverkeer, dient de gemeente het 30/50/70 principe voorop te stellen. Als er maximum aan 30 km/u mag worden gereden, dan kan gemengd verkeer, hoewel ook hier gepoogd moet worden om minstens fietssuggestiestroken aan te leggen. Bij een snelheidsregime van maximum 50 km/u hoort minimaal verhoogde aanliggende fietsinfrastructuur. Wegen waar maximum aan 70 km/u mag worden gereden, vragen vrijliggende fietsinfrastructuur.
Een evaluatie van het toegepaste snelheidsregime per straat is dringend nodig. We stellen voor om smalle wegen per definitie een traag snelheidsregime te geven.
![]()
De ontelbare fietsonvriendelijke verkeersregelingen. Onveilige oplossingen bij werken en werven. Geen wachttijdvoorspellers. Talloze conflicten op inritten en kruispunten.
![]()
De manifeste onwil bij veel (Gentse) automobilisten om hun rijstijl aan te passen in straten met BEV (beperkt eenrichtingsverkeer met uitzondering voor fietsers).
Snelheidsverminderende maatregelen dienen fietsers niet te hinderen.
![]()
Digitale snelheidsborden die aangeven hoe hard er gereden wordt.
3.3 INVOERING ZONE 30
Zone 30 dient dusdanig te worden ingericht zodat verkeersdeelnemers zich zonder controle aan deze snelheidsbeperking houden. Zones 30 moeten bovenal echte zones zijn en geen gefragmenteerde opeenvolging van verkeersborden.
In de kerngebieden waar de woon- en recreatiefunctie aanwezig is, dient de verkeersfunctie ondergeschikt te zijn.
![]()
Er wordt meer zone 30 ingevoerd.
3.4 WOONERVEN, WINKELSTRATEN, PARKEN EN PLEINEN
Naast de ontwikkeling van zones 30 kan men in woon- en winkelbuurten ook opteren voor het inrichten van woon- en winkelerven. Deze erven zijn niet alleen fiets- en voetgangers- vriendelijk maar bovenal kindvriendelijk.
3.5 CONFLICTARME KRUISPUNTEN
De stad moet maximaal investeren in conflictarme kruispunten door te kiezen voor ongelijkgrondse kruisingen (tunnels of bruggen), verhoogde en in rood gemarkeerde doorlopende fietspaden, fietsopstelstroken en een aangepaste lichtenregeling. De Fietsersbond pleit voor het ondergeschikt maken van autodoorstroming aan de verkeersveiligheid.
3.6 DE FIETSSTRAAT
In de nieuwe wegcode leent het concept van de fietsstraat zich uitermate om toegepast te worden op enkele lokale fietsassen waar de auto gedoogd wordt. Bij het opmaken van fietsroutes, wijkcirculatie- en mobiliteitsplannen en bij het inrichten van straten dient de aanleg van een fietsstraat overwogen te worden.
Inhalen van fietsers door automobilisten in smalle straten met te weinig ruimte is verboden door het verkeersreglement en leidt tot ongevallen. Het is echter de regel, zeker in lange rechte straten (Visserij, Muinkkaai), en leidt tot een groot onveiligheidsgevoel bij fietsers.
![]()
Gent heeft sinds kort twee fietsstraten, maar aan de vorm en de aansluiting moet nog gesleuteld worden.
![]()
Fietsstraten dienen autoluw te zijn.
3.7 TWEERICHTINGSFIETSPADEN LANGS BEIDE ZIJDEN
We zijn geen voorstander van fietspaden in twee richtingen tenzij in geval van slechte oversteekbaarheid: op drukke wegen met moeilijke oversteekbaarheid (de meeste 2×2 rijvakken), waar een sterke scheiding van de verkeerssoorten wordt toegepast. Hierbij dient bijzondere aandacht besteed te worden aan de mogelijke conflictpunten (kruispunten, inritten, overgang naar tweezijdig fietsverkeer). Tweerichtingsfietspaden kunnen op lange afstandsroutes, en zijn noodzakelijk op plaatsen met slechte oversteekbaarheid (bv R40, zie foto)
Omwille van het hoger aantal mogelijke conflictpunten geniet deze optie geen voorkeur binnen de bebouwde omgeving, tenzij in uitzonderlijke omstandigheden en met bijzondere aandacht voor de mogelijke conflictpunten. Er mogen nooit tweerichtingsfietspaden aangelegd worden omwille van ruimtebesparing.
