Home

Zondag leesdag

6 januari 2013

Zondag leesdag , bent u er klaar voor?
Hieronder het artikel dat Fietsersbond Gent aanleverde voor Frontaal, winter 2012.

NIEUW BESTUURSAKKOORD GETOETST AAN 10 PUNTEN VAN FIETSERSBOND

Begin oktober lanceerde Fietsersbond Gent een 10puntenplan, met de vraag om dit te vertalen in het nieuwe bestuursakkoord. Hieronder de 10 punten met daarbij de zinnen uit het bestuursakkoord die ermee verband houden. Oordeel zelf of je genoeg ambitie in ziet? Of bewaar je dit voor de verkiezingen in 2018? Opgelet: het is “droge kost”. Traag lezen helpt.

Punt 1 – Een integraal fietsbeleid via alle stadsadministraties en vergunningen, met algemene toepassing van het STOP-principe en de Fietstoets, bijvoorbeeld een degelijk fietsstallings- en fietsbereikbaarheidsbeleid bij alle school-, sport- en cultuurinfrastructuur, en alle stadsontwikkelingsprojecten.

Bestuursakkoord – … Om die groeiende verkeersdruk te keren moeten we kiezen voor een stadsvriendelijke mobiliteit waarbij het openbaar vervoer, de fiets en voetganger centraal staan volgens het STOP-principe (Stappen, Trappen, Openbaar Vervoer, Personenwagen). Dat is noodzakelijk om voor iedereen een leefbare woonomgeving en een vlotte bereikbaarheid van de hele kernstad en andere woonkernen te garanderen.

Ontbreekt – Het begrip Fietstoets komt nergens aan bod.

Punt 2 - Een nieuw mobiliteitsplan steunend op het STOP-principe i.p.v. het huidige én-én beleid.

OntbreektNergens is sprake van een nieuw mobiliteitsplan.

Punt 3 – Duidelijke, dwingende minder-hinder-richtlijnen bij werven op de openbare weg

(Nederlandse en Deense voorbeelden), met engagement voor werfcontroles.

Bestuursakkoord – …omleidingen moeten beperkt, duidelijk aangeduid en verkeersveilig zijn voor automobilisten, fietsers en voetgangers. Ook de toegankelijkheid van woningen, bedrijven en handels- en horecazaken moet gegarandeerd blijven. Door een betere coördinatie van de werken via de ‘Minder-hinder-cel’, wordt mobiliteitsimpact van werken maximaal beperkt. We gebruiken hierbij, naast duidelijke en afdoende signalisatie op en rond de werf, ook nieuwe technologie, zoals apps, automatische GPS-updates, dynamische verkeersgeleiding en sociale media. Via de website moet iedereen een overzicht van de werken, de omleidingen, de te verwachten hinder en alternatieve routes kunnen opvragen en downloaden.

Punt 4 – Een uitbreiding van de fietsbrigade van de politie, met focus op verkeersveiligheid op fietsassen en rond wegenwerven.

Bestuursakkoord – …Verkeersveiligheid handhaven, betekent o.m. doorgedreven snelheidscontroles onder meer in de zones 30, controles op fietsverlichting, parkeren op fietspaden, e.d.m. We sensibiliseren omtrent asociaal rijgedrag en doen gerichte acties. Geen woord over de fietsbrigade.

Punt 5 – Integraal zone 30 binnen de stadsring R40, en op andere plaatsen een herziening van de bestaande snelheidsregimes. Momenteel geldt bijvoorbeeld 70 kilometer per uur op smalle plattelandswegen.

Bestuursakkoord – …Verkeersveiligheid is een prioriteit. Daarom wordt de hele binnenstad binnen de R40 zone 30, met inbegrip van de Brugse Poort en de wijk Rabot, met uitzondering van de as Nieuwe Wandeling-Tolhuis. Daarenboven wordt de zone 30 ook uitgebreid tot alle woonstraten en wijkverzamelstraten buiten de R40.

Punt 6 – Het stimuleren van fietsassen (zoals de Visserij) door het knippen van autosluiproutes met 21ste eeuwse technologie.

Bestuursakkoord – …Waar veel fietsers voorbijkomen kunnen fietsstraten – straten met voorrang voor de fietsers – worden overwogen….De missing links in het (hoofd)fietsroutenetwerk worden versneld uitgevoerd, en waar nodig met ongelijkgrondse kruisingen. Het gaat daarbij o.m. om :

- De fietsas van Coupure Links tot aan de Trekweg. Langs de Coupure Links wordt de fietsas omgebouwd tot een fietsstraat met toegangsverkeer beperkt tot de omwonenden.

- De as Baudelookaai-Koepoortkaai wordt een aangename, veilige fietsroute tussen St.-Jacobs en St.Anna.

- De heraanleg van de Bisschopstraat en de Franse Vaart tot een veilige fietsroute. 

Punt 7 – Inzet voor fietsappreciatie en verkeerseducatie (rechten en plichten).

Bestuursakkoord – …Er komen meer stimulerende voorlichtings- en sensibiliseringsacties naar fietsgebruik. Zo blijft Gent meedoen met de campagne ‘Met belgerinkel naar de winkel’ en stimuleert op die manier zo veel mogelijk mensen om hun boodschappen met de fiets te doen. Daarnaast zet de Stad Gent projecten op om jongere en oudere Gentenaars (beter en veiliger) te leren fietsen… verder gerichte sensibiliseringsacties rond verkeersveiligheid, i.s.m. mobiliteitsorganisaties en met de buurten en de wijken (inwoners, werknemers, handelaars, …).

Punt 8 – Een actieplan met de Lijn voor een conflictvrij samenleven van tram en fiets.

Bestuursakkoord – …Er wordt voldoende plaats voor fietsers voorzien, zeker in straten met een druk  woon-schoolverkeer. Kasseien tussen tramsporen worden zoveel mogelijk vervangen door een verharding die comfortabel is voor fietsers en voetgangers.

Punt 9 – Het plaatsen van voldoende fietsenstallingen in alle woon- en winkelstraten, en de inzet van autoparkeergarages voor fietsstallingen.

 Bestuursakkoord – … Er komen voldoende veilige fietsenstallingen (onder meer fietstrommels) in woonwijken, bij winkelcentra, culturele en recreatieve infrastructuur en bij administratieve diensten. Op de drukst bezochte plekken zijn deze stallingen overdekt. …Elke parking (zeker bovengronds maar in principe ook ondergronds) is ook voorzien van een parkeerruimte voor fietsers en van bredere plaatsen voor jonge ouders. …Alle nieuwe meergezinswoningen moeten over twee fietsplaatsen per slaapkamer beschikken.

Punt 10 – Een spinnenweb van fietsroutes met bewegwijzering conform de provincie Oost-Vlaanderen. Alle randgemeentes zijn via veilige wegen met elkaar en met het centrum verbonden voor fietsers, en Gent takt aan op de buurgemeentes.

Bestuursakkoord – … een doorgedreven uitbouw van een fijnmazig en veilig fietsnet met als doel alle belangrijke voorzieningen, scholen, stations en recreatieve plekken veilig per fiets bereikbaar te maken. …een netwerk van snelfietspaden voor veilige verbindingen op lange afstand tussen het centrum, de wijken, de haven en de voorstadskernen. …Het bestaande fietsroutenetwerk wordt aangevuld met radiale netwerken die de twee hoofdstations als bestemming hebben (Gent Sint-Pieters en Dampoort). Daardoor krijgen de verschillende wijken veilige fietsassen naar die stations. Een voorbeeld daarvan is de verbinding van Ledeberg naar Gent Sint-Pieters (met onder meer Stropbrug – Burggravenlaan)

 

Tienpuntenplan (1)

8 oktober 2012

Onderstaand tienpuntenplan van Fietsersbond Gent werd afgelopen weekend bezorgd aan de kopstukken van de vijf grootste partijen.
We vroegen de kopstukken punt per punt te reageren met “akkoord” of “niet akkoord”.
Hun antwoorden leest u eind deze week.

