Vacatures: M/*/V, editie 2021

De tijd vliegt. We zijn in de Visserij toe aan een telpaal van de tweede generatie.

09 juli 2021, 19u02, Visserij

De tijd vliegt.

Fietsersbond Gent bestaat anno 2021 meer dan 32 jaar. De pioniers uit 1989 zijn ondertussen vijftig- of zestigplussers. Af en toe stroomde “jong volk” binnen, en haakten “anciens” af. De fakkel vol kennis werd regelmatig doorgegeven. Sommigen van de huidige kern van Gentse Fietsersbondvrijwilligers zijn moe van het jarenlange schrijven, praten, observeren, actievoeren en/of melden. Moe van de versplintering in politiek en administraties. Anderen nemen steeds meer hooi op hun fietsvork, en geven er een frisse lap op. Nog anderen kijken tevreden terug op het geleverde werk: vergeleken met 10 jaar geleden gaat het fèrm vooruit.

07 augustus 2021, 14u02, Coupure Links

Ondanks dàt springen velen uit hun vel van ongeduld: hun kinderen fietsen door een véél te verkeersonveilige stad. Want ook Wondelgem, Drongen, Sint-Denijs-Westrem, Oostakker en Meulestede zijn een deel van Gent. De R40 krijgt te weinig aandacht, zie dit lijvige dossier.

01 juli 2021, 15u28, Dok Zuid

De tijd vliegt.

Het is weer tijd dat er “verse”, scherpe vrijwilligers bij komen. Want misschien zijn we als Fietsersbondafdeling te braaf voor het beleid. Misschien geven we te weinig aandacht aan de Klimaatzaak. Misschien zien we niet alles. Misschien komt jouw buurt te weinig aan bod in het beleid, of in onze aandacht of onze acties. Misschien hoorden we nog nooit van jouw grandioos idee.

02 september 2021, 16u00, Luc Lemiengrepad

Stel: je wil je engageren bij ons… wat kunnen we je concreet aanbieden?

  • Eindredactie van Fietsbult (via WordPress). In maart 2022 draait Fietsbult 14 jaar. Hoog tijd om (in maart 2022) de fakkel door te geven aan iemand met tijd, geduld en vooral: liefde voor taal, fotografie en de fiets. Jij?
  • Schrijvers en/of fotografen voor Fietsbult. Elke stem/blik is anders. Elke stem/blik is waardevol. De eindredactie helpt je op weg.
  • Sociale media: we zijn actief op Facebook en Twitter. Wie wil onze aanwezigheid hier verder uitbouwen of uitbreiden naar andere sociale media?

  • Bibliothecaris: we bouwen aan een klein bibliotheekje fietsboeken en -tijdschriften.Wie wil dit beheren, zodat we deze kennis kunnen delen?
  • => Soms geven we een boek cadeau. Dit jaar kreeg minister Peeters “De Fietsrepubliek”, de ongemeen boeiende geschiedenis van de fiets in Amsterdam. Lokaal gekocht uiteraard. Gemeenteraadslid en fractieleidster mevrouw Van Bossuyt kreeg deze zomer “Het recht van de snelste” .
22 februari 2021, 14u46, Gentstraat
  • Ledenwervers: met hoe meer we zijn, hoe zwaarder we wegen. Dat gaat niet vanzelf. Daarom: wie wil focussen op ledenwerving?

  • Contact met leden en burgers: we krijgen regelmatig vragen, meldingen en verzuchtingen uit allerhande hoeken. Wil jij zorgen dat deze vlot bij de juiste personen terechtkomen?

  • Beleidskuitenbijters: wil je je inhoudelijk inwerken in de wondere wereld van mobiliteit? We proberen contact te houden met (veel te) vele actoren. Thema’s bij de vleet. Bijvoorbeeld:
  • Project verkeerslichten: de Vlaamse – en dus ook Gentse- verkeerslichten kunnen véél beter functioneren dan nu. Vlaanderen hinkt hier fors achterop. Wie wil deze zéér technische materie bestuderen? Wat kunnen we leren van andere steden in binnen- en buitenland?
21 juli 2021, 22u26, Dok Zuid
  • Fietsroutes, fietssnelwegen & bewegwijzering: wat is de beste weg van A naar B en hoe zorgen we ervoor dat fietsers die ook vinden?
  • Trams(poren) & fietsen: hoe kunnen we het spanningsveld tussen trams & fietsen aanpakken? Wat kan er op korte en lange termijn verbeteren?
04 augustus 2021, 12u06, Kouter / Kortemeer / Zonnestraat
  • Paaltjes & hindernissen: hoe gaan we om met de noodzaak om fietswegen af te schermen en het risico op “eenzijdige ongevallen”? Wat is nodig? Wat is gevaarlijk?
  • Fietsstallingen en fietsdiefstallen. Zonder woorden.
20 juli 2021, de maandoogst tussen Forelstraat en Dampoortstation
  • Werf-fanaten: overal in Gent en buurgemeentes gaan er schoppen in de grond. De Fietsinfrastuctuur groeit. Hoe lopen de werven? Gaat het vooruit? Vind je als fietser vlot je weg? Hoe kwaliteitsvol zijn de fietsomleidingen? Voer voor fotografische verslagen op Fietsbult.
13 juli 2021, 12u25, Wulgestraat (Evergem)
  • Scholenwerking: heel wat scholen en ouderraden zijn bezig met mobiliteit. Wie wil daarrond een werking opstarten?
03 juni 2021, 08u23, Vroonstallestraat
  • Actievoerders: we hebben een aantal vaste acties of samenwerkingen. Voorbeelden: de jaarlijkse applausacties (op de Wereldfietsdag 3 juni, we hopen dat ooit, one day, àlle politieke partijen hieraan meedoen), telacties samen met GMF, Critical Mass, … Wie wil mee organiseren of gewoon meedoen?
  • Samenwerking met medestanders: in heel wat wijken zijn groepen zoals Ledeberg Breekt Uit meer of minder actief bezig met actieve mobiliteit en veiligheid. Wie wil helpen om nog beter samen te werken?
26 juni 2021, 18u03, Dok Noord
  • Spotters en melders: hoe evolueert je wijk of stadsdeel? Wat kan er beter? Waar zijn de putten of bulten? Welk schitterend idee heeft onze steun nodig?
09 juli 2021, 09u04, Achilles Musschestraat / Krijgslaan
  • Fietsrondetafel: in september 2018 organiseerden we deze fietsrondetafel : ambtenaren en middenveld samen aan tafel rondom een fietsthema. Het is tijd voor een vervolg. Qua thema denken we aan “tramsporen” of aan “het spanningsveld tussen snelle fietsers en trage fietsers + voetgangers”. Of misschien is jouw idee nog beter. Wie wil dit organisatorisch trekken?
01 september 2021, 17u16, André Denysbrug
  • Materiaalbeheerder: we verzamelden in de loop der jaren flink wat actiemateriaal (banners, een megafoon, folders, fietsplaatjes, gadgets,… ). Wie wil dit beheren en verder uitbouwen? We hebben een klein jaarlijks budget.
21 maart 2021, Groendreef
  • Project fietshandelaars: al jàààren willen we een Fietsbultreeks maken over àlle fietshandelaren van Gent. Eén Fietsbult per week. Foto’s en een infofiche, meer niet. De Coronaperiode leek dè opportuniteit om er eindelijk tijd voor te maken. We begonnen eraan, en toen stak Corona een stok in de wielen. Wie weet lukt het nu met jij als trekker? Het concept is er. Nu nog de foto’s en de infofiches.
27 november 2020, 15u49, Tortelduifstraat

Concreet.
Heb je een kriebelend, warm fietshart?
Zin en tijd om als vrijwilliger Fietsersbond Gent mee uit te bouwen?
Kom op maandag 27 september naar onze korte infosessie, waar we u wegwijs maken in de negen duust mogelijkheden om mee te werken.
Waar?
Herberg Macharius, Ferdinand Lousbergskaai (aan Portus Ganda)
Wanneer?
19u30 tot 20u00
Welkom!