3.8 VOLDOENDE ACCENTVERLICHTING
De stad moet zorgen voor voldoende accentverlichting (dit is verlichting specifiek voor fietsers en voetgangers, vaak gebruikt bij oversteekplaatsen). Deze accentverlichting moet ‘s morgens later en ‘s avonds vroeger branden dan de gewone straatverlichting. Vooral de start en het einde van de schooluren zijn een belangrijk moment om tijdens de donkere periode te voorzien in accentverlichting.
![]()
Op belangrijke fietsroutes is de verlichting ’s nachts gebrekkig.
Bijvoorbeeld: bepaalde delen van de R4, waar bovendien de fietser verblind wordt door auto’s uit tegenrichting.
3.9 OBSTRUCTIES
Rioolputroosters, elektriciteitscabines, parkeermeters, glascontainers, onoordeelkundig geplaatste paaltjes en andere obstructies horen niet op het fietspad thuis. Ze belemmeren de fietsdoorstroming en zijn vaak ook gevaarlijk.
![]()
voorbeeld: roosters tussen tramrails bij Kobrawerken moeten dwars liggen en niet in langsrichting zoals nu.
3.10 LAAT VERKEERSOVERTREDERS NIET BEGAAN
Om meer mensen op de fiets te krijgen is een veilige verkeersomgeving noodzakelijk. De rol van de politie is hier van essentieel belang. Daarom is het belangrijk dat overtredingen die zachte weggebruikers in gevaar brengen, effectief worden gecontroleerd en vervolgd. Vooral het overtreden van voorrangregels, het parkeren op fietspaden, het te dichtbij inhalen, een overdreven of onaangepaste snelheid en de rol van alcohol in het verkeer creëren dikwijls levensgevaarlijke situaties voor fietsers. Het inzetten van patrouilles per fiets kan de ernst van dergelijke overtredingen doen inzien.
3.11 VERKEERSONGEVALLENREGISTRATIE
Het is belangrijk dat de verkeersongevallen cijfers op een systematische manier worden bijgehouden. Dit is een belangrijk hulpmiddel om de infrastructuur (conflictrijke kruispunten en rotondes, fietspaden naast parkeerstroken, fietsoversteekplaatsen, zelfs fietspaden in de bebouwde kom…) kritisch te evalueren.
![]()
De ongevallenstatistieken voor Gent zijn zeer onnauwkeurig. Zo zijn er voor 2005-2009 volgens de statistieken zes doden, terwijl Fietsersbond Gent weet heeft van negen dodelijke ongevallen.
3.12 PRAKTIJKGERICHTE VERKEERSEDUCATIE EN SENSIBILISATIE
Gent moet scholen ondersteunen met verkeerseducatief lesmateriaal om kinderen theoretisch te onderrichten in het verkeer. Bovendien dient ze ‘schooleducatieve routes’ uit te werken die kinderen leren fietsen in het werkelijke verkeer. De stad stelt voorop dat alle kinderen die het lager onderwijs verlaten een fietsexamen hebben afgelegd met het oog op het behalen van een fietsbrevet. Daarnaast is het verspreiden van schoolroutekaarten, die de veiligste route naar school aanduiden, een belangrijke taak van de gemeente. Deze kaarten zijn vaak een belangrijke stimulans voor ouders om hun kinderen met de fiets naar school te laten gaan.
Naast een goed onderbouwd educatief programma voor kinderen, zoals onder andere aan bod komt in de Fietsersbondpublicatie ‘Zet je kinderen veilig op weg’ en het lespakket ‘goed gezien’ over de dode hoek, hebben ook andere maatschappelijke groepen hier baat bij.
![]()
Gent heeft een fietsschool opgericht.
3.13 EEN DUIDELIJK FIETSVERLICHTINGSBELEID
Met een duidelijk gecommuniceerd fietsverlichtingbeleid dient de gemeente alle fietsers te bereiken. Ze engageert zich om fietsverlichtingcontroles op tijd aan te kondigen (bijvoorbeeld via scholen) en biedt fietsers de mogelijkheid om, na een eerste controle, hun gebrekkige of ontbrekende fietsverlichting in orde te brengen. Een repressief sanctioneringbeleid is slechts het laatste middel.
![]()
Gent voert een actief fietsverlichtingsbeleid in het najaar.