Fietsersbond Gent vraagt dat Gent in zijn volgende bestuursperiode kiest voor:

1 Een integraal fietsbeleid via alle stadsadministraties en vergunningen, met algemene toepassing van het STOP-principe en de Fietstoets, bv. een degelijk fietsstallings- en fietsbereikbaarheidsbeleid bij alle school-, sport- en cultuurinfrastructuur, en alle stadsontwikkelingsprojecten.
2 Een nieuw mobiliteitsplan steunend op het STOP-principe i.p.v. het huidige én-én beleid.
3 Duidelijke, dwingende minder-hinder-richtlijnen bij werven op de openbare weg (cfr. Nederlandse en Deense voorbeelden), met engagement tot werfcontrole.
4 Een uitbreiding van de fietsbrigade van de politie, met focus op verkeersveiligheid op fietsassen en rond wegenwerven.
5 Integraal zone 30 binnen de kleine stadsring, en elders een herziening van de bestaande snelheidsregimes (momenteel geldt bv. 70km per uur op smalle plattelandswegen).
6 Het stimuleren van fietsassen (zoals de Visserij) door het knippen van autosluiproutes met 21e eeuwse technologie.
7 Inzet voor fietsappreciatie en verkeerseducatie (rechten en plichten).
8 Een actieplan met de Lijn voor een conflictvrij samenleven van tram en fiets.
9 Het plaatsen van voldoende fietsenstallingen in alle woon- en winkelstraten, en de inzet van autoparkeergarages voor fietsstallingen.
10 Een spinnenweb van fietsroutes met bewegwijzering conform de provincie Oost-Vlaanderen. Alle randgemeentes zijn via veilige wegen met elkaar en met het centrum verbonden voor fietsers, en Gent takt aan op de buurgemeentes.

Zondag, leesdag.
Hieronder het memorandum dat Fietsersbond Gent recent bezorgde aan CD&V, Groen, NVA, Open VLD en SP.A.
Dit memorandum is een pragmatische bundeling van een ideaal fietsbeleid.
Vandaag stuurden we de lijsttrekkers een aanvullend, concreet tienpuntenplan dat we graag vertaald zagen in het komend Gentse bestuursakkoord.
Dit tienpuntenplan kan u hier morgen lezen.
Veel leesgenot!

Memorandum gemeenteraadsverkiezingen 14 oktober 2012
Voor een fietsvriendelijk Gent

Meer dan tachtig procent van onze verplaatsingen met de fiets zijn korter dan vijf km. Ze spelen zich dus vooral af op het lokale niveau. De stad heeft de sleutels van een succesvol structureel fietsbeleid zelf in handen. Het aanleggen van fietsinfrastructuur en het nemen van doordachte maatregelen om het fietsgebruik te vergroten, vraagt coördinatie met de hogere overheid en/of met aanbieders van openbaar vervoer. Fietsinvesteringen kosten beduidend minder dan investeringen voor de auto en garanderen een betere mobiliteit. Hoewel Gent een aanzienlijke hoeveelheid gewestwegen telt, ligt de verantwoordelijkheid voor een fietsvriendelijk lokaal beleid volgens ons vooral bij het stadsbestuur.

Een fietsvriendelijk beleid heeft als doel het gebruik van de fiets te bevorderen en tegelijk de veiligheid en aantrekkelijkheid van het fietsgebruik te vergroten. Een fietsvriendelijke en leefbare stad heeft bijzondere aandacht voor het school-, woon- en werkverkeer en erkent het belang van winkelende en recreatieve fietsers. Het gemeentebestuur kijkt naar de toekomst en beseft dat de nieuwe fietsinfrastructuur moet rekening houden met de te verwachten groei van het fietsverkeer en met nieuwe vervoersvormen zoals fietskarren, bakfietsen en elektrische fietsen.

Een succesvol fietsbeleid vraagt meer dan enkel fietspaden en steunt op vijf hoofdeisen:
• een planmatige aanpak
• de kortste route
• veiligheid
• comfort
• aantrekkelijkheid

1 EEN PLANMATIGE AANPAK

1.1 GENT HEEFT NOOD AAN EEN BREED GECOMMUNICEERD STEDELIJK FIETSPLAN
De schepen bevoegd voor mobiliteit en fietsbeleid draagt uiteraard de politieke eindverantwoordelijkheid.


Gent heeft een Fietsfonds dat de aanleg van fietsinfrastructuur coördineert.


Bij het Fietsfonds gaat het om concrete losse verbeteringen zonder samenhang. Men vertrekt niet steeds van een globale visie en een coherent spinnenwebgeheel, dat als fietsroutenetwerk zou kunnen beschouwd worden. Bovendien is het niet duidelijk of het hier gaat om daadwerkelijk nieuwe of gewoon vernieuwde, heraangelegde fietspaden.


Sommige projecten onder de vleugels van stadsontwikkeling (SOB) en Groendienst hebben te weinig aandacht voor het functioneel fietsen.

1.2 VISIE
Een fietsplan maakt deel uit van een gebiedsdekkend mobiliteitsplan, waarbij duurzaamheid de norm zou moeten zijn. Dit mobiliteitsplan moet vertrekken vanuit duidelijke, meetbare actuele gegevens en even duidelijk meetbare doelen. Deze kunnen bijvoorbeeld de volgende zijn:
• huidig percentage woon-werkverplaatsingen per fiets en het doel over 5 en 10 jaar
• huidige totaalafstand fietspaden en doel over x jaren
• huidige en toekomstige verhouding voetgangers/fietsers/automobilisten
• geplande methodes om fietsgebruik te promoten

1.3 HET STOP-PRINCIPE STAAT VOOROP
De fietsambtenaar stelt een doelgerichte en planmatige werking voorop bij de implementatie van het STOP-principe (Stappers, Trappers, Openbaar vervoer, Personenwagen/Privaat gemotoriseerd vervoer) en verfijnt het bovenlokale fietsroutenetwerk verder tot een fijnmazig stedelijk fietsroutenetwerk.

Een doorgedreven scheiding van zacht en zwaar verkeer dient steeds voorop te staan: het fietsrouteplan mag niet overlappen met routes van zwaar verkeer. Waar een fietsroute een weg met zwaar of snel verkeer kruist moet een veilige oversteek voorzien zijn.


De nieuw aangeboden infrastructuur beantwoordt onvoldoende aan de toenemende fietsintensiteit, evenmin aan de nieuwe fietstrends: elektrische fietsen, bakfietsen, aanhangfietsen, fietskarren, elektrische rolstoelen!


Het STOP-principe is een mooi principe, maar helaas bijna altijd dode letter. Ook bij omleidingen dient het STOP-principe te worden gerespecteerd wat bijna nooit het geval is.

1.4 EEN OMVATTEND FIETSCIRCULATIEPLAN
Het fietscirculatieplan omvat fietspaden, fietslogo’s op de weg in zones met gemengd verkeer, fietsstraten, zones met gemengd verkeer en fietsbare trage wegen. Dit netwerk verbindt alle wijken en alle belangrijke bestemmingen met elkaar zodat ze veilig, direct en comfortabel met de fiets bereikbaar zijn. De principes in het opgestelde stedelijk fietsparkeerplan, een integraal onderdeel van het algemeen parkeerplan, garanderen bovendien dat iedere fietser zijn fiets comfortabel kan stallen op alle punten waar fietsers vertrekken of aankomen.

1.5 HET WEGWERKEN VAN ZWAKKE SCHAKELS
De kwaliteit van dit routenetwerk in de stad wordt mee bepaald door het wegwerken van zwakke schakels, zoals gevaarlijke kruisingen met een ring- of gewestweg en zones zonder vrijliggend fietspad buiten de bebouwde kom. Ook het nemen van infrastructurele maatregelen die de snelheidsbeperkingen voor het gemotoriseerd verkeer in de bebouwde kom of zone 30 afdwingen, zijn prioritair.

1.6 OVERLEG EN INSPRAAK ZIJN CRUCIAAL
Een succesvol stedelijk fietsbeleid staat of valt met overleg. Nog te dikwijls stopt een fietspad aan een gewest- of gemeenteweg. Dit getuigt niet van een efficiënt en vernieuwend bestuur. De (her)aanleg van kruispunten en fietswegen noodzaakt coördinatie tussen diverse overheden, nutsmaatschappijen, openbaar vervoeraanbieders en belangengroepen.