We stellen slechts twee voorwaarden: lid zijn of worden van de Fietsersbond, en strak partijpolitiek neutraal blijven. We zijn allemaal onbetaalde vrijwilligers, en kunnen hulp vragen aan de professionals van de Fietsersbond.

Zondag 19 september staan we van 10 tot 18u met een stand op Het Fietsdorp van Gent Autovrij op de Zuidparklaan. Ook daar kunnen we je meer vertellen. Het volledige programma van Gent Autovrij staat hier.

20 juli 2021, 16u10, Coupure Links

Past het je op geen van beide momenten? Geef een seintje via gent@fietsersbond.be en kom een koffie drinken met één van onze vrijwilligers.

Wel zin, maar geen tijd? Wordt dan minstens Fietsersbondlid via deze link. Of nog beter: verander van gedacht, en volg je kriebelende goesting.

Melding via Messenger: Fabiolalaan

Deze ochtend deze foto getrokken. Dagelijkse kost aan de Fabiolalaan. Op de weg rijden dan maar. Door sommige bestuurders niet altijd gewaardeerd. Die maken dan ook hun punt door rakelings voorbij te rijden. Zeer onveilig.

Els Vanden Berghe

Actie: Veilig Verkeer Nu

Naar aanleiding van de dodelijke aanrijding van de twee kinderen in Antwerpen op 24 augustus en de aanrijding van de fietsster in Gent op 18 augustus en alle verkeersslachtoffers die jaarlijks vallen, voeren we actie: Veilig verkeer nu!

Vanavond, 30 augustus, om 17u30 bezetten we samen met Critical Mass Gent en Gents Milieufront actie het kruispunt Nieuwewandeling / Einde Were (R40).

Ook in Brussel, Antwerpen, Leuven, Mechelen, Brugge, Sint-Truiden, Tienen, Temse, Halle, Geel, Boutersem en Hasselt zal de Fietsersbond acties organiseren.

Vroeger

Verandering is moeilijk. Ik kan dan wel vlot mijn mobiliteitsgedrag aanpassen aan wat volgens de huidige inzichten goed en nodig is. Maar minder vlees eten, dàt is … .

Eén van de vele redenen dat verandering moeilijk is is dat we het heden weinig objectief kunnen vergelijken met het verleden. We vergeten zo snel. Zeker over alledaagse dingen als mobiliteit.

Mede daarom was het uiterst prettig dat Korneel De Rync de toestemming gaf om het hoofdstuk FIETS uit zijn boek over de jaren 50 ” Vroeger was alles anderste publiceren. Korneel mailde de tekst op 10 maart 2020. Op 11 maart veranderde mijn wereld voor een paar maanden, iets met een c… . En de tekst verdween ergens diep in mijn mailbox.

Vorige maand dacht ik plots aan die tekst. Het geheugen laat zich niet temmen. Dus hier is hij dan! Hint: let ook op de voorflap.

FIETS

De fiets was in 1957 het meest verspreide vervoermiddel. Er waren er ongeveer 3 miljoen, 2.902.243 om precies te zijn. Dat betekent dat één op de drie Belgen een stalen ros bezat, en dat ongeveer ieder gezin een ter beschikking had. Omdat velen nog geen scooter of auto hadden, lag het gebruik ervan hoog. Uit een grote verkeerstelling in 1955 bleek dat fietsers goed waren voor 18,1 procent van alle voertuigen op de openbare weg. Mensen gingen ermee naar het werk, de winkel of gebruikten hem in hun vrije tijd. De gewone man sprong vaker op een velo dan de vermogende, want die laatste had zich wel al ‘gemotoriseerd’.

Het spreekt voor zich dat de fietsen technisch gezien minder waren: minder goede remmen, minder versnellingen, zwaarder frame, banden die sneller lek raakten, noem maar op. Toch schreef het tijdschrift Cyclotouring in maart 1954 dat de fiets niet meer hoefde ‘beschouwd te worden als een nog te verbeteren ding’. Over fietssloten was ook niet zo nagedacht. Mensen zetten hun tweewieler bijna nooit op slot, want er was nauwelijks diefstal.

Diefstal was er wel van overheidswege. Jaarlijks diende je een provinciale fietsbelasting van 80 frank te betalen. Het was een bijdrage voor de aanleg en het onderhoud van wegen en fietspaden. Je kreeg een metalen nummerplaatje dat je verplicht aan je rijwiel moest hangen als bewijs van betaling. Op dat plaatje stond de naam van de provincie vermeld, het jaartal en een persoonlijk registratienummer. Ieder jaar veranderde de kleur en vorm ervan, zodat de politie snel kon zien wie niet betaald had. (En wat met tandems? In het boek Passe-vite, een nostalgische terugblik op oude voorwerpen, staat te lezen: ‘Op een tandem hoefde maar één fietsplaat. Zat er geen plaatje in de vork, dan schreef de agent een bekeuring uit. Zat op de tandem één fietser, dan schreef de agent één bekeuring uit, zaten op de tandem twee fietsers, dan schreef de agent twee bonnen uit.’) De taks was hoe dan ook voer voor discussie, want slechts een klein procent van de opbrengsten werd geïnvesteerd voor het inrichten en verbeteren van fietsstroken. Sterker nog, het grootste deel ging naar de autowegen, ten nadele van tweewielers. Met het geld werden zelfs rijpaden verwijderd. De fietsers financierden dus hun eigen ondergang.

De overheid hechtte eind jaren vijftig geen belang aan fietsers en fietswegen. Alle aandacht ging naar het opkomende autoverkeer, en daarbij werden de zwakke weggebruikers vergeten. De beleidsmakers leken te denken dat de rijwielen op termijn gewoon zouden verdwijnen en iedereen in de toekomst enkel en alleen een auto zou gebruiken.