4 COMFORT
4.1 KWALITATIEVE FIETSINFRASTRUCTUUR IS EEN MUST
Als fietsbeweging dienen we kwaliteit voorop te stellen. De fiets- voorzieningen moeten niet enkel een vlotte en veilige doorstroming van het fietsverkeer mogelijk maken. Wij moeten ook comfortabel en plezierig kunnen bewegen: brede netjes gladgestreken fietspaden, tussen bomen en plantsoenen, sportief, gezond, milieuvriendelijk en goedkoop, meer moet het niet te zijn, maar ook niet minder.
4.2 VAN EEN PROJECTMATIGE AANPAK NAAR EEN STRUCTUREEL BEHEER
Gerichte investeringen kunnen niet zonder inzicht. Meten is weten. De stad dient met een meetfiets een audit te maken van de fietsinfrastructuur om concreet zicht te krijgen op de hoeveelheid, de kenmerken, de locatie en bovenal de kwaliteit van de fietspaden / fietswegen op haar grondgebied. Deze nulmeting moet het vertrekpunt zijn van een structureel beheer.
Op basis van de auditresultaten en de ervaren noden stelt de gemeente een meerjarenplanning op en stelt ze per jaar meetbare doelstellingen voorop.
Als Gent een fietsvriendelijke infrastructuur tot stand wil brengen, moet er worden uitgegaan van de verplaatsingsbehoefte van de fietser, los van de bestaande infrastructuur. Functionele en recreatieve fietsroutenetwerken stellen verschillende gebruikerseisen en ook de gebruikersintensiteit van specifieke trajecten speelt een rol. Een meetfiets is een objectief instrument hiertoe.
![]()
Zelfs recent aangelegde fietspaden (vb Neermeerskaai) zijn dikwijls moeilijk om op te rijden, vooral voor wie afslaat.
![]()
Fietspaden zijn niet aangepast aan nieuwe evoluties zoals bakfietsen.
4.3 KIES ASFALT VOOR FIETSPADEN
Hoe beter het comfort van de wegen en de fietsinfrastructuur, hoe meer mensen ook effectief de fiets zullen nemen. Niet zelden is het gebruik van betonstraatstenen, tegels of klinkers voor de aanleg van fietspaden de oorzaak van veel ellende. Nieuw aangelegde fietspaden worden na verloop van enkele maanden of jaren een opeenvolging van putten, verzakkingen en gaten.
Alleen monolithische verharding in asfalt en in mindere mate cementbeton bieden alle fietsers voldoende comfort. Gent moet zich voornemen om het betegelde fietspad mee te asfalteren wanneer de rijweg wordt geherasfalteerd.
4.4 HET PROBLEEM VAN DE OVERGANGEN
Fietsverplaatsingen mogen geen hindernissenparcours zijn. Verhoogde fietspaden moeten worden doorgetrokken en het afslaande of kruisende gemotoriseerde verkeer moet het hoogteverschil overwinnen. Er mogen ook geen onlogische en scherpe bochten in fietspaden zitten. Fietsinfrastructuur moet ontworpen worden voor snelheden van zeker 25 km/h.
![]()
Er mankeren teveel fietsopstelstroken (bv Burggravenlaan). Een inventaris en planmatige aanpak dringt zich op.
4.5 ONDERHOUD EN HERSTEL FIETSPADEN
Het onderhoud van fietspaden en een consequente winterdienst zijn heel belangrijk. Onderhoud van fietsinfrastructuur — putten vullen, glasscherven vegen, verzakkingen wegwerken, struikgewas en brandnetels maaien, zwerfvuil opruimen, wegbermen onderhouden … — veronderstelt een onderhoudsplan en de aankoop van specifiek onderhoudsmateriaal. Ook tijdens de winter moeten de fietspaden befietsbaar blijven.
De stad onderhoudt fietspaden niet louter na het melden van de ontstane hinder, maar stelt een preventief onderhoud voorop.
![]()
Er is de afgelopen jaren een positieve evolutie op dit vlak.
![]()
Klachten over komgoten (Prinses Clementinalaan), paaltjes op fietspaden, putten en verzakkingen in het fietspad, plassen, betonblokken op het fietspad.
4.6 VERMIJD NUTSVOORZIENINGEN ONDER FIETSPADEN
De stad dient een structurele oplossing uit te werken voor slechte, definitieve herstellingen aan fietspaden na ingrepen van nutsbedrijven. Kies voor een definitieve herstelling met een vaste aannemer (bv tweemaal per jaar) en laat de nutsbedrijven deze factuur betalen.