In Gent bestaat geen structureel fietsoverleg met de Fietsersbond. Dit is een periodiek overleg tussen de schepen van mobiliteit en openbare werken, het gewest, de provincie, diverse kabinetten waaronder dat van de burgemeester, vertegenwoordigers van de politiezone en de lokale afdeling van de Fietsersbond. Voor het stadsbestuur is de lokale afdeling van de Fietsersbond een noodzakelijke partner.


The Loop is een voorbeeld van hoe een project kan mislopen zonder goed overleg.


Het feit dat er occasioneel overleg is en de Fietsersbond meer en meer om een visie gevraagd wordt bij grote projecten.


Te weinig samenwerking tussen de verschillende partijen; NMBS, de Lijn, Gewest. Gevolg: grote infrastructuurprojecten (vb spoorbruggen in Drongen) waarbij de stad met deze partners in zee ging, leidden dan ook niet bepaald tot een goed resultaat voor de verschillende verkeersdeelnemers.

De Gentenaar is onwetend over de beperkte inbreng van de stad in deze complexe dossiers maar stelt wel enkel en alleen de stad verantwoordelijk.

1.7 EEN JAARLIJKS FIETSRAPPORT
Een fietsrapport is een goede manier om het eigen beleid te evalueren en te controleren of men de doelstellingen haalt. Bevragingen aan de bevolking dienen om te weten te komen of de tevredenheid effectief toeneemt en waar volgens de bevolking nog knelpunten zijn.


Noch de stad Gent, noch de provincie of het gewest publiceert een fietsrapport.


De stad heeft al wel bevragingen gedaan aan de bevolking.

1.8 GOEDE FIETSKAARTEN
Goede fietskaarten brengen niet alleen alle functionele en toeristische fietswegen (fietspaden, fietsroutes, fietsknooppunten) samen maar duiden ook wandelwegen en de lijnen van het openbaar vervoer aan.

Aparte schoolroutekaarten, die de veiligste route naar school aanduiden, stimuleren ouders om hun kinderen met de fiets naar school te laten gaan. Ook kaarten die zich toespitsen op woon-werkverkeer) blijven noodzakelijk. Bewaakte en/of overdekte fietsstallingen, fietsherstellers, openbare fietspompen, oplaadpunten voor elektrische fietsen en fietsverhuurders horen op de kaarten thuis.

Alle documenten worden zowel elektronisch als op papier aangeboden.
Zie als voorbeeld de fietsrouteplanner via de website www.gentfietst.be, waar je enkele leuke parameters kan invullen bij het berekenen van je route vb. ‘kasseien vermijden’ of ‘tramsporen vermijden’.


De stad Gent publiceerde een uitstekende gratis overzichtskaart voor de fietser, wat later evolueerde tot de interactieve site Gentfietst.be.


Buurten worden te weinig geïnformeerd over nieuwe fietsroutes. De wijknieuwsbrief is hier een goed instrument voor.

1.9 REGELMATIGE FIETSTELLINGEN
Regelmatige fietstellingen sturen het fietsbeleid uiteraard bij wanneer dat noodzakelijk blijkt.


Gent installeerde twee fietstelpalen, die een indicatie geven van het aantal passerende fietsers op die locaties.


Er zijn te weinig fietstellingen en de gegevens worden niet uitgewisseld.

2 DE KORTSTE ROUTE

2.1 DE KORTSTE ROUTE IS ALTIJD VOOR DE FIETS
Gent dient de mobiliteit zo te organiseren dat de kortste route altijd voorbehouden is voor de fiets en de langste route voor de auto. Maak van de fiets de kampioen van de korte verplaatsingen. Gent moet een samenhangend stelsel van fietsverbindingen voorzien die fietsers een zo direct mogelijke route naar hun bestemming biedt, waarbij omrijden tot een minimum beperkt blijft. Daarnaast engageert Gent zich om kwaliteitsvolle, diefstal- en vandaalbestendige fietsparkeervoorzieningen te voorzien op alle punten waar fietsers vertrekken of aankomen.


Eenrichtingsstraten met tweerichtingsverkeer voor fietsers voorzien van een fietspad of suggestiestrook in tegenrichting: bv Achilles Musschestraat en Oude Houtlei.


Reep stuk tussen Lieven Bauwensplein en Seminariestraat

2.2 DE FIETS OP DE EERSTE PLAATS
De fiets dient een prominente plaats te krijgen in de ruimtelijke ordening en de ruimte dient verdeeld te worden op maat van de fietser.
Wonen, werken, winkelen en de school van de kinderen dienen zoveel mogelijk op fietsafstand van elkaar te worden ingepland.

2.3 HET BELANG VAN DE FIETSTOETS
Fietsinfrastructuur en –ondersteuning groeit vlotst door consequente toepassing van de Fietstoets. Met de Fietstoets wordt bij elke verkeersingreep de gevolgen voor het fietsverkeer nagegaan. Hij is als beleidsinstrument minstens even belangrijk als het STOP-principe. Elke stadsadministratie hoort op zijn domein te betrekken, en de Fietstoets toe te passen (bv fietsstallingen op scholen). Een fietsambtenaar hoort hierbij eerder een (kennis)ondersteunende dan een (project)trekkende rol te vervullen.

De stad moet zich engageren om elke bouwvergunning en elke wegenwerf (zowel bij integrale heraanleg als bij herasfalteren ea) te onderwerpen aan de Fietstoets. Lacunes in wetgeving en regelgeving om een Fietstoets toe te passen dienen gemeld aan hogere bestuursniveaus (bv spoorbruggen in Drongen).

Ze verplicht alle gemeentediensten en private eigenaars om bij nieuwe bouwprojecten rekening te houden met de bereikbaarheid met de fiets en te voorzien in toekomstgericht voldoende en bereikbare fietsenstallingen.

Bovendien dient bij elk belangrijk project (privé, Groendienst, stadsontwikkelingsbedrijf, UGent, hogescholen,…) nagegaan te worden of er mogelijkheden zijn om doorgaand fietsverkeer maximaal te accommoderen.

Tot slot dient de stad bij werken aan de openbare weg te voorzien in een duidelijke wegomleiding op maat van de fietser.

2.4 EEN HIËRARCHISCH OPGEBOUWD FIETSNETWERK
De stad moet een hiërarchisch opgebouwd fietsnetwerk uitwerken dat een onderscheid maakt tussen hoofdroutes, bovenlokale routes en lokale routes. Het lokale beleidsniveau is het uitgelezen beleidsniveau om in te zetten op korte verplaatsingen. Naast de dringende effectieve realisatie van de bovenlokale functionele fietsnetwerken – concreet de aansluiting met fietspaden aan de gemeentegrenzen (randgemeenten) -, moet Gent in de volgende legislatuur expliciet investeren in de realisatie van een eigen fijnmazig fietsnetwerk. Deze maasverkleining moet ervoor zorgen dat de lokale (korte) fietsverplaatsing sneller is dan de lokale (korte) autoverplaatsing, conform het STOP-principe.


In het fietsnetwerk is de oversteekbaarheid van wegen zoals de R40 een belangrijk punt. Deze weginfrastructuren vormen nu een zware barrière voor fietsers en voetgangers.

2.5 HET ONTVLECHTEN VAN HET AUTO- EN FIETSNETWERK
Dit vormt de sleutel tot het succes van de fietsverplaatsing en de fietsveiligheid. Een doordacht fietsnetwerk bestaat uit fietssnelwegen naar de stad, fietspaden en fietsstraten in het centrum en autoluwe en autovrije zones in het kerngebied.

De directheid omvat alle factoren die de reistijd van de fietser beïnvloeden: bijvoorbeeld de verkeerslichten, de omrijfactor, het oponthoud…. .

2.6 SLUIPVERKEER WEREN
De door het autoverkeer gebruikte sluiproutes dienen te worden onderbroken, vooral in straten die een wezenlijk onderdeel uitmaken van fietsroutes. Zo blijven kleinere straten beschikbaar voor het fietsverkeer.

De stad dient het gemotoriseerd sluipverkeer te onderbreken met een fietsvriendelijke autoknip zodat de kortste en veiligste route steeds voor de fietser is.

De “fietsstraat” Visserij kreunt onder sluipverkeer dat de Lange Violettestraat of de R40 richting Dampoort vermijdt.