Er waren weinig fietspaden. Op veel plaatsen moest de trappende medemens gewoon op de autoweg rijden, ergens aan de rand ervan. Nog meer dan de auto’s hadden zij last van de slechte kasseiwegen. De paden die er wel waren, waren vaak smal, in slechte staat, onveilig, of er werden delen gebruikt als parkeerplaats. Ofwel waren die plekken door de autoriteiten zelf ingericht, ofwel zetten automobilisten daar illegaal hun wagen, zonder dat de politie ingreep – wat bijna op hetzelfde neerkomt. ‘Dat door auto’s op rijwielwegen gereden en geparkeerd wordt, is gewone kost geworden. Politie en rijkswacht sluiten de ogen. Waarom zouden de automobilisten zich dan verder aan de voorschriften storen?’ schreef Cyclosprint, het tijdschrift van de Belgische Wielrijdersbond, in januari 1957. Hoe dan ook, de fietsers moesten zigzaggen en ontwijken. Mooi aan de kant blijven, of in de sloot rijden. Een paar maanden later wond Cyclosprint zich weer op over het gebrek aan ruimte: ‘Onze bevoegde instanties […] handelen als waren de fietsers een uitgestorven categorie van weggebruikers. Het is net of ze geen bestaansrecht meer hebben en alsof opzettelijk alles zo bedisseld wordt dat de vermetele die nog fietsen wil niet spoedig genoeg uit de weg geruimd kan worden.’ En de Antwerpse Wielerunie schreef in 1955 in haar maandblad dat de fietsers de paria’s, de verschoppelingen van de weg waren. ‘En men laat het hem goed voelen. Zijn plaats op de weg wordt alom meer beperkt. Zijn rechten ingekrompen, zijn eergevoel gekrenkt: noch honden, noch rijwielen.’

uit: Vroeger was alles anders, Korneel De Rynck, 2018 (het boek is nog steeds te koop, bijvoorbeeld hier)

Groenbeheer

Koningin Mathildeplein, 19 augustus 2021

Een streepje groen heeft zijn charme. Tussen de fietsen op het Koningin Mathildeplein groeit een groene weelde van gras, onkruid, struiken en berkjes. Ik vind het beeld erg Belgisch. Combineer een moderne stationsgevel, een “tijdelijke” fietsenstalling op een braakliggend terrein, een natte zomer en een avondzon, en je krijgt een surrealistisch schouwspel dat herinneringen oproept aan werk van Stefan Vanfleteren. Natuurlijk is slakkenslijm op je zadel minder plezant, maar ik had het ervoor over.

Minder genuanceerd was mijn oordeel even later, na een gesprekje met een meneer met een APCOA-jasje aan. APCOA is een firma en beheert (in opdracht van de NMBS) het merendeel van de fietsenstallingen in en rond Gent-Sint-Pieters. Ze vonden er blijkbaar niet beter op dan deze arme man opdracht geven om het groen van tussen de fietsen te trekken met de blote hand. Geen handschoenen, geen schoffel, geen snoeischaar, niks. Een triestig gebrek aan professionaliteit. Is dit exemplarisch voor hoe APCOA de fietsenstallingen beheert?

Ze hadden het groenbeheer beter helemaal achterwege gelaten. Dan had het surrealistische beeld tenminste geen zure nasmaak gekregen.

Tramspoor naar de maan

Nee, dit is niet wat je denkt. We vloeken als Fietsersbond vaak wel op tramsporen. Maar we zijn absoluut niet tegen trams. Zolang de tram de goedkoopste en energievriendelijkste vorm van stedelijk openbaar vervoer is, die het méést aantal reizigers kan vervoeren, zo lang zijn we pro tram. Degelijk fietsbeleid kan niet zonder degelijk openbaar vervoerbeleid. Van de kabelbanen, verlos ons heer!

Waar deze kop dan wèl op doelt? Het is de invulling van een klassieker. Het begint met: “We kunnen als mensheid wèl raketten en satellieten naar de maan sturen, èn verder. Maar… “

Daar kan je veel op aanvullen. Ik vul aan met: “… maar we slagen er niet in om tramsporen te vullen met een materie die fietsongevallen doet verminderen.” Dat is geen klein beetje populistisch, want wat met de armoede de wereld uithelpen? Of andere grote morele thema’s? Het gaat me hier niet om moraliteit, maar techniciteit. En op het gebrek aan ambitie hierin.

13okt18, Koophandelsplein

U las misschien dit persbericht van UZ Gent over fietsongevallen door de Gentse tramsporen. Dat is iets waar een aantal Fietsersbonders in het vorig decennium jaren vragende partij voor waren. Een gesprek met De Lijn om het aantal fietsongevallen rondom tramsporen te objectiveren draaide uit op een sisser. Volgens De Lijn waren er amper ongevallen. Ik herinner me een gesprek waarbij de man aan de andere kant van de tafel niet eens wist dat er in Gent veel ouders met kleine kinderen doorheen de stad fietsen.

07mei17, Geldmunt / Rekelingestraat
07mei17, Geldmunt / Rekelingestraat

Dat was nieuw voor hem. En hij fietste zelf ook in Gent, vertelde hij trots. Maar hij woonde in een tramloze stad. En fietste in Gent van en naar vergaderingen aan de Zuid of het Stadhuis. Buiten de spitsuren.

De essentie van het verhaal van De Lijn is natuurlijk dat ze de middelen niet kregen/ krijgen om hun opdracht goed uit te voeren. En die opdracht was inderdaad een erfenis van Steve Stevaert zaliger. Simpel uitgelegd: we bieden de Vlamingen openbaar vervoer aan tot in de verste uithoek. Dat doen we niet voor vaste installaties als gas of riolering (wél voor kraantjeswater en stroom), maar dat gingen we wel doen voor dagelijkse busritten. Maar de plaatsen waar openbaar vervoer het meest maatschappelijk rendeert, de steden, kregen amper de middelen om een langetermijnbeleid uit te werken. Wie herinnert zich het Pegasusplan uit 2003 nog? Klaar in… 2025 (volgens deze tijdslijn van De Lijn). Ik heb ook nooit begrepen waarom de kortste tramlijn tussen Wondelgem en Gent Sint-Pieters doorheen het stadscentrum moet rijden. Terwijl het vroegere én logische parcours de Rooigemlaan volgde. Of waarom bewoners van Ledeberg via de Rozemarijntjesbrug naar het station sporen. Gent heeft een tramnet als de Franse Spoorwegen, met de Cataloniëstraat in de rol van Paris Nord.

21jul13, 16u29, Cataloniëstraat
21jul13, 16u29, Cataloniëstraat

Je kan natuurlijk niet verwachten dat een relatief kleine stad als Gent, met een complexe structuur vol kanalen en rivieren, een “logische” tramstructuur heeft, waar zowel de reizigersstromen naar het Gentse winkelhart als naar het hoofdtreinstation (in het Duits: Hauptbahnhof) rechtstreeks bediend worden. We kunnen niet àlles willen. Zolang de basiszaken maar goed gebeuren. Alhoewel: compromissen in mobiliteitsdenken wreken zich vaak snel. De wereld evolueert sneller dan de geplande investeringen uitgevoerd geraken.

Terug naar de tramsporen. Het is de taak van De Lijn om het wegdek links, rechts en tussen de tramsporen te onderhouden. Je kan onmogelijk zeggen dat de Lijn die opdracht grondig ter harte neemt. Je kan ook niet zeggen dat De Lijn voeling heeft met wat een stad als Gent nodig heeft. Je merkt dat Mechelen (en Brussel) veraf liggen. Daarnaast merk je ook dat het kader waarin De Lijn haar opdracht moet waarmaken niet bedrijfsefficiënt is. Ik heb er soms medelijden mee. Zo kan het gebeuren dat De Lijn in een juridisch conflict ligt met een wegenbouwbedrijf over slecht geleverd werk, en toch met hetzelfde bedrijf een volgende fase moeten aanpakken, desnoods via de Raad van State. Dus ze weten bij voorbaat: die volgende werf zal ook klotekwaliteit opleveren. Kijk naar de gebroken beton en de reeds verzakte “putjes” tussen de tramsporen in Korte Meer, Cataloniëstraat of Emile Braunplein. Ik weet het: De Lijn is niet de enige met deze absurde wetgeving. Ook bijvoorbeeld Sociale Woningbouwmaatschappijen hebben dat “systeem” aan hun been.