4.7 TIJDENS DE WERKEN
Dikwijls moeten fietsers het stellen met een bordje ‘fietsers hier afstappen’ of ‘fietsers op de rijbaan’. Het bordje ‘fietsers op de rijbaan’ dient gepaard te gaan met de nodige maatregelen om het fietsverkeer zo veilig en comfortabel mogelijk te maken. Hier telt ook het STOP-principe.
![]()
In Gent zijn er (behalve bij werven van het Vlaamse Gewest) geen belangrijke werven waar de bestaande regelgeving zelfs maar bij benadering wordt toegepast (vb. heraanleg Kortrijksesteenweg). De politie is hier veel te laks.
4.8 DENK AAN DE GEZONDHEID VAN FIETSERS
Ook de luchtkwaliteit speelt een rol. Hierbij weegt het gezondheidsaspect door: de uitstoot door gemotoriseerd verkeer kan leiden tot gezondheidsproblemen, op zowel korte als lange termijn. Dit betekent dat bij de opbouw van een fietsnetwerk de stad combinaties van fietsverbindingen met drukke stromen autoverkeer vermijdt. Een goed aangelegd fietspad naast een drukke autoweg die een grote geur- en lawaaihinder genereert, is niet comfortabel.
5 AANTREKKELIJKHEID
5.1 EEN UNIFORME EN DUIDELIJKE BEWEGWIJZERING
Een uniforme, begrijpelijke en duidelijke bewegwijzering op maat van de functionele en recreatieve fietser is een belangrijke voorwaarde voor een aantrekkelijk fietsroutenetwerk. De stad dient de vindbaarheid te optimaliseren door steden, dorpen, wijken, voorzieningen en publieksfuncties op te nemen in een systeem van fietsbewegwijzering. Aansluiting bij de provinciale bewegwijzering is nodig.
5.2 INVESTEER IN STATUSVERHOGENDE FIETSINFRASTRUCTUUR
Fietsvoorzieningen moeten zodanig worden vormgegeven en in de omgeving worden ingepast dat het aantrekkelijk wordt om te gaan fietsen. Statusverhogende investeringen zijn belangrijk om de plaats en positie van de fietser te beklemtonen. De ruimtelijke taal moet niet alleen functioneel en duidelijk zijn, maar ook attractief. Een bewegwijzering, verlichting en fiets- infrastructuur die kwaliteit uitstraalt, bankjes en beplanting, kunstwerken enz… vormen een absolute meerwaarde. Een fietsteller met ingebouwde fietspomp, innovatieve oplaad- punten voor elektrische fietsen…, de mogelijkheden voor een doordachte fietsmarketing zijn eindeloos.
5.3 DOE MEE MET CAMPAGNES
Sensibilisatiecampagnes kunnen het fietsgebruik doen stijgen en een positieve impact hebben op de leefbaarheid. Naast de ontwikkeling van een fietslogo en eigen promotiecampagnes, neemt de stad ook het voortouw in reeds bestaande acties, zoals “Met Belgerinkel naar de Winkel”. Ze erkent zo dat de plaatselijke middenstand en horeca alle baat heeft bij een frequenter fietsgebruik.
![]()
Gent neemt deel aan nationale acties zoals “Met Belgerinkel naar de Winkel” en de autoloze zondag.
5.4 GEEF HET GOEDE VOORBEELD
Gent dient zo veel mogelijk initiatieven te nemen om het fietsgebruik in het woon-werkverkeer van het gemeentepersoneel te verhogen. Ze stimuleert werknemers om zich te registreren op Bike to Work. Dit project van de Fietsersbond motiveert Belgische werknemers om vaker naar het werk te fietsen, al of niet in combinatie met andere vervoersmodi. Regelmatige fietsers zijn op jaarbasis gemiddeld één dag minder ziek zijn, een groot voordeel voor de stad als werkgever. Werknemers worden met een uniek fietspuntensysteem en een reeks leuke wedstrijden bovendien gestimuleerd om te blijven fietsen.
Politieke mandatarissen kunnen ook zelf het goede voorbeeld geven door de fiets te gebruiken voor korte afstanden. Dat is enorm belangrijk voor het imago van de fiets als efficiënt en snel vervoermiddel. Zo ervaren politici ook aan den lijve aan welke eisen fietsinfrastructuur moet voldoen. Ze zullen zelf de knelpunten (h)erkennen.
![]()
Ambtenaren worden niet gestimuleerd om problemen te melden.
5.5 FIETSVRIENDELIJKE WERKOMGEVING
De stad en het OCMW biedt haar werknemers een fietsvergoeding aan, voorziet een omkleedruimte en is een voortrekker in het aanbieden van elektrische fietsen en oplaadpunten. Voldoende kwalitatieve fietsenstallingen en een betalend parkeerbeleid voor auto’s zijn hierbij noodzakelijk.