2.7 VOORZIE VOLDOENDE, AANGEPASTE EN NABIJE FIETSPARKEER-VOORZIENINGEN
Met het op te stellen gemeentelijk fietsparkeerplan, een integraal onderdeel van het algemeen parkeerplan, moet de stad kwaliteitsvolle, diefstal-, en vandaalbestendige fietsparkeer- voorzieningen voorzien op alle punten waar fietsers vertrekken of aankomen.

Het Mobiliteitsbedrijf houdt zich bezig met het zoeken naar fietsstallingsmogelijkheden, al blijven ze achterophinken ten opzicht van het aantal fietsen. En we zien ook een toenemend aantal diefstalveilige fietsstallingen. Toch blijft het zo dat bij winkels wel voorzien wordt in autoparkeerplaatsen, maar niet in fietsenstallingen


Straatstallingen in woonwijken voldoen aan een grote behoefte.

Het moet de regel zijn dat stedelijke instellingen en andere gemeenschapsvoorzieningen zoals culturele centra, sporthallen, bibliotheken, scholen, het stadhuis en de buitensportinfrastructuur, beschikken over comfortabele en diefstalveilige fietsenstallingen. Dit betekent dat fietsen op zijn minst met het kader aan een vast voorwerp bevestigd kunnen worden, dat de fietsenstalling overdekt en verlicht is en dat op diefstalgevoelige plaatsen wordt voorzien in een of andere vorm van bewaking. Zorg er bovendien voor dat fietsenstallingen steeds centraal en dicht bij de ingang van het gebouw zijn gepositioneerd en goed zichtbaar zijn.

Deze normen moeten ook gepromoot worden voor andere door het publiek bezochte plaatsen (scholen, winkels, …) en, in aangepaste vorm, voor werknemers van bedrijven.

Het stallingstype “Gent” is degelijk, robuust en mobiel, maar eerder lomp en enkel bruikbaar voor klassieke fietsen. Het model is ook niet optimaal ivm schade aan rem- en versnellingskabels.
Daarom pleiten we – cf. de praktijk in bv Berlijn, Hamburg of Kopenhagen – voor het materiaalarmere, vaste “nietjes”-model, met eindeloze kleur- en vormvariaties.

Een fietsenstalling waar de fiets enkel met het voorwiel bevestigd kan worden (ook bekend als ‘wielplooier’) is uit den boze. Waar mogelijk dienen deze normen te worden opgelegd (bv. bij bouwvergunningen).


De stad Gent plaatst meer en meer fietsstallingen.


Deze hebben zeer vaak een te kleine capaciteit.

Het is belangrijk dat op regelmatige basis weesfietsen (achtergelaten fietsen die capaciteit innemen in fietsrekken) en fietswrakken uit de fietsenstalling worden verwijderd. In woonbuurten kunnen gemeenschappelijke fietsenstallingen het gebrek aan plaats voor gestalde fietsen in de individuele woningen opvangen. Fietstrommels of -kluizen voor gemeenschappelijk gebruik vormen hier een uitstekend alternatief. Delen van autoparkeergarages kunnen omgevormd worden als fietsstalling.


Gent heeft overdekte fietstrommels zoals Rotterdam


maar Gent heeft tot vandaag geen enkele bewaakte fietsstalling.

2.8 DE FIETSPARKEERNORM
De stad moet een fietsparkeernorm uitwerken die alle gemeentediensten en private bouwheren verplicht om voldoende en in realiteit bruikbare fietsenstallingen te voorzien in elke nieuwbouw.

Stadsbesturen moeten ook het voortouw nemen in het overleg met de Lijn en de NMBS om haltes van het openbaar vervoer te voorzien van kwaliteitsvolle en diefstalveilige fietsenstallingen. Knooppunten van openbaar vervoer zoals hoofdhaltes of treinstations moeten daarnaast ook versterkt worden met voorzieningen als fietspunten en deelfietsen zoals Blue-bikes.

Een bewaakte en vooraf goed aangekondigde fietsenstalling bij eenmalige festiviteiten en evenementen in de stad zal veel mobiliteitsproblemen oplossen die dergelijke massa-activiteiten met zich meebrengen. Tegelijkertijd zal deze voorziening georganiseerde fietsdiefstal helpen voorkomen.

Verkeerspolitie zorgt door het aanbrengen van het rijksregisternummer dat gestolen fietsen sneller kunnen worden teruggevonden. Er is ook de website www.gevondenfietsen.be


De bewaakte fietsenstallingen tijdens de Gentse Feesten zijn een illustratie van de behoefte aan en het succes van dit concept.


Het overweldigende succes van StudentENMobiliteit en MaxMobiel.


Een fietsverhuursysteem buiten de kantooruren ontbreekt.

2.9 HANDHAVING
Naast degelijke stallingen speelt ook handhaving een cruciale rol. Politiepatrouilles met aandacht voor fietsenstallingen, opvolging van diefstalmeldingen en specifieke aandacht voor dievenbendes zijn dan ook noodzakelijk.


Een gecoördineerd fietsdiefstalbeleid ontbreekt.


De fietspolitiebrigade heeft te weinig manschappen.

3 VEILIGHEID

3.1 HET VADEMECUM FIETSVOORZIENINGEN IS DE LEIDRAAD
Verkeersonveiligheid is een van de belangrijkste redenen om de fiets te laten staan. Meer veiligheid zorgt dan ook voor meer fietsers. De dalende trend inzake dodelijke en zware verkeersongevallen zet zich momenteel echter niet door bij fietsongevallen.

De stad moet ervoor zorgen dat de fietsvoorzieningen de veiligheid van de fietsers en de overige weggebruikers waarborgen. Naast verkeersveiligheid gaat het hier ook om sociale veiligheid. Wanneer de gemeente nieuwe fietsinfrastructuur aanlegt, of bestaande fietsinfrastructuur verbetert, dient de gemeente de ontwerpprincipes van het Vademecum Fietsvoorzieningen als leidraad te nemen. Deze ontwerpprincipes gelden voor de Fietsersbond als absolute minimumnormen, niet als maximumnormen.

3.2 STEL HET 30/50/70-PRINCIPE VOOROP
Bij de keuze voor het mengen of scheiden van autoverkeer en fietsverkeer, dient de gemeente het 30/50/70 principe voorop te stellen. Als er maximum aan 30 km/u mag worden gereden, dan kan gemengd verkeer, hoewel ook hier gepoogd moet worden om minstens fietssuggestiestroken aan te leggen. Bij een snelheidsregime van maximum 50 km/u hoort minimaal verhoogde aanliggende fietsinfrastructuur. Wegen waar maximum aan 70 km/u mag worden gereden, vragen vrijliggende fietsinfrastructuur.

Een evaluatie van het toegepaste snelheidsregime per straat is dringend nodig. We stellen voor om smalle wegen per definitie een traag snelheidsregime te geven.


De ontelbare fietsonvriendelijke verkeersregelingen. Onveilige oplossingen bij werken en werven. Geen wachttijdvoorspellers. Talloze conflicten op inritten en kruispunten.


De manifeste onwil bij veel (Gentse) automobilisten om hun rijstijl aan te passen in straten met BEV (beperkt eenrichtingsverkeer met uitzondering voor fietsers).
Snelheidsverminderende maatregelen dienen fietsers niet te hinderen.


Digitale snelheidsborden die aangeven hoe hard er gereden wordt.

3.3 INVOERING ZONE 30
Zone 30 dient dusdanig te worden ingericht zodat verkeersdeelnemers zich zonder controle aan deze snelheidsbeperking houden. Zones 30 moeten bovenal echte zones zijn en geen gefragmenteerde opeenvolging van verkeersborden.

In de kerngebieden waar de woon- en recreatiefunctie aanwezig is, dient de verkeersfunctie ondergeschikt te zijn.


Er wordt meer zone 30 ingevoerd.

3.4 WOONERVEN, WINKELSTRATEN, PARKEN EN PLEINEN
Naast de ontwikkeling van zones 30 kan men in woon- en winkelbuurten ook opteren voor het inrichten van woon- en winkelerven. Deze erven zijn niet alleen fiets- en voetgangers- vriendelijk maar bovenal kindvriendelijk.