Positief: afgelopen jaren is er qua materiaalgebruik bijgeleerd. De Brabantdam en Papegaaistraat (en verder) zijn duidelijk robuuster gebouwd. Met als minpunt: wat als iemand zijn huis wil aansluiten op de rioleringen. Negatief: De Lijn laat sommige straten jarenlang liggen als warzones. Herinner je de vaudeville van de Vervaenestraat in Ledeberg. Bekijk nog eens dit filmpje uit december 2020, waar we minister Peeters vroegen Kerstman te spelen voor De Lijn, zodat de Zonnestraat en Koophandelsplein niet nog jaren een fietsongevallenplaats is.

Het is grappig om vandaag de kranten te lezen. Het lijkt alsof De Lijn een stedelijk bedrijf is, alsof de Stad Gent hier de verantwoordelijkheid draagt. Was dat maar waar! Toen ik deze middag eens neerschreef wat er allemaal beter kan in verband met de tramsporen kwam ik aan een fors verlanglijstje, bijna exclusief uit te voeren door De Lijn.

-Goed beleid start bij degelijke cijfers. Door deze studie is het nu wel duidelijk: de fietsongevallencijfers van De Lijn en de Politie zijn ondermaats. Degelijke ongevallenanalyses ontbreken. Waarom geen beter cijfermateriaal verzamelen via de spoeddiensten, en zo de politiecijfers objectief aanvullen? Zo kan men beter de types ongevallen en de hotspots van ongevallen met gekwetsten traceren. Deze studie toont het nut daarvan. Dat kan uiteraard niet zonder extra financiële ondersteuning van de spoedopnames.

– Heldere visuele communicatie over de plaats van de fietser is gewenst: rechts van de tramsporen (waar mogelijk, bv Limburgstraat staduitwaarts), of tussen de tramsporen (bv Limburgstraat aan tramhalte). Er zijn al voorbeelden hiervan in Gent en Antwerpen. Ik lees in de kranten dat De Lijn hier verder wil aan werken.

07mei17, Brabantdam

– “Oversteekplaatsen” creëren tussen deze twee opties, helder aangeduid, en met vulling van de sporen.

14mei17, Limburgstraat

– Ongebruikte tramsporen opvullen met vaste vulling zoals in de Belfortstraat (bijvoorbeeld: de Sint-Michielshelling). Dat systeem opvolgen, verbeteren, én onderhouden.

Belfortstraat

– Delen van ongebruikte wissels maximaal opvullen. Als er uitzonderlijk toch een tram over de wissel gereden is => weer opvullen. Wissels zijn de killers.

– Voor de minister: een joint venture opzetten (met innovatie-overheidssteun) tussen De Lijn, wetenschap (UGent?) en bedrijven om vulling te ontwikkelen voor tramsporen in werking. We willen toch innoveren? We willen toch exportproducten ontwikkelen? Wel, dit kan een perfect innoverend exportproduct worden. Daar hebben we geen raketten voor nodig. Weg met het defaitisme en ongeloof dat dit een onmogelijke opdracht is!

– Focus op remediëring van de bekende hotspots, vaak kruispunten van tramlijnen: Vlaanderenstraat/Brabantdam, Veerleplein, … Eén van onze dochters werkte een poos in het koffiehuis op de hoek Brabantdam – Vlaanderenstraat. Ze zag dagelijks fietsers vallen. De bloemist in de Sint-Niklaasstraat ziet er minstens één per week vallen.

– Een noodplan voor onderhoud van het wegdek naast en tussen tramsporen (zoals het gebeurde in vorige bestuursperiode op de as Sint-Baafsplein – Limburgstraat – Vlaanderenstraat). In de krantenartikels ligt de focus sterk op het stadscentrum. Maar ook daarbuiten is het vaak onveilig. Een voorbeeld: het kruispunt Voskenslaan / Maaltebruggestraat.

– Beter onderhoud van verzakkende “afvoerputjes” tussen de sporen. Dat zijn vaak èchte putten in het wegdek.

– Oversteekplaatsen van fietspaden altijd haaks op tramsporen bouwen, niet schuin. Daar speelt zowel de Stad Gent als Agentschap Wegen en Verkeer een rol. Hoe zal het aan Dok Noord / Verapazbrug worden?

– Als De Lijn écht wil weten waar de pijnpunten zijn: creëer een meldpunt.

Opjaaggedrag van tramchauffeurs (fietsers aan de kant bellen) moet helder verboden worden. Voorrang van trams telt voor dwarsend verkeer. Het is lang geleden dat we in Gent hierover klachten lazen. Dat is in Gent dus -misschien – opgelost.

– Off topic: degelijk verkeerslichtenbeleid. Als ik het goed begrijp wordt hier – na het debacle met het kruispunt Voskenslaan / Sint-Denijslaan- sinds kort bij De Lijn eindelijk degelijk werk van gemaakt. Applaus. Er is nog veel werk te verzetten. Een voorbeeld: het fietsverkeerslicht aan UZ Gent staat vaak nutteloos op rood als er geen tram passeert. Degelijke tramvriendelijke lichtenregelingen aan het kruispunt Kortrijksepoortstraat / R40 kan maken dat het staduitwaartse fietsverbod in de Kortrijksepoortstraat kan verdwijnen. Akkoord: de Bijlokekaai is dé fietsas. Maar voor de bewoners van de Kortrijksepoortstraat die willen fietsen is dit een geseling. Voor de jonkies: dit eenrichtingsverkeer werd ingevoerd in de jaren 80, toen het stadscentrum één autofile was, en de trams vaak vast zaten op de as Kortrijksesteenweg / Koningin Elisabethlaan. Als jongere kwam ik daardoor soms te laat op school aan. Buiten de R40 heeft de tram nu al jaren een snelle eigen bedding. Een andere grote boosdoener van vertragingen door de tram zijn de slecht geparkeerde wagens. Iedereen kent de oplossing hiervoor.

Dat alles vraagt een engagement om mee te bouwen aan een fietsstad. Vraag is of De Lijn dat wenst, en vraag is of ze daar van Vlaanderen de middelen voor krijgt. Zo niet, dan blijft De Lijn zitten in haar klassieke alliantie met de autostad. Dat is het vicieuze cirkel in hun denken. Hopelijk wordt die bladzijde ooit omgedraaid.

Drie uitsmijters: de commentaren op sociale media zijn alweer om in te kaderen. Volgens velen ligt het aan de fietsers zelf. Dat klopt deels: fietsen tussen de tramsporen moet je leren. Maar het is geen toeval dat de piek in de ongevallen in de herfst ligt: dat is de aankomst van méér dan tienduizend jongeren die zich voor het éérst intens in een stad verplaatsen. Die kunnen fietsen. Maar die ogen tekort komen voor de vele obstakels. Als ze al niet focussen op: de weg zoeken.