5.6 WATERWEGEN
Gent heeft veel voor op andere steden kwestie van aantrekkelijkheid door de talloze waterwegen in de stad. Deze zijn enerzijds een hindernis voor de fietsers en vragen om een betere fietsinfrastructuur (bvb fietsbruggen en onderdoorgangen), anderzijds kunnen ze een grote meerwaarde zijn in de stad. Niets aangenamer dan fietsen langs water, maar dit zou veel beter kunnen en vraagt om een algemeen plan en beter onderhoud.
![]()
Ferdinand Lousbergskaai, Voorhoutkaai, Huidevetterskaai, Achterleie, Kraanlei, jaagpad Bovenschelde van Ledeberg naar Merelbeke
![]()
Groendreef en verder richting Mariakerke
De Punt in Gentbrugge
Voor vragen en reacties:
Fietsersbond Gent
A. Musschestraat 89
9000 Gent
kern@fietsersbondgent.be
Verlanglijstje (3): werfbeheersing & signalisatie (1)
5 oktober 2012
Elk verkiezingsdebat bevat minstens 22 maal het woord uitdaging, 12 maal het woord werken of werf, en 200 woordvarianten op geld of budget.
Mobiliteit is in deze verkiezingen een hoofdthema.
Leg die vier zaken samen, en je krijgt alle mogelijke varianten op “wegomlegging” en “hinder”.
Met andere woorden: Gent zal de komende 20 jaar één grote werf zijn.
Denk maar aan de geplande/gedroomde tramlijnen.
Er zijn nog kilometers rioleringen en andere nutsleidingen aan te leggen of te vernieuwen.
In een historische, concentrische stad is de impact hiervan veel, véél groter dan in bijvoorbeeld een dambordstad.
Wie hierdoor niet ongelukkig wil worden kan maar beter zijn/haar verplaatsingsgedrag er aan aanpassen.
Stappen, fietsen en/of openbaar vervoer zullen evidentere keuzes worden, dat zie je nu al.
Een overheid die naam waardig communiceert hierover op een heldere manier, en op méér manieren dan een site of een folder.
Dat was in Gent de afgelopen 6 jaar in ieder geval beter dan daarvoor, en kan nog veel beter.
Een overheid die stappen en fietsen wil stimuleren hoort werfomgevingen helder te (laten) houden.
De metrowerf in Kopenhagen ziet er zo uit:
Elke keer als ik Duitsland of Denemarken werven zie denk ik: wat zijn de Belgische aannemers klungelaars.
Werfomgevingen in Gent waren de afgelopen jaren simpelweg een ramp.
Als het juridisch maar in orde was, en dan nog.
Het laatste jaar kenterde dat een beetje in positieve zin, maar afgelopen weken was het huilen met de pet op.
Een bloemlezing (what’s in a word…).
Zonder woorden:
Dit is het plotse einde van een druk tweerichtingsfietspad.
Geen signalisatie (hoe raak ik verder?).
Geen asfaltstrookje.
De weg wordt ingenomen door de werf.
Voetgangers en fietsers krijgen geen alternatief:
Een georganiseerd conflict tussen voetgangers en fietsers:
Dit is een tweerichtingsfietspad met oversteekplaats:
Zonder woorden:
Politiek, politiek
20 september 2012
U weet het vast wel, de gemeenteraadsverkiezingen komen eraan, nog 25 nachtjes slapen.
Vanavond kan u een debat meemaken over een hoofdthema: mobiliteit.
Gents Milieu Front organiseert.
Afspraak om half 8 in Vooruit.

U weet ongetwijfeld ook dat de gemeente (zo zegt men dat in Amsterdam, niet “stad”) véél, maar (helaas?) niet àlles te zeggen heeft over onze mobiliteit.
“Brussel” heeft een paar dikke vingers in de pap.
Enerzijds qua centen voor investeringen, anderzijds qua beheer en heraanleg van gewestwegen.
Zo start binnenkort (komende lente) de werf aan de Sterre.
Het lijkt een stap voorwaarts, maar het is toch een project waarin autodoorstroming topprioriteit blijkt te zijn.
Verkeersveiligheid volgt pas op de derde plaats, na autodoorstroming en snelheid van autoverkeer.
Lees hierover Fietsbult van 5 juni 2012.