3.5 CONFLICTARME KRUISPUNTEN
De stad moet maximaal investeren in conflictarme kruispunten door te kiezen voor ongelijkgrondse kruisingen (tunnels of bruggen), verhoogde en in rood gemarkeerde doorlopende fietspaden, fietsopstelstroken en een aangepaste lichtenregeling. De Fietsersbond pleit voor het ondergeschikt maken van autodoorstroming aan de verkeersveiligheid.

3.6 DE FIETSSTRAAT
In de nieuwe wegcode leent het concept van de fietsstraat zich uitermate om toegepast te worden op enkele lokale fietsassen waar de auto gedoogd wordt. Bij het opmaken van fietsroutes, wijkcirculatie- en mobiliteitsplannen en bij het inrichten van straten dient de aanleg van een fietsstraat overwogen te worden.

Inhalen van fietsers door automobilisten in smalle straten met te weinig ruimte is verboden door het verkeersreglement en leidt tot ongevallen. Het is echter de regel, zeker in lange rechte straten (Visserij, Muinkkaai), en leidt tot een groot onveiligheidsgevoel bij fietsers.


Gent heeft sinds kort twee fietsstraten, maar aan de vorm en de aansluiting moet nog gesleuteld worden.


Fietsstraten dienen autoluw te zijn.

3.7 TWEERICHTINGSFIETSPADEN LANGS BEIDE ZIJDEN
We zijn geen voorstander van fietspaden in twee richtingen tenzij in geval van slechte oversteekbaarheid: op drukke wegen met moeilijke oversteekbaarheid (de meeste 2×2 rijvakken), waar een sterke scheiding van de verkeerssoorten wordt toegepast. Hierbij dient bijzondere aandacht besteed te worden aan de mogelijke conflictpunten (kruispunten, inritten, overgang naar tweezijdig fietsverkeer). Tweerichtingsfietspaden kunnen op lange afstandsroutes, en zijn noodzakelijk op plaatsen met slechte oversteekbaarheid (bv R40, zie foto)

Citadellaan / Stropkaai

Omwille van het hoger aantal mogelijke conflictpunten geniet deze optie geen voorkeur binnen de bebouwde omgeving, tenzij in uitzonderlijke omstandigheden en met bijzondere aandacht voor de mogelijke conflictpunten. Er mogen nooit tweerichtingsfietspaden aangelegd worden omwille van ruimtebesparing.

3.8 VOLDOENDE ACCENTVERLICHTING
De stad moet zorgen voor voldoende accentverlichting (dit is verlichting specifiek voor fietsers en voetgangers, vaak gebruikt bij oversteekplaatsen). Deze accentverlichting moet ‘s morgens later en ‘s avonds vroeger branden dan de gewone straatverlichting. Vooral de start en het einde van de schooluren zijn een belangrijk moment om tijdens de donkere periode te voorzien in accentverlichting.


Op belangrijke fietsroutes is de verlichting ’s nachts gebrekkig.
Bijvoorbeeld: bepaalde delen van de R4, waar bovendien de fietser verblind wordt door auto’s uit tegenrichting.

3.9 OBSTRUCTIES
Rioolputroosters, elektriciteitscabines, parkeermeters, glascontainers, onoordeelkundig geplaatste paaltjes en andere obstructies horen niet op het fietspad thuis. Ze belemmeren de fietsdoorstroming en zijn vaak ook gevaarlijk.


voorbeeld: roosters tussen tramrails bij Kobrawerken moeten dwars liggen en niet in langsrichting zoals nu.

3.10 LAAT VERKEERSOVERTREDERS NIET BEGAAN
Om meer mensen op de fiets te krijgen is een veilige verkeersomgeving noodzakelijk. De rol van de politie is hier van essentieel belang. Daarom is het belangrijk dat overtredingen die zachte weggebruikers in gevaar brengen, effectief worden gecontroleerd en vervolgd. Vooral het overtreden van voorrangregels, het parkeren op fietspaden, het te dichtbij inhalen, een overdreven of onaangepaste snelheid en de rol van alcohol in het verkeer creëren dikwijls levensgevaarlijke situaties voor fietsers. Het inzetten van patrouilles per fiets kan de ernst van dergelijke overtredingen doen inzien.

3.11 VERKEERSONGEVALLENREGISTRATIE
Het is belangrijk dat de verkeersongevallen cijfers op een systematische manier worden bijgehouden. Dit is een belangrijk hulpmiddel om de infrastructuur (conflictrijke kruispunten en rotondes, fietspaden naast parkeerstroken, fietsoversteekplaatsen, zelfs fietspaden in de bebouwde kom…) kritisch te evalueren.


De ongevallenstatistieken voor Gent zijn zeer onnauwkeurig. Zo zijn er voor 2005-2009 volgens de statistieken zes doden, terwijl Fietsersbond Gent weet heeft van negen dodelijke ongevallen.

3.12 PRAKTIJKGERICHTE VERKEERSEDUCATIE EN SENSIBILISATIE
Gent moet scholen ondersteunen met verkeerseducatief lesmateriaal om kinderen theoretisch te onderrichten in het verkeer. Bovendien dient ze ‘schooleducatieve routes’ uit te werken die kinderen leren fietsen in het werkelijke verkeer. De stad stelt voorop dat alle kinderen die het lager onderwijs verlaten een fietsexamen hebben afgelegd met het oog op het behalen van een fietsbrevet. Daarnaast is het verspreiden van schoolroutekaarten, die de veiligste route naar school aanduiden, een belangrijke taak van de gemeente. Deze kaarten zijn vaak een belangrijke stimulans voor ouders om hun kinderen met de fiets naar school te laten gaan.

Naast een goed onderbouwd educatief programma voor kinderen, zoals onder andere aan bod komt in de Fietsersbondpublicatie ‘Zet je kinderen veilig op weg’ en het lespakket ‘goed gezien’ over de dode hoek, hebben ook andere maatschappelijke groepen hier baat bij.


Gent heeft een fietsschool opgericht.

3.13 EEN DUIDELIJK FIETSVERLICHTINGSBELEID
Met een duidelijk gecommuniceerd fietsverlichtingbeleid dient de gemeente alle fietsers te bereiken. Ze engageert zich om fietsverlichtingcontroles op tijd aan te kondigen (bijvoorbeeld via scholen) en biedt fietsers de mogelijkheid om, na een eerste controle, hun gebrekkige of ontbrekende fietsverlichting in orde te brengen. Een repressief sanctioneringbeleid is slechts het laatste middel.


Gent voert een actief fietsverlichtingsbeleid in het najaar.

4 COMFORT

4.1 KWALITATIEVE FIETSINFRASTRUCTUUR IS EEN MUST
Als fietsbeweging dienen we kwaliteit voorop te stellen. De fiets- voorzieningen moeten niet enkel een vlotte en veilige doorstroming van het fietsverkeer mogelijk maken. Wij moeten ook comfortabel en plezierig kunnen bewegen: brede netjes gladgestreken fietspaden, tussen bomen en plantsoenen, sportief, gezond, milieuvriendelijk en goedkoop, meer moet het niet te zijn, maar ook niet minder.

4.2 VAN EEN PROJECTMATIGE AANPAK NAAR EEN STRUCTUREEL BEHEER
Gerichte investeringen kunnen niet zonder inzicht. Meten is weten. De stad dient met een meetfiets een audit te maken van de fietsinfrastructuur om concreet zicht te krijgen op de hoeveelheid, de kenmerken, de locatie en bovenal de kwaliteit van de fietspaden / fietswegen op haar grondgebied. Deze nulmeting moet het vertrekpunt zijn van een structureel beheer.

Op basis van de auditresultaten en de ervaren noden stelt de gemeente een meerjarenplanning op en stelt ze per jaar meetbare doelstellingen voorop.

Als Gent een fietsvriendelijke infrastructuur tot stand wil brengen, moet er worden uitgegaan van de verplaatsingsbehoefte van de fietser, los van de bestaande infrastructuur. Functionele en recreatieve fietsroutenetwerken stellen verschillende gebruikerseisen en ook de gebruikersintensiteit van specifieke trajecten speelt een rol. Een meetfiets is een objectief instrument hiertoe.