Mijn teerbeminde en ik zijn lid van Vrienden op de fiets. Een paar jaar geleden ontvingen we een echtpaar uit het zuiden van Nederland. Op dag één van hun tweedaagsverblijf viel mevrouw op het Lippensplein. Geen spoedopname, maar wel véél pijn. Ze namen prompt de trein terug naar huis.

Dikke banden helpen veel.

13okt18, Koophandelsplein

Dodenwake 10 juli 2021

Zaterdag, 10 juli 2021, organiseerde Fietsersbond Gent in Zwijnaarde een kleine dodenwake ter nagedachtenis van José Van de Velde. Omwille van corona is dit – net als de vorige wake in maart 2021 – een uitgestelde wake, een jaar na de droeve feiten.

10 juli 2021, Remi Vlerickstraat

Het opzet was bewust heel kleinschalig. In overleg met de familie van het slachtoffer hingen we ter plaatse een naamplaatje met de naam en het geboorte- en sterfjaar van het slachtoffer. In de traditie van onze dodenwakes legden we ook een klein boeket ter ere van het slachtoffer.

10 juli 2021, Remi Vlerickstraat

Op 4 juli 2020 overleed een fietser in Zwijnaarde. Het ongeval gebeurde aan de hoek van de Dorpstraat en de Remi Vlerickstraat. Bij het ongeval met de fietser was een vrachtwagen betrokken. Op basis van de beschikbare informatie hebben we geen link met wegeninfrastructuur of gedrag.

Wat ons wel frappeert is de blijvende onduidelijkheid van de omstandigheden van dit ongeval. Wij en de familie blijven met veel vragen zitten. Daar kunnen we moeilijk mee leven. Het is zelfs niet zeker of het slachtoffer fietste, of met de fiets aan de hand stapte, of stil stond.

We missen in het Vlaamse èn Gentse beleid degelijke ongevallenanalyses, met conclusies. Al te vaak is dat niet meer dan een opsomming van locaties en vervoersmiddelen. Dat kan diepgaander, zeker naar mogelijke preventieconclusies. De belangrijkste vraag is: hoe kan dergelijk ongeval in de toekomst vermeden worden? Uit elk dodelijk ongeval zijn er lessen te trekken. Dat vraagt een analyse met verschillende actoren, mèt conclusies. In dit geval: had een camera achteraan of opzij van de vrachtwagen dit ongeval kunnen vermijden? Zo ja: laat dit een beleidsconclusie worden.

10 juli 2021, Remi Vlerickstraat

We missen de Stad Gent ook in het SAVE-Charter van OVK (Ouders van Verongelukte Kinderen). 114 steden en gemeenten ondertekenden reeds dit charter. We roepen de Stad Gent op dit ook te doen, en samen met de Gentse Politie nog actiever mee te helpen zoeken naar methodes om dodelijke ongevallen te vermijden. Want elke verkeersdode is er één teveel.

Raadsel (Motorstraat)

U komt op een fietssnelweg deze situatie tegen:

Hogeweg & Motorstraat, 8 juli 2021

Misschien helpt een ander beeld van de situatie:

Hogeweg & Motorstraat, 8 juli 2021

Het enige deel van de weg dat niet door de aannemer ingenomen is en breed genoeg is om een tegemoetkomende fietser te kruisen is de linkerrijstrook… maar daar botst u frontaal op het gemotoriseerd verkeer dat uit de haven of van de R4 komt.

Een werkman beweerde dat het moordstrookje links de juiste oplossing was, hoewel er geen signalisatie voorzien is die dat toestaat, laat staan duidelijk maakt. Geen probleem, volgens de man, want in de bebouwde kom mag je spookfietsen. (Iemand een idee waar dat waanbeeld vandaan komt?) Zelfs als dat waar was, ligt de grens van de bebouwde kom net achter ons…

Hopelijk realiseert de aannemer zich dat de situatie ook voor fietsers veilig en leesbaar moet zijn, voor er slachtoffers vallen.

Mobiliteitsverleiden

Wonen is een basisrecht. De plek waar je woont bepaalt veel. Het is bijna 27 jaar geleden dat mijn teerbeminde en ik besloten om te verhuizen. Waarheen? Den buiten? Met ons type van job (nachtverpleegster en theatertechnicus) wou dat zeggen: altijd 2 auto’s nodig. Of in de stad blijven? Dan kon het met één auto. We kozen voor het laatste. Dicht bij het centrum. Nét / nét geen 9000 Gent, dat stak een beetje. Het werd de eerste straat van 9040 Gent. Dicht bij een treinstation. En dicht bij de autostrade. Binnen 15 dagen is het 25 jaar geleden dat we hierheen verhuisden. Ik was nog geen Fietserbonder. Een auto bezitten leek evident. Wel kozen we bewust een school vlakbij ons nieuwe huis, zodat de dochters op termijn zelfstandig naar school konden. Maar de bizarre realiteit was dat het volume autoverkeer in onze straat zo snel steeg, dat we de kinderen vaak zelf met de auto brachten.

Huizen waren toen een pak goedkoper. Bouwmaterialen ook. De kennis over isoleren was beperkt. Internet was voor een elite. Flink wat panden stonden leeg. We leefden in de wereld van huisje- tuintje – keukentje. Vergeleken met toen is de appartementisering van de nieuwe wooneenheden bijna de norm geworden. Compacter wonen is ok, én nodig. Al bleek tijdens de pandemie waar de minpunten zaten.

In de slag om de appartementenkoper is de locatie een prijsbepalend element. Elke projectontwikkelaar wil zo duur als mogelijk verkopen. Mobiliteitsverleiden is één van de technieken. Dat was altijd zo. Het fietsverleiden dook eerst op in dure verkoopsbrochures (zie onderaan deze Fietsbult over de Loop). De laatste jaren verschijnt de fietsverleidingsdans steeds meer in het straatbeeld. Er waren al vaker voorbeelden te zien, zoals werfborden op het jaagpad langs de Bovenschelde, stijl: “zoveel kilometer naar centrum Gent”. Deze mobiliteitsverleiding kan je al een poos bewonderen op de Hogeweg:

01 juli 2021, Hogeweg

Ik ben benieuwd naar wàt precies dit project zichzelf doet uitroepen tot “meest fietsvriendelijke project van Gent”.

01 juli 2021, Hogeweg

Feit is: de fiets heeft een prominente plaats gekregen in de verleidingsdans. Dat was 25 jaar geleden nog ondenkbaar.

Werfnieuws: Motorstraat (4)

In de omgeving Darsen is intussen de volgende werf gestart: Infrabel voorziet een betere aansluiting naar de Hogeweg / doorfietsroute F400 en een verhoogde oversteekplaats van de Motorstraat naar de nieuwe overweg.

Nieuwe situatie (© Infrabel)

16 juni startten de werken in enige chaos: Farys kwam onverwachts een herstelling uitvoeren, midden in de werf. Na enkele dagen en een melding van onze kant was de situatie voldoende veilig en comfortabel geworden, maar bleef ze vrij onduidelijk.

Vanuit de Hogeweg en de Muide bleef de situatie zoals na de afwerking door AWV.

Hogeweg, 17 juni 2021

Vanuit de Lourdesstraat werd de situatie wel veranderd; waar je voorheen moest oversteken en je weg vervolgen over het fietspad aan de rechterkant van de weg, was deze route nu afgesloten met hekken en een bobcat.