Ja, de heraanleg is een verbetering vergeleken met de huidige situatie.
Nee, het is niet goed als toekomstgericht project.
Het was een zwart punt, en zal dit ook blijven.
De gemeente had hier duidelijk geen grote vinger in de toekomstpap.
Of durfde niet dwarsliggen.
Want dwarsliggen is vaak hetzelfde als het project in de diepvries stoppen.
Ook de kleine ring R40 is een gewestweg.
Daar zitten nog een aantal fietspadloze stukken in: Heernislaan, een stuk Keizervest, Tolhuisbrug en een stuk van Palinghuizen.
Hoe fietsonvriendelijk kan beleid zijn?
Al jaren dromen lokale politici van een stadsboulevard.
Maar ik zie -helaas- weinig beweging in deze droom.
Zondag kon u samen met vrienden en familie een rondje draaien op die ring.
Als draagvlak voor een groeiend fietsbeleid kon het tellen, wat een massa.
Politici van de vijf grote democratische partijen waren er ook:
Die brede aanwezigheid was niet bij elke editie zo.
Een snelle blik op de partijprogramma’s leert dat het woord “fiets” meer dan ooit ontdekt is / zijn plaats kreeg.
Ook dat was in het verleden niet bij alle parijen zo.
Dat geeft hoop voor de toekomst.
Eén
9 juli 2012
Op één wiel kan ik niet fietsen.
Geen ambitie.
Slechts in één richting kunnen oversteken is even ongewoon.
Vanuit de saskes geraak je “proper” in de Eendrachtstraat:
Dit is een propere oversteekplaats voor fietser, zoals ik er meer droom/verlang/hoop op de Gentse gewestwegen.
De omgekeerde richting wordt -raar maar waar- niet gestimuleerd.
Slechte lichten en geen markering op de weg:
Vergetelheid of bewust?
Toch even melden via het meldpunt fietspaden. (melding 107)
Steen per steen
27 juni 2012
De bouwvakantie en Gentse Feesten naderen.
Wat is de stand van zaken van een aantal wegenwerken die een verbetering of verandering voor fietsers betekenen?
De werf Kantienberg evolueert steen per steen, kassei per kassei.
Met dit hevige regenweer een stijle helling aanleggen lijkt me geen makkie.
Maar ook met mooi weer blijft kasseien leggen (leggen?) een traag proces.
En: benieuwd hoe lang deze kasseien vlak zullen blijven.
De toegang tot de fietsstalling van de Arteveldehogeschool wacht op afwerking.
Wachten op de Hogeschoolvakantie?
De aannemer gebruikt onorthodoxe signalisatie om een put te markeren:
Het positieve nieuws: de werken aan het verbindingspad richting Isabellakaai/Ter Plaetenbrug zijn begonnen. De voorbode van de langverwachtte onderdoorgang onder de R40 richting Stropkaai?
De werken aan die onderdoorgang starten normaal gezien eind 2012.Aanloop
22 juni 2012
In de Gentenaar staat een opsomming van de fietspadwerven voor de komende jaren.
Het artikel leest als een aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen, maar is vooral een opsomming van Fietsfondsdossiers.
De meeste lokaties van fietssuggestiestroken waren me onbekend: Verlorenkost (momenteel een brede racebaan met aan de randen afbrokkelend asfalt ), Langerbruggestraat (de enige fietslink tussen Oostakker en Evergem) en Voormuide (wil dat zeggen dat de -smalle- streepjesfietspaden verdwijnen?).
Ik ben nog steeds geen fan van suggestiestroken (het is meestal een exponent van een en-en-beleid), maar beter iets dan niets.
Elke extra “zichtbaarheid” van fietsaanwezigheid is welkom.
Misschien zal het effect van fietssuggestiestroken positief zijn als Gent (en de rest van België) er vol mee ligt.
Het is ook een goede zaak dat Gent -na jaren koppigheid- ook gekozen heeft voor de nationale kleurkeuze: beige.
De Bataviabrug, de symboolbrug aan de Oude Dokken, wordt volgend weekend officiëel geopend.
Aan stadszijde is de aanloopstrook net gegoten.
Is dit een aanloop voor een fietsroute of voor de komende gemeenteraadsverkiezingen?
Hier komt hopelijk/vermoedelijk nog rugdekking:
Aan de overkant is nog geen afwerking merkbaar, laat staan een fietsas:




























