Zelfs recent aangelegde fietspaden (vb Neermeerskaai) zijn dikwijls moeilijk om op te rijden, vooral voor wie afslaat.


Fietspaden zijn niet aangepast aan nieuwe evoluties zoals bakfietsen.

4.3 KIES ASFALT VOOR FIETSPADEN
Hoe beter het comfort van de wegen en de fietsinfrastructuur, hoe meer mensen ook effectief de fiets zullen nemen. Niet zelden is het gebruik van betonstraatstenen, tegels of klinkers voor de aanleg van fietspaden de oorzaak van veel ellende. Nieuw aangelegde fietspaden worden na verloop van enkele maanden of jaren een opeenvolging van putten, verzakkingen en gaten.

Alleen monolithische verharding in asfalt en in mindere mate cementbeton bieden alle fietsers voldoende comfort. Gent moet zich voornemen om het betegelde fietspad mee te asfalteren wanneer de rijweg wordt geherasfalteerd.

4.4 HET PROBLEEM VAN DE OVERGANGEN
Fietsverplaatsingen mogen geen hindernissenparcours zijn. Verhoogde fietspaden moeten worden doorgetrokken en het afslaande of kruisende gemotoriseerde verkeer moet het hoogteverschil overwinnen. Er mogen ook geen onlogische en scherpe bochten in fietspaden zitten. Fietsinfrastructuur moet ontworpen worden voor snelheden van zeker 25 km/h.


Er mankeren teveel fietsopstelstroken (bv Burggravenlaan). Een inventaris en planmatige aanpak dringt zich op.

4.5 ONDERHOUD EN HERSTEL FIETSPADEN
Het onderhoud van fietspaden en een consequente winterdienst zijn heel belangrijk. Onderhoud van fietsinfrastructuur — putten vullen, glasscherven vegen, verzakkingen wegwerken, struikgewas en brandnetels maaien, zwerfvuil opruimen, wegbermen onderhouden … — veronderstelt een onderhoudsplan en de aankoop van specifiek onderhoudsmateriaal. Ook tijdens de winter moeten de fietspaden befietsbaar blijven.

De stad onderhoudt fietspaden niet louter na het melden van de ontstane hinder, maar stelt een preventief onderhoud voorop.


Er is de afgelopen jaren een positieve evolutie op dit vlak.


Klachten over komgoten (Prinses Clementinalaan), paaltjes op fietspaden, putten en verzakkingen in het fietspad, plassen, betonblokken op het fietspad.

4.6 VERMIJD NUTSVOORZIENINGEN ONDER FIETSPADEN
De stad dient een structurele oplossing uit te werken voor slechte, definitieve herstellingen aan fietspaden na ingrepen van nutsbedrijven. Kies voor een definitieve herstelling met een vaste aannemer (bv tweemaal per jaar) en laat de nutsbedrijven deze factuur betalen.

4.7 TIJDENS DE WERKEN
Dikwijls moeten fietsers het stellen met een bordje ‘fietsers hier afstappen’ of ‘fietsers op de rijbaan’. Het bordje ‘fietsers op de rijbaan’ dient gepaard te gaan met de nodige maatregelen om het fietsverkeer zo veilig en comfortabel mogelijk te maken. Hier telt ook het STOP-principe.


In Gent zijn er (behalve bij werven van het Vlaamse Gewest) geen belangrijke werven waar de bestaande regelgeving zelfs maar bij benadering wordt toegepast (vb. heraanleg Kortrijksesteenweg). De politie is hier veel te laks.

4.8 DENK AAN DE GEZONDHEID VAN FIETSERS
Ook de luchtkwaliteit speelt een rol. Hierbij weegt het gezondheidsaspect door: de uitstoot door gemotoriseerd verkeer kan leiden tot gezondheidsproblemen, op zowel korte als lange termijn. Dit betekent dat bij de opbouw van een fietsnetwerk de stad combinaties van fietsverbindingen met drukke stromen autoverkeer vermijdt. Een goed aangelegd fietspad naast een drukke autoweg die een grote geur- en lawaaihinder genereert, is niet comfortabel.

5 AANTREKKELIJKHEID

5.1 EEN UNIFORME EN DUIDELIJKE BEWEGWIJZERING
Een uniforme, begrijpelijke en duidelijke bewegwijzering op maat van de functionele en recreatieve fietser is een belangrijke voorwaarde voor een aantrekkelijk fietsroutenetwerk. De stad dient de vindbaarheid te optimaliseren door steden, dorpen, wijken, voorzieningen en publieksfuncties op te nemen in een systeem van fietsbewegwijzering. Aansluiting bij de provinciale bewegwijzering is nodig.

5.2 INVESTEER IN STATUSVERHOGENDE FIETSINFRASTRUCTUUR
Fietsvoorzieningen moeten zodanig worden vormgegeven en in de omgeving worden ingepast dat het aantrekkelijk wordt om te gaan fietsen. Statusverhogende investeringen zijn belangrijk om de plaats en positie van de fietser te beklemtonen. De ruimtelijke taal moet niet alleen functioneel en duidelijk zijn, maar ook attractief. Een bewegwijzering, verlichting en fiets- infrastructuur die kwaliteit uitstraalt, bankjes en beplanting, kunstwerken enz… vormen een absolute meerwaarde. Een fietsteller met ingebouwde fietspomp, innovatieve oplaad- punten voor elektrische fietsen…, de mogelijkheden voor een doordachte fietsmarketing zijn eindeloos.

5.3 DOE MEE MET CAMPAGNES
Sensibilisatiecampagnes kunnen het fietsgebruik doen stijgen en een positieve impact hebben op de leefbaarheid. Naast de ontwikkeling van een fietslogo en eigen promotiecampagnes, neemt de stad ook het voortouw in reeds bestaande acties, zoals “Met Belgerinkel naar de Winkel”. Ze erkent zo dat de plaatselijke middenstand en horeca alle baat heeft bij een frequenter fietsgebruik.


Gent neemt deel aan nationale acties zoals “Met Belgerinkel naar de Winkel” en de autoloze zondag.

5.4 GEEF HET GOEDE VOORBEELD
Gent dient zo veel mogelijk initiatieven te nemen om het fietsgebruik in het woon-werkverkeer van het gemeentepersoneel te verhogen. Ze stimuleert werknemers om zich te registreren op Bike to Work. Dit project van de Fietsersbond motiveert Belgische werknemers om vaker naar het werk te fietsen, al of niet in combinatie met andere vervoersmodi. Regelmatige fietsers zijn op jaarbasis gemiddeld één dag minder ziek zijn, een groot voordeel voor de stad als werkgever. Werknemers worden met een uniek fietspuntensysteem en een reeks leuke wedstrijden bovendien gestimuleerd om te blijven fietsen.
Politieke mandatarissen kunnen ook zelf het goede voorbeeld geven door de fiets te gebruiken voor korte afstanden. Dat is enorm belangrijk voor het imago van de fiets als efficiënt en snel vervoermiddel. Zo ervaren politici ook aan den lijve aan welke eisen fietsinfrastructuur moet voldoen. Ze zullen zelf de knelpunten (h)erkennen.


Ambtenaren worden niet gestimuleerd om problemen te melden.

5.5 FIETSVRIENDELIJKE WERKOMGEVING
De stad en het OCMW biedt haar werknemers een fietsvergoeding aan, voorziet een omkleedruimte en is een voortrekker in het aanbieden van elektrische fietsen en oplaadpunten. Voldoende kwalitatieve fietsenstallingen en een betalend parkeerbeleid voor auto’s zijn hierbij noodzakelijk.

5.6 WATERWEGEN
Gent heeft veel voor op andere steden kwestie van aantrekkelijkheid door de talloze waterwegen in de stad. Deze zijn enerzijds een hindernis voor de fietsers en vragen om een betere fietsinfrastructuur (bvb fietsbruggen en onderdoorgangen), anderzijds kunnen ze een grote meerwaarde zijn in de stad. Niets aangenamer dan fietsen langs water, maar dit zou veel beter kunnen en vraagt om een algemeen plan en beter onderhoud.