Motorstraat, 16 juni 2021

De bedoeling was om langs de linkerkant van de weg verder te fietsen (zonder dat dit met een verkeersbord werd toegelaten) tot aan de de oversteekplaats van de Hogeweg aan de Noordveenakkerstraat. Ook daar helaas weinig duidelijk.

De fietsstrook onder de spoorweg werd gelukkig nog breder naarmate de werken vorderden.

Motorstraat, 24 juni 2021

Intussen is de werf in een volgende fase gekomen en werd de fietsstrook naar de overkant van de weg verplaatst. Vanuit de Hogeweg was alles duidelijk aangegeven, al was de fietsstrook onder de spoorweg opnieuw nogal smal bemeten voor tweerichtingsverkeer (hoewel er voldoende plaats is).

Komende van de Lourdesstraat:

Tot zover allemaal duidelijk. De doorgang naar de Noordveenakkerstraat is in orde, maar fietsers richting Hogeweg botsen – letterlijk – op een verkeersbord, dat zowel op het fietspad als op het zebrapad geplaatst werd. Een zure afsluiter voor wat verder één van de beter georganiseerde Gentse werven is.

Hogeweg & Noordveenakkerstraat, 2 juli 2021

Merelbekestraat, Melle

Op 11 juni 2018 begon ik met het schrijven van deze post.
Ondertussen gebeurde er van alles, kindjes worden geboren, men verandert eens van werk, een virusje hier en daar, … kortom: het leven.
Heel recent las ik onderstaand berichtje van Fietsersbond Melle op twitter wat mij aan dit verhaal deed denken.
Tijd voor die schop onder m’n gat en de grove borstel door het artikel. Tijd om nog eens op pad te gaan.

Al fietsend haal ik geregeld mensen in, om dan iets verder aan een stoplicht samen aan een stopstreep te staan wachten. Veelal gaat dit gepaard met een glimlach of een hoofdknik, een begroeting onder fiets-genoten. Af en toe ontstaat er een leuk gesprek waar je iets van meeneemt.

Zo fietste ik langs de N9-Brusselsesteenweg, richting Gent. Aan het kruispunt met de Land Van Rodelaan werd ik bijgehaald. “Is dat een camera? “, vroeg ze, wijzend met een vinger naar de bovenkant van haar hoofd. Een positief antwoord hierop leidde tot de logische vraag: “…en wat is daarvan de bedoeling? “.

Terwijl het groen werd en we samen verder fietsten langs het Park De Vijvers door de De Naeyerdreef, somde ik een aantal voor de hand liggende redenen op. Gaande van het vluchtmisdrijf waar ik mee te maken heb gehad en het vaak voorkomende ik had u niet gezien (terwijl de bestuurder aan het gsm-en was achter het stuur) tot het filmen van de reigers of regenbogen in en boven de plassen waar ik langsheen fiets en het gebruik van de beelden om onveilige situaties aan te tonen.

26 mei 2016, Scheldetragel, Heusden (Destelbergen)

Op het thema veilig fietsen wist ze direct in te pikken met een perfect voorbeeld van een missing link. De Merelbekestraat (grondgebied Melle, aan de rand met Gent), was net de reden waarom ze zelf de kinderen met de auto naar een school bracht in Melle.
Weer zo’n typisch verhaal van een onveilige schoolfietsroute die voor meer autovervoer zorgt, wat de route dan weer minder veilig maakt voor anderen die wèl met de fiets gaan.

Na een vraag van haar of ik dat op sociale media post, kon ik enkel wat reclame maken voor de Fietsersbond en mezelf een schop onder de kont geven. De aanzet tot dit artikel was gegeven.

Dit verhaal over een missing link is typerend. Veilige fietsroutes van en naar school en/of werk blijven de essentie om mensen op de fiets te krijgen. Voor fietsers lijkt dit begrip heel anders ingevuld als voor de verantwoordelijke gemeentebesturen. De wensen en de veiligheid van de bewoners, voetgangers en fietsers worden nog steeds te vaak ondergeschikt gemaakt aan het gemak van zij die de auto verkiezen.

Komende van Heusden kan je met de fiets tot aan Melle Leeuw over een fietspad. Het oversteken over de N9-Brusselsesteenweg is geregeld met stoplichten, niet conflictvrij en zeker vatbaar voor vele verbeteringen, maar naar huidige maatstaven zijn de basisvoorziening aanwezig.
Ditzelfde punt is een aankooppunt voor fiets verkeer uit Gentbrugge en -zolang de fietssnelweg F2 niet afgewerkt is- voor fietsers uit Wetteren.

Meteen na dit kruispunt verdwijnen alle fietsvoorzieningen in de Merelbekestraat tot na de rotonde net voor de spoorbrug.

25 juni 2021, N9-Brusselsesteenweg / Merelbekestraat, Melle

Het begin van de Merelbekestraat is breed genoeg om een fietspad te krijgen. De hoeken van deze straat met de N9, Brusselsesteenweg (richting Gent) missen nog een by-pass voor fietsers. Een inrichting die wel voorzien is op de 3 andere hoeken van dit kruispunt.

25 juni 2021, Merelbekestraat, Melle

Al snel wordt de straat wat smaller, doch breed genoeg om parkeervakken op het wegdek te voorzien. Deze parkeervakken zijn gericht op de bewoners via bewonerskaarten of korte bezoeken via parkeerschijf.
Tot aan de Hovenierstraat heeft elk huis hier minstens 1 privéparking en/of een eigen garage.

25 juni 2021, Merelbekestraat, Melle


Na de Hovenierstraat wordt de straat nog iets smaller en hebben minder huizen een privéparking ter beschikking. Dit resulteert in een smalle corridor waar 2 kruisende auto’s snelheid moeten minderen om elkaar veilig te kunnen kruisen. Het kruisen van een bus of vrachtwagen gaat maar erg nipt en het voetpad wordt hier regelmatig gebruikt om over uit te wijken. Net in het midden van dit smalle deel is een nieuwe zijstraat aangelegd.
Een puur cosmetische toets in de vorm van een niet verhoogd verkeersplateau dient bestuurders tot een kalmer tempo aan te manen.

25 juni 2021, Merelbekestraat, de drempelloze-drempel, Melle


Als fietsers wordt je hier al snel ingehaald, autobestuurders zien op dit rechte stuk tegenliggers al van ver aankomen. Dit betekent echter ook dat veel auto’s niet het geduld hebben om achter de fietser te blijven. Met een manoeuvre “het past nog nèt wel” tot gevolg. Voor de fietsers is dit vaak een “het past nèt niet, dus ik rem maar en ga verder naar rechts gaan rijden“- situatie.

25 juni 2021, Merelbekestraat / Vogelstraat, Melle

Bij het volgende kruispunt, met de Vogelstraat, heb ik als fietser de reflex om uit de baan van de auto’s te gaan rijden. De buitenbocht dus. Helaas heeft deze zijstraat een verkeerseilandje in het midden, wat net te ver inspringt op de Merelbekestraat. Hierdoor wordt de fietser terug in de lijn van de auto’s geduwd.
Op de hoofdbaan, de Merelbekestraat, is hier meer dan ruimte genoeg om dit veilig in te richten voor de voetgangers en fietsers. Minstens zou voor de lengte van de erg lange kruising een fietspad voorzien kunnen worden.

Merelbekestraat / Vogelstraat, met een beetje verbeelding

Vervolgens zijn er enkel parkeervakken voorzien voor de huizen die geen privé parkeerplaats hebben voorzien in hun voortuin, de rest van de baan is erg breed en is er een ruimte zo breed als 3 baanvakken. Dit bredere gedeelte komt gevaarlijker over voor de fietsers, omdat de snelheid van de auto’s  hier omhoog gaat.

25 juni 2021, Merelbekestraat, Melle

Uiteindelijk volgt er net voor de rotonde een stukje zone 30, met een middenberm of verdrijvingsvlakken welke de middenberm moet nabootsen / aankondigen.

25 juni 2021, Merelbekestraat, begin zone 30, Melle

Aangekomen bij de rotonde zien we dat zelfs bij de aanleg van die rotonde er geen duidelijk doorlopend fietspad richting de school is aangebracht. Dit lijkt een bewuste keuze geweest te zijn, aangezien de ruimte voor een fietpad omheen drie kwart van de rotonde zeker aanwezig is.

Ik begrijp dus het sentiment van de bezorgde moeder die voor de auto koos om haar kinderen naar school te brengen. Deze baan lijkt aangelegd te zijn onder druk van autodoorstroming en snelheidsremming, maar op geen enkel punt is er rekening gehouden met de veiligheid van fietsers. De ingrepen die hier nu reeds kunnen gebeuren met een beetje verf en enkele borden zouden al een groot verschil maken voor de gehele uitstraling van deze ‘missing link’.

In deze straat kan de grootste meerwaarde gehaald worden door de de volledige verkeersas zone 30 te maken, zelfs al kan hier over een groot deel van de straat eenvoudigweg een fietspad toegevoegd worden. Deze straat heeft een groot fietspotentieel, maar niet met deze verkeersinrichting en met dit snelheidsregime.

Drie jaar nadat ik op deze situatie gewezen werd is er -helaas!- weinig veranderd. Buurtbewoners , de Fietsersbond Melle en Critical Mass Melle willen nu een lans breken om deze situatie aan te kaarten en al minimaal een uitbreiding van de zone 30 te eisen. En u?

Teken de petitie hier.

Kom dinsdag 29 juni naar onze critical mass. Start om 20u aan het Lijsternest in de Wautersdreef.  Meer info hier.

Met de fiets langs de Sint-Lievenstunnel via het Marie-Jeanne Boelenspad

(Na een lange afwezigheid: de comeback van Sven! Met een eerbetoon aan… Marie-Jeanne!)

ingang van de onderdoorgang met zicht op aftakking richting Dierentuinlaan.
22 juni 2021, Marie-Jeanne Boelenspad

Het Marie-Jeanne Boelenspad is nu bijna een jaar bruikbaar als fiets- en voetgangersonderdoorgang, parallel aan de Sint-Lievenstunnel langs de R40. Eén van de meest huiveringwekkende fietsoversteekplaatsen van Gent verdween. Dit verdient een feestje en een evaluatie. En néé: het is zeer normaal dat je de naam van dit fietspad niet goed kent. De naamgeving kwam er pas in april van dit jaar (meer info hier).

De R40 – alias de kleine ring – van de Overpoort richting Dampoort volgen was altijd – kuchkuch– een uitdaging. Voornamelijk het kruispunt onder de B 401 met zijn fly-over was voor fietsers een werkelijk obstakel. Smalle en veel te kleine opstelvakken. Het amper kunnen oversteken van de 7 baanvakken binnen 1 groenfase. De lange wachttijden bij de stoplichten. Het tegelijk groen zijn voor fietsers die de kleine ring volgen en voor trams die deze kruisen…

22 juni 2021, waar de oude oversteekplaats lag onder de Fly-Over

Dit alles behoort tot een onzalig verleden. Dit knooppunt heeft, voor fietsers althans, een ware transformatie ondergaan.

Na een klein jaartje is het dan ook tijd om deze ontegensprekelijke verbetering eens onder de loep te nemen. Wat is er goed en wat kan er beter?

22 juni 2021, Marie-Jeanne Boelenspad komende van Scheldepunt

De breedte van dit pad, onder de brug door, is ideaal, ook voor kruisend verkeer.
De hellingsgraad is fantastisch gekozen en de ondergrond geeft genoeg grip zonder al te veel drempels en bobbels. Allemaal positief.

Over de aanduidingen en borden, de geldende voorangen, de toegelaten rijrichtingen en de te nemen hoeken en bochten kunnen we wel wat kritischer zijn.

1. richting Zuiderpoort / 2. richting Ledeberg / 3. Komende van Dierentuinlaan

Zo is er een route voorzien voor fietsers vanuit de Sint-Lievenslaan richting Zuiderpoort (1, in geel) en richting Ledeberg (2, in blauw). De fietsers komende van de Dierentuinlaan (3, in bruin) blijven echter in de kou staan: wachten voor 2 stoplichten en bij het oversteken van de tramsporen.

Fietsers die de Sint-Lievenslaan volgen, de hoofdas hier, verliezen 2 keer hun voorrang.

22 juni 2021, van de Sint-Lievenslaan naar het Marie-Jeanne Boelenspad

Het eerste voorrangsverlies is bizar. (4) Fietsers moeten er vanop de ondergedimensioneerde (smalle) verbinding vanuit de Sint-Lievenslaan voorrang verlenen aan het Marie-Jeanne Boelenspad. Dat pad naar rechts, de richting waarop je hier dus voorrang moet verlenen, loopt via een kasseibaan verder dood op de Scheldepunt. Er zit een logica achter die ik niet kan lezen, laat staan begrijpen.

22 juni 2021, van het Marie-Jeanne Boelenspad naar het fietspad langs Keizerverst

Het tweede voorrangsverlies is bij het vervolgen van de route langs de Keizervest. Hier komen er fietsers vanop het kruispunt naar beneden gefietst. De fietsers die hier van de onderdoorgang komen moeten op de helling naar boven vertragen en om duidelijk zicht te krijgen op het verkeer komende van links, bijna volledig tot stilstand komen. De hoek noch de helling van waaruit hier gekeken wordt zijn optimaal.

22 juni 2021, van het Marie-Jeanne Boelenspad naar het fietspad langs Keizervest

Verder valt het op dat deze onderdoorgang duidelijk bedoeld is als 2 richtings fiets- en voetpad. De aanwezige borden D7, verplicht fietspad, lijken hier dan ook beter weg te ruimen voor borden type D10, baan voorbehouden voor fietsers en voetgangers. Vergezeld van het onderbord M18.

22 juni 2021, een trap voor de voetgangers

Bij het voorrangsbord aan de kant van de Sint-Lievenslaan werd hier wel een onderbord type M10 voorzien. Een verdwaald bordje c3, verboden toegang voor alle verkeer, net naast het bordje verplicht fietspad, zal hier geen enkele fietser om de tuin leiden.

Ondanks deze punten levert deze onderdoorgang een werkelijk verschil. Fietscomfort en vlotheid zijn hier niet alleen fors verbeterd maar deze route is hierdoor een pak veiliger geworden.

Mocht dit een minimale standaard worden voor nieuwe verkeersinfrastructuur in Gent, dan kijken wij de toekomst alvast rooskleurig tegemoet.