Ferdinand Lousbergskaai, Voorhoutkaai, Huidevetterskaai, Achterleie, Kraanlei, jaagpad Bovenschelde van Ledeberg naar Merelbeke


Groendreef en verder richting Mariakerke
De Punt in Gentbrugge

Voor vragen en reacties:
Fietsersbond Gent
A. Musschestraat 89
9000 Gent
kern@fietsersbondgent.be

Havenkaart

20 april 2012

De Gentse haven is een immense werkplek.
Als dat geen open deur is.
Veel mensen wonen er vlakbij hun werk.

11maa12, 17u11, Doornzele


De manier waarop zowel het Havenbedrijf als de Vlaamse Gemeenschap er afgelopen decennia wegen aanlegde veroorzaakt steeds vaker een verkeersindigestie.
Degelijke fietspaden ontbreken manifest, ook al is de grond ervoor vaak (zeer vaak) aanwezig.
Het kanaal dwarsen is voor de durvers.
Enkel assertieve fietsers wagen het om tijdens de spits de 2 veren op het kanaal Gent-Terneuzen met de fiets te benaderen.
Het is stuitend hoe de veren niet veilig “aanfietsbaar” zijn.
Auto-woon-werkverkeer primeert er, net als in de rest van de haven.
De noodzaak om onze economie vlot goederen te laten vervoeren ontbreekt precies.

De R4 zal er de komende jaren omgebouwd worden tot een autostrade.
Het is momenteel al een immense automuur, en zal als autostrade nog méér muur worden.
Enige oplossing: een aantal overbruggingen of ondertunnelingen, en aan weerszijden van de R4 een dubbelrichtingsfietspad.
Zo kan je alle bedrijven een vlotte fietsverbinding aanbieden, en de R4 vrijhouden voor wie de auto/vrachtwagen ècht nodig heeft.
Aan het huidige investeringstempo zal de haven over 40 jaar fietsvriendelijk zijn.
Misschien is dat te optimistisch?
Men investeert- wat mij betreft terecht- in een aparte aansluiting tussen Volvo Trucks en de R4, maar men laat de brug vlak ernaast over die R4 fietspadloos, ook al is dit een drukke schoolas:

12maa12, 16u11, R4 Dwight Eisenhowerlaan

12maa12, 16u09, Eksaardserijweg

12maa12, 16u10, Eksaardserijweg

12maa12, 16u07, Meerhoutstraat / Eksaardserijweg

Mijn ouders wonen in Zelzate.
Ik fiets er soms heen.
Daardoor zie ik dat de evolutie in het Havengebied op vlak van fietsinfrastructuur tergend traag is.
Bekijk de fietskaarten, en je ziet dat de strook tussen Gent en Zelzate onontgonnen is.
Maar daar komt verandering in.
Maandag stelt de provincie een Fietskaart Haven Gent voor.
De kaart is bedoeld voor woon-werkverkeer.
Men belooft info over de fietsroutes naar de haven, de toekomstige projecten, de partners binnen het project en andere interessante info over fietsen.
Naast een papieren versie zal ze digitaal te vinden zijn op deze site.

Wie meer wil lezen, kijk naar deze 27 Fietsbulten in de categorie haven.
Melding 77 van 25 juni 2011 bleek ondertussen opgelost:

11maa12, 15u07, vlakbij Lichterveldestraat


Deze toegang vanuit Desteldonk tot het Havenbedrijf is hopelijk een klein symbool voor wat komen gaat.

(We mengen “Desteldonk” met “Groepsgedrag”)

De enige fietsweg van Desteldonk (of Mendonk, of Wachtebeke) naar de overzijde van het kanaal Gent-Terneuzen (Doornzele, Assenede, Ertvelde, Rieme, etcetera) loopt vanuit het tweerichtingsfietspad naar het veer van Terdonk via deze havenweg :

13jun11, 14u32, Moervaartstraat

Verf kan een eerste stap zijn om de route fietsvriendelijker te maken.
De Moervaartstraat smeekt er gewoon om.
De straat is recent geherasfalteerd (lente of zomer 2010 vermoed ik), zonder fietstoets.

Verf geeft fietsers rechten, en versmalt het wegbeeld.
Een verfstreepsjespad is uiteraard niet zo veilig als een vrijliggend fietspad.
Maar het is beter dan niks.
Het is een eerste stap tot er budgetten zijn om degelijke oplossingen te realiseren.
Verf kan snel gaan.
Geen bouwvergunning nodig.
Enkel budget.
Of beter: budgetten samen leggen.
Want kijk, aan het einde van de straat duikt wèl een streepjespad op.

13jun11, 14u35, Moervaartstraat

Verf geeft fietsers rechten, en versmalt het wegbeeld.
Bij de ene wegbeheerder (Waterwegen en Zeekanaal?) een evidentie.
Bij de andere (het Havenbedrijf?) nog niet?
(Morgen foto’s van de shortcut links op de foto)

Het stuk langs de Moervaart (de Moervaartkaai) is iets moeilijker.
Aan de fabriekszijde ligt er voldoende lege ruimte om een nieuw (hard) fietspad aan te leggen.

13jun11, 14u33, Moervaartkaai


Ik hou al niet van gemengd verkeer in zone 30′s.
In zone 50′s is het helemaal not done.

Deze twee straten zijn cruciaal voor het woon/werkverkeer in de Haven.
Ze zijn ook een onderdeel van de fietsknooppunten.
Vandaar het groepsgedrag.

Groepsgedrag (2)

18 juni 2011

17jun11, 11u04, Vrouwebroersstraat

De Stad, de Provincie en het Gewest investeren via het Fietsfonds in fietspaden.
Deze middellange termijnactie is prima, en hoogst nodig.
Ik kijk hoopvol uit naar de beloofde 60 kilometer pad vóór 2013.
Dat is nog een dikke 21 maand te gaan.

Daarnaast zou op korte termijn Stad, Provincie (waarom niet?) en Gewest systematisch met hogedrukreiniger en verfborstel aan de slag moeten.
Wat heeft het voor zin om degelijke fietsinfrastructuur uit te bouwen als men verbindende kruispunten in zijn jaren 70-”autodoorstroming eerst”-configuratie laat liggen?
In mijn zoetste dromen gaan ook die kruispunten op de schop, maar in afwachting kan er ook met verf véél gebeuren.
Dit is zo een voorbeeld:

15maa11, 17u39, Rijsenbergstraat / Patijntjestraat / Europabrug


De situatie op het kruispunt is: 3 autorijstroken(2 uit, 1 in) en een half fietspad (1/2 uit, 0 in).
Plaatsgebrek?
No way.

15maa11, 17u37, Rijsenbergstraat

Zoals je ziet: er is plaats genoeg voor 2 rijstroken en 2 fietspaden.

15maa11, 17u39, Rijsenbergstraat


Assertieve fietsers hebben geen probleem met de huidige situatie.
De rest -de massa- wel.
De doorsnee ouder durft hier niet met zijn kinderen te fietsen.

15maa11, 17u38, Rijsenbergstraat


Tijd om dit verlengstuk van de Voskenslaantunnel te saneren.
De weg komende van links -de Patijntjestraat- is trouwens in hetzelfde jaren-70 kleedje. Hier is een foto.

Lazy

29 september 2009

Zondag fietste ik van Brugge naar Gent. ‘s Voormiddags gewerkt. Ideaal weer. Exact 50 km van mijn werk naar huis. Dat is even ver als Zelzate heen en terug. A lazy sunday afternoon. Ik volgde de LF5, en dat was op grondgebied West-Vlaanderen vooral genieten.

27sep09, 14u05, kanaal Gent-Oostende

27sep09, 14u05, kanaal Gent-Oostende

27sep09, 14u14, Kanaal Gent_Oostende te Beernem

27sep09, 14u14, Kanaal Gent-Oostende te Beernem

Het parcours langs het kanaal Gent-Oostende is aangenaam en vrij degelijk. Er zijn nog een paar mindere kruispunten, en op sommige plaatsen mag de veegmachine vaker passeren:
27sep09, 14u23, Beernem

27sep09, 14u23, Beernem

Let ook op het afsluithek. Langsheen het kanaal liggen er verschillende. Dat doet me vermoeden dat ze ooit geplaatst zijn door Waterwegen en Zeekanaal. Zo’n hekkens zouden van pas komen om auto’s weg te houden van het jaagpad langs de Bovenschelde naar Oudenaarde.
27sep09, 14u23, Beernem

27sep09, 14u23, Beernem

In Beernem ligt een nieuwe fietsersbrug over het kanaal.