9 maand

Louisa is niet zwanger hoor! Het is omgekeerd. Ze is bijna 9 maand oud.

21 mei 2021, Louisa D’Havébrug

Op 21 september werd de Louisa d’Havébrug – Louisa voor de vrienden- plechtig ingehuldigd. Op 21 juni is Louisa dus 9 maand oud. We zijn nog steeds dolgelukkig met haar. En iets verderop krijgt haar 60 jaar oudere broer, Stroppie, zijn langverwachtte remake. Maar er leeft ongeduld om Louisa in haar volle glorie over te kunnen fietsen. Vandaag popte dat ongeduld op Twitter op:

Maar zoals er versplintering van bevoegdheden bestaat (dat is een belangrijk hoofdstuk in onze cursus politicologie), zo is er ook versplintering van werven. Het positieve woord hiervoor is: “taakverdeling”. Het tussenwoord is: “afbakening”. We kennen zo meerdere fietsprojecten. Het nadeel is: het vraagt véél geduld van de fans. En het veroorzaakt wrevel.

Als fan van Louisa vroegen we de schepen van Openbaar Groen om helderheid, en dat kwam er vrij snel:

Van: Yves
Verzonden: woensdag 19 mei 2021 17:55
Aan: De Bruycker Astrid <Astrid.DeBruycker@stad.gent>
CC: Ruben – Fietsersbond Gent <gent@fietsersbond.be>
Onderwerp: park naast Louisa D’Havébrug

Dag mevrouw de schepen,

Beste Astrid,

De Louisa – zo noemen we de Louisa d’Havébrug liefkozend – is bijna een zwangerschap oud. We plannen 9 maand na de opening (dus rond 21 juni) een Fietsbult over de ontbrekende aansluitingen.

We vinden het zonde dat zo’n knappe infrastructuur niet prompt 100% kan renderen. Het is wachten op de aanleg van het park. Kan u ons een idee geven wanneer de werf die de aansluitende fietspaden creëert zal starten? Of kunnen we helpen om dit te bespoedigen?

Met fietsende groet,

Yves, vrijwilliger FIETSERSBOND GENT

————————————————————–

Van: Schepen De Bruycker Astrid <schepen.debruycker@stad.gent>
Verzonden: donderdag 27 mei 2021 11:32

Onderwerp: RE:KAB20212291 park naast Louisa D’Havébrug

Geachte heer De Bruyckere, beste Yves,

Dank voor je vraag. De offertes van de aanbesteding voor de aanlegwerken van het park werden geopend op 18 mei l.l..

De gunning van de werken in het college is voorzien eind juni. De aanlegwerken kunnen dan starten na het bouwverlof, in de tweede helft van augustus. Het park komt er dus nog zeker dit jaar!

Vriendelijke groet

Astrid De Bruycker (zij/haar)

Schepen van Gelijke Kansen, Welzijn, Participatie, Buurtwerk en Openbaar Groen

————————————————————-

Dat is goed nieuws. Langer wachten zou niet echt verantwoord zijn, het is er nu al vaak druk:

01 mei 2021, toekomstig park naast Louisa d’Havébrug

De (nieuwe!) fietsroutebordjes hangen al klaar:

01 mei 2021, Louisa D’Havébrug, en toekomstig park ernaast
01 mei 2021, toekomstig park naast Louisa D’Havébrug,

Bedelen aan de Saskes

Bedelknoppen. Een geliefd instrument van wegbeheerders om fietsers en voetgangers op een veilige maar trage manier een drukke verkeersstroom te laten kruisen. Het concept is eenvoudig. Je bedelt door op de knop te drukken, je zingt afhankelijk van de lichtenregeling 2 of 17 keer “Schipper mag ik overvaren“, en je steekt over bij groen.

Bedelen kan je langs Vlaamse wegen doen met verschillende modellen. Bij mijn weten zijn er een viertal. Van de alleroudste (links) weet ik niet of ze in Gent nog voorkomen. Ik kwam er nog ééntje tegen in Oosterzele. De groen-witte stickers kregen we cadeau van corona.

Bedelknoppen kunnen nuttig zijn, maar worden vaak misbruikt. Op vele kruispunten met bypasses worden zebrapaden en fietspaden uit de voorrang gehaald door bedelknoppen, waardoor men 2 of 3 keer moet bedelen om over te steken. Ook schort het vaak aan de responstijd, die soms dermate lang is dat een bedelknop zijn geloofwaardigheid verliest en roodlichtnegatie bevordert.

Een plek waar bedelknoppen hun potentieel kunnen bewijzen, is de fietsoversteek aan de Saskes in Oud-Gentbrugge, over de R40 – Vlaamsekaai naar de Zalmstraat. Groot was mijn vreugde toen ik enkele dagen geleden getuige was van de geboorte van een bedelknop van de jongste generatie. De navelstreng zat er nog aan! Tezelfdertijd waren werkmannen in opdracht van AWV een systeem voor fietsdetectie aan het installeren.

Baby bedelknop met navelstreng, Zalmstraat

Fietsdetectiecamera, Zalmstraat

Deze combo roept vragen op. Waarom een bedelknop én een automatische detectie? Is dit een experiment? Hoe worden beide afgeregeld? Boeiende materie!

Voorheen was de groenfase voor fietsers hier precies 8 tellen. Als je geluk had dat er een voetganger op zijn knop bedelde, werd je bedeeld met een gulle 2 extra tellen. Dat is nauwelijks genoeg voor mijn kleuter om te beseffen dat het groen is, zijn balans op de fiets terug te vinden, en de 25 meter van de stopstreep naar de overkant te overbruggen. Dat is niet genoeg om in de ochtendspits alle wachtende fietsers in één keer veilig over te laten. Het lullige eilandje, recent aangelegd midden op de logische rijlijn, helpt ook niet echt .

Na inwerkingstelling van de baby bedelknop is de groenfase voor fietsers… nog steeds 8 tellen. Wat wel veranderd is, is de wachttijd. Die bedroeg vroeger ongeveer 90 tellen, en nu met de bedelknop slechts een 10-tal tellen (o.b.v. 2 metingen in de avondspits). Een duidelijke verbetering! Dit zal hopelijk ook het aantal fietsen dat per groenfase moet oversteken verminderen.

De plaatsing van bedelknoppen is niet eenvoudig. Het exemplaar aan de Zalmstraat is perfect. Het exemplaar aan de kant van de Saskes is enkel bedienbaar door fietsers uit de richting Jan Delvinlaan (een minderheid). Wie van de Saskes komt (de meerderheid), kan niet anders dan afstappen om te bedelen. Stap je niet af, dan wordt je voorwiel allicht aan frut gereden, bijvoorbeeld door deze bus.

Afstappen om te bedelen of voorwiel kwijt, Vlaamsekaai

Heeft dat ermee te maken dat AWV liever geen straatmeubilair installeert 2 meter richting de Saskes, omdat dat domein is van De Vlaamse Waterweg nv? Het heeft er alle schijn van.

En dat brengt ons bij de kern van de zaak. Zou je met deze nieuwe knoppen ook kunnen bedelen voor een integrale heraanleg van de Saskes? Ik beeld me graag in dat het signaal, hopelijk een irritant gezoem, rechtstreeks bij De Vlaamse Waterweg nv terechtkomt. Ik zal er elke dag op drukken!