27sep09, 14u28, Beernem

27sep09, 14u28, Beernem

De brug ligt niet ver van zo’n typisch Belgische brug. Je weet wel: zo’n hoge betonnen brug die bedoeld was om tanks over kanalen vol marineschepen te laten rijden. Als fietser was het hard klimmen op dat smal betonnen strookje. Zo’n fietsersbrug sloopt een fietsmuur, en geeft ademruimte aan een regio.
En zo’n brug is voor de wereldstad Beernem een geschikt alibi voor een officiëel openbaar document:
27sep09, 14u29, Beernem

27sep09, 14u29, Beernem

Hieronder één van die vele punten die ik vorig jaar fotografeerde, dacht: dat komt wel goed, om een jaar later vast te stellen dat er niks veranderd was:

01mei09, 13u59, Beukenlaan

01mei08, 13u59, Beukenlaan

Langs beide oevers van de Ringvaart ligt tussen de Brugse Vaart en Zwijnaarde een hoogst keurig fietspad, een realisatie van het Gewest. (Te) weinig mensen weten het te vinden. Er zijn weinig linken met de stad errond. Deze link is ok:

01mei08, 13u55, Beukenlaan

01mei08, 13u55, Beukenlaan


Tot het fietspad van de ene administratie aansluit bij het fietpad van de andere. Zo wordt het een halve link, ook als is het Provinciaal Fietsknooppunt 56. Rechts afslaan kan probleemloos:
01mei09, 15u00, Beukenlaan

01mei09, 15u00, Beukenlaan

Oversteken en links afslaan is een avontuurtje:
01mei09, 14u58, Beukenlaan

01mei09, 14u58, Beukenlaan


Ik zag deze mensen oversteken, twijfelen, en dan een paar meter naar links de verlaagde boordsteen opzoeken. Niet echt aangenaam:
01mei09, 14u58, Beukenlaan

01mei09, 14u58, Beukenlaan


Eigenaardig ook hoe men aansluitend op een fietspad een zebrapad plaats:
01mei09, 13u58, Beukenlaan

01mei08, 13u58, Beukenlaan

Toch jammer hoe je vanop een schitterend Gewestelijk fietspad niet veilig kan oversteken naar een schitterend Stedelijk fietspad. Samenwerken! Zeker op een Provinciaal Fietsknooppunt.

Vakwerk

19 juni 2008

Positieve dingen laten zich heel kort uitleggen. Laat ons ook es iets (zeer) goeds zeggen over het nieuwe stuk Dendermondsesteenweg: de aannemer leverde vakwerk. De overgangen naar de zijstraten zijn voor fietsers vlot te nemen. Je merkt amper dat je het voetpad opgaat:19jun08 dendermondsesteenweg/Heilig Hartstraat

Demagogie

18 juni 2008

Het nijgt naar demagogie, maar ik meen het: ik moet de eerste mens nog tegenkomen die positief is over de verkeersveiligheid op de nieuwe Dendermondsesteenweg. Auto’s die fietsers voorbijsteken door met 1 wiel op de “veilige” middenberm te gaan wordt al een gewoonte. Daarnet nog. Het paaltjes rammen ook:18jun08 Dendermondsesteenweg              Ik stel de vraag nogthans héél neutraal aan de medemens uit de buurt. Zo quasi nonchalant langs m’n neus weg, met een positieve ondertoon: “en wat vinde gij nu van de Dendermondsesteenweg?” The results from the Swedish jury zijn negatief en extreem negatief. Tot en met de totale demagogie: “dat is wachten op een ferm ongeval, en ‘t zal niet lang duren”. Ik antwoord meestal zacht zuchtend. Diep van binnen geloof ik dat ook.

Paaltjesslag

7 juni 2008

De Dendermondsesteenweg: het blijft een twijfelgeval. Tot nu toe hoorde ik geen enkele enthousiaste fietsreactie, zelfs niet van een lokale middenstander: “Ah ja! Ze willen dat er meer mensen fietsen, met belgerinkel en zo, dan doen ze dit!”. Ik hoop dat ik me vergis, en dat we nu in een gewenningsfase zitten (de mens is een gewoontebeest, newaar), en dat dit een zelfde proces is als met de Brusselsesteenweg. Ook die steenweg werd lang bekritiseerd als fietsonveilig. Maar ik vrees ervoor:7jun08 Dendermondsesteenweg              Ik hoop dat er genoeg paaltjes in voorraad zijn, en dat er wekelijks iemand van de provincie passeert om de schuingereden exemplaren (momenteel 3 van de 5 overgebleven stuks) rechts te draaien. Maar ik vrees dat het concept van de lage drempels van de 3 “veilige” oversteek-middenbermen niet te rijmen valt met het ongeduld van de veelvuldige BMW’s en Audi’s. Ik wacht om foto’s van tricky situaties te posten tot ik geleerd heb om nummerplaten te wissen. 07jun08 Dendermondsesteenweg

lectuur: http://www.gentblogt.be/2008/05/19/vernieuwde-dendermondsesteenweg-tussen-hoop-en-vrees

 

Signalicatie

5 mei 2008

27apr08 Sneppebrug

Alle signalisatie is communicatie. Er wordt wat af gecommuniceerd, en dat is maar goed ook. Een misverstand is snel ontstaan. Een omweg is makkelijk veroorzaakt. De stad Gent communiceert steeds beter:

27apr08 Sneppebrug

Vakwerk heet dat. Degelijk, duidelijk én toekomstgericht. De bordjes van Toerisme Oost-Vlaanderen kregen een doe-het-zelver langs, terecht me dunkt.

27apr08 Sneppebrug

Dit is een twijfelgeval: passeerde hier een doe-het-zelver, een creatieve ambtenaar, of een signalisatiebedrijf met weinig middelen?  Who cares, de boodschap is duidelijk.

27apr08 Sneppebrug

Alhoewel… is het langs dààr naar Deinze?

Bordure

24 april 2008

19apr08 Dendermondse

De heraanleg van het stuk Dendermondsesteenweg tussen Dampoort en Heernisplein geeft alle weggebruikers de kans opzij te springen. Er is geen echte (zo hoekig mogelijk uitspreken: ) “bordure”.

Fietsers kunnen in geval van nood of boodschappen vlotjes het voetpad op. Auto’s kunnen vlotjes de “vlucht”heuvel op.  3 geknakte verkeerspaaltjes so far.

Switch

23 april 2008

 De Dendermondsesteenweg zal hier vaker in beeld komen. Hieronder zie je de overgang tussen het tweerichtingsfietspad van en naar het Dampoortstation, en de Dendermondsesteenweg.  Het fietspad is een paar jaar oud, en werd op luid applaus onthaald: mooi afgescheiden van de rijweg door alu-paaltjes. De Dendermondsesteenweg is net afgewerkt, en wordt door fietsers niet enthousiast begroet. Gele fietsssuggestiestroken lopen van Dampoort tot Heernisplein.  De overgang (richting Heernisplein) tussen beide voelt zeer onveilig aan. Een vlotte overgang tussen twee concepten (en twee administraties?) kan je het niet noemen:

19apr08 Dampoort19apr08 Dampoort19apr08 Dampoort19apr08 Dampoort

19apr08 DampoortBij het invoegen van fietspad naar fietssuggestiestrook hoor je te letten op:

  • voetgangers aan het zebrapad voor je
  • achterliggende auto’s, die vaak uit de bocht komen gescheurd
  • invoegende autobussen vanop de bushalte op het Antwerpenplein. 

De Dendermondsesteenweg werd heraangelegd door de provincie Oost-Vlaanderen volgens deze theorie: http://www.oost-vlaanderen.be/docs/nl/aw/704provinciewegbroch-def.pdf. Momenteel werkt men het Heernisplein af, en dan stopt de werf. Het volgende vak Dendermondsesteenweg (vanaf Heernisplein richting Destelbergen) wordt niet heraangelegd.

Volg

Get every new post delivered to your Inbox.

Join 328 other followers

%d bloggers like this: