Bushaltes

Dinsdagavond mocht ik overnachten in AZ Sint-Lucas. Niks ergs aan de hand: het voelde als op hotel gaan. Ik was één van de vijf gasten in de Slaapkliniek. Normaal gezien is er een wachtlijst tot oktober, maar ik had paardechance: op maandag bleek er op dinsdagavond een plaats vrij gekomen. Ik dus met mijn hoofdkussen in de fietstas daarheen. De verpleegster verbond mijn lichaam via een 20 à 30 kabeltjes met een blauw bakje dat me qua uitzicht en structuur deed denken aan het bakje dat diende om de wissels van een Märklin-speelgoedtrein te sturen. Als naar gewoonte begon ik te babbelen ovet koetjes en fietsjes: altijd boeiend om te horen hoe anderen fietsen in Gent ervaren. Die electrische fiets vond ze haar beste aankoop ooit. Sindsdien kwam ze amper nog met haar auto werken. Ja hoor, er waren voor het personeel voldoende inbraakveilige stallingen, daar èn daar èn daar en ook vooraan. “Want die dure fiets geraak ik liever niet kwijt”. Het gevaarlijkst vond ze de bushaltes waar er plots iemand uit een Lijnbus op het fietspad stapt. Daar moet je als fietser inderdaad èrg attent op zijn. Vooral de late afstappers verwacht je niet. Er loopt een traag programma om daaraan te verhelpen door fietspaden achter bushaltes te leiden. Afgelopen maanden kwam de Parklaan aan de beurt:

09 juni 2020, Parklaan

Je weet wel: de Parklaan is die brede autoracebaan tussen het Citadelpark en de spoorweg, waar er ondanks de breedte geen fietspad geschilderd is.

De bushalte richting station op de Burggravenlaan kreeg dezelfde aanpak:

09 juni 2020, Burggravenlaan

And as a matter of fact: het werd een project voor het totale kruispunt Parklaan / Parkplein / Burggavenlaan:

09 juni 2020, Parklaan / Parkplein
09 juni 2020, Parklaan / Parkplein
09 juni 2020, Parkplein
09 juni 2020, Parklaan / Parkplein

De eindafwerking zag ik nog niet. Het lijkt een zeer doordachte ingreep. Enkel bij de voorrang van rechts heb ik mijn twijfels. Waarom? Omdat er geen lijn zit in de kruispunten die de Lijn anders ingericht wil. Op de vijfhoek Gentbruggestraat / Aannemersstraat / Destelbergenstraat / Cécile Cautermansstraat verdwijnt die voorrang van rechts deze maand:

Hier krijgt een busas 100% voorrang op een fietsas. De Lijn is duidelijk nog geen voorstander van het STOP-principe. Ook bij de Stad zijn er mensen die de neiging hebben om het OSTP-principe te volgen. Consequent is het niet. Het voelt als compromissen sluiten, wat in mobiliteit zelden een goed langetermijnplan is.

Maar bon: er zijn weer een paar stukjes veilig fietspad erbij. Dit hectisch punt is nu een pak veiliger dan voorheen.

09 juni 2020, Burggravenlaan
09 juni 2020, Burggravenlaan

Ondertussen zal het er wel helemaal afgewerkt zijn, zebrapad incluis. Ik nam nog geen tijd om die details te bekijken. Hoe voelt het voor u in deze kalme maanden?

26 juni 2020, Parkplein / Parklaan

De belastingen

Persoonlijke bekentenissen, aflevering 27. Hopelijk kan u er tegen. U mag het ook een persoonlijke afwijking noemen: ik vul graag mijn belastingsbrief in. En – net als u – betaal ik graag belastingen. Afgelopen jaren waren dan ook een feest: vadertjesdag was soms een aanleiding om drie opgroeiende dochters te “assisteren”. Maar de FOD Financiën is ongenadig: wèg met de papieren belastingsaangifte! Digital muss sein! De dochters vragen me sinds 2019 of het voorstel van FOD Financiën ok is, and that’s it. Ikzelf ging vorig jaar -met knikkende knieën- voor het eerst voor een digitale aangifte. Het werd een fluitje van een belastingscent. Alle gegevens op het scherm klopten! Niks te corrigeren. Niks aan te passen! Knap werk daar in Brussel!

Gelukkig is er nog de belastingsbrief van mijn ouders. Doordat mijn moeder een liliputterig Nederlands pensioentje ontvangt mag ik nog steeds de jaarlijkse fietstocht naar de Zuiderpoort inplannen. Met plezier! Wie kent de magische brievenbus van de Zuiderpoort niet?

Ik betaal graag belastingen. We weten nu meer dan nooit wat voor een gezondheidszorg we hebben. Vergeleken met andere landen doen we het vaak goed. Plus: ik doe niet mee aan het gezaag over luie ambtenaren. Ik ken er privé flink wat, en daar zit geen enkele tussen die ik verdenk van potlodenslijperij. Integendeel: het zijn harde werkers. Sommigen van hen vinden dat ze teveel vakantie hebben, of dat de regels boven hun hoofd efficiënt werk soms onmogelijk maakt. En toch werken ze hard. Dus ja: het kan zeker efficiënter. Maar dat is in de privé niet anders, en die werken vaak met belastingsgeld. Door veel te praten en goed te kijken merk ik soms dat er administraties zijn die onderbestaft /onderbemand / onderbevrouwd zijn. Niet allemaal, maar véél. Digital muss sein, en dat is niet altijd een even grote zegen als bij de FOD Financiën.

Maar daar wil ik het verder niet over hebben. Ik wil op de fiets naar de belastingen, naar de Zuidertoren. En ik wil satire. Deel 1!

FOD Financiën heeft werkelijk àlle middelen uit de kast gehaald om te maken dat een maximaal aantal burgers de overstap maakt naar een digitale belastingsaangifte. Ze passen de quarentainestrategie toe. Hoe maken we de Zuiderpoort in de laatste weken van juni zo onbereikbaar als mogelijk? Daarvoor riepen ze hulp in van Agentschap Wegen & Verkeer en de Stad Gent. Alle mogelijke toegangswegen naar de Zuiderpoort dienden zo intens als mogelijk afgesloten te worden, zowel voor autoverkeer als voor fietsverkeer als voor voetgangersverkeer. Met als topper: de Sint-Lievenspoort.

Stel: u woont op de LeopoldII-laan, en u wil uw belastingsbrief naar de Zuiderpoort brengen. Dan kan u dit meemaken:

19jun20, Heuvelpoort
19jun20, Citadellaan
19jun20, Sint-Lievenslaan
19jun20, Sint-Lievenslaan
19jun20, Tentoonstellingslaan
19jun20, Olifantstraat
19jun20, Olifantstraat / Dierentuinlaan
19jun20, Dierentuinlaan
19jun20, Dierentuinlaan
19jun20, Dierentuinlaan / Hubert Frère Orbanlaan – Zuidparklaan
19jun20, Sint-Lievenslaan

Maak u geen zorgen voor mogelijke feesten met uw belastingsgeld: dit zijn geen feesttenten. Het zijn werktenten, met dit als resultaat:

25jun20, Sint-Lievenslaan

Hierdoor bleef de weg naar de belastingen tot op vandaag deskundig afgesloten:

19jun20, Sint-Lievenslaan
19jun20, Sint-Lievenslaan / Bellevue

Was de Sint-Lievenspoort een kruispunt in – ik zeg maar wat- Groningen, dan zouden er 8 fietsrichtingen zijn. Tot vorig jaar waren er “officieel” 5 fietsrichtingen. Spookfietsers / plantrekkers maakten er helaas 8 van. Op dit ogenblik ziet het er naar uit dat de eindfase van deze heraanlag voor fietsers 7 legale richtingen oplevert. In de huidige werffase zijn dat er 3 (drie). Al de rest = afstappen (2 richtingen), verboden (1 richting) of afgesloten (2 richtingen, waaronder de rechte lijn naar de Belastingen). Wie naar de Belastingen wil moet de buurt goed kennen. Dat telt ook voor voetgangers. Elke keer als ik er passeer kan ik mensen helpen door de weg naar de belastingen uit te leggen:

23jun20, Sint-Lievenspoort

Mevrouw 1: “Het is nen echten puzzel”. Mevrouw 2: “Da’s waar! Maar nekeer dat gem gedaan ebt verstaadet…”.

25jun20, Sint-Lievenspoort

Dat klinkt als een belastingsbrief: prettig voor sommigen, zwoegen voor velen.

Zoals u op de foto’s kon zien: de huidige omleiding rondom deze kruispuntwerf is 100 keer beter dan een paar weken geleden. Ook hier:

19jun20, Zuidparklaan

De clue is dat weinig mensen weten wat het adres van de Belastingen is. Helaas weten amper mensen dat de Belastingen op Bellevue liggen. Bellevue, romantischer kan het toch niet? Stukken romantischer dan het gangbare “Zuiderpoort” of “BP 90500 – 9500 Ledeberg”zoals vermeld op de belastingsbrief. Een perfect maneuver van de FOD Financiën! Menig brave burger zal het ergens tussen de Sint-Lievenspoort en de Zuiderpoort opgegeven hebben, om bij thuiskomst lang te vloeken, een whisky achterover te slaan, en dan maar plan B op te starten: een neefje of nichtje optrommelen om een digitale aangifte te doen. Streepje voor de FOD!

Tussenspel, zonder satire: zo krijg je een hoop zoekende fietsers op de as Hubert Frère Orbanlaan – Zuidparklaan, vaak niet vertouwd met deze situatie.

19jun20, Dierentuinlaan
23jun20, Sint-Lievenspoort
23jun20, Sint-Lievenspoort

En die passeren aan een Russische roulette. Daarover ging het in “Doodsgevaarlijk“. Lees er de commentaren op onze Facebook op na, zoals: “De auto’s rijden daar inderdaad nog door als het licht voor fietsers op groen staat. Leg dat maar eens uit aan de kinderen die eindelijk weten de lichten te respecteren. Al meermaals moeten tieren om hen te stoppen voor een auto die scherend de bocht inrijdt. Onbegrijpelijk!

Morgen deel 2, waarin we verhalen hoe de Belg kan zagen, maar koppig is, en een plantrekker. Velen gunnen de FOD zijn digitaal streepje niet. Of ze zweren bij de romantiek van papier. Voor die diehards lanceerde de FOD een even sluw plan, met een eigen aannemer. Dat is voor zaterdag.

Doodsgevaarlijk.

Een paar weken geleden brachten we met de Fietsersbond en Ledeberg Breekt Uit taart naar een paar belangrijke fietswerven rondom Ledeberg. Daarmee wilden we onze appreciatie uitdrukken voor het harde werk van aannemers en ambtenaren. Die appreciatie blijft. Maar wat doe je als daarna blijkt dat het geleverde werk allesbehalve goed is? De taart terug vragen? Natuurlijk niet. Dan leg je de vinger op de etterende wonden. Vandaag wonde nummer één: het gevaarlijke en manke verkeerslichtenbeleid van Agentschap Wegen en Verkeer. Dat is de allerbelangrijkste wonde.

Zondag begon ik te schrijven aan een satirisch stuk over de werf Sint-Lievenspoort. Dat lees je morgen of zo. Bij de observatie van het Sint-Lievenspoortkruispunt viel het me op dat de verkeerslichtenregeling alweer / opnieuw / nog steeds doodsgevaarlijk is. Het gaat om de as waarbij de Hubert Frère-Orbanlaan de Keizervest dwarst:

19jun20, Sint-Lievenspoort
19jun20, Sint-Lievenspoort

Op basis van één observatie durfde ik geen harde woorden te schrijven. Het kon toeval zijn. Ook automobilisten rijden door rood. Maar gisteren kwam dit bericht binnen:

Gisterenavond, op de terugweg van het station, passeerde ik nogmaals. En jawel: alweer “bijna prijs”, ditmaal met twee auto’s.

23jun20, Sint-Lievenspoort
23jun20, Sint-Lievenspoort
23jun20, Sint-Lievenspoort

Deze morgen belde een vroegere collega. Ze fietst vaak met haar zoontje van Ledeberg naar zijn school in Gent Centrum. Ze heeft de vele mails richting AWV over dit kruispunt weggegooid, “want het levert toch niks op. Ze zeggen dat het juridisch in orde is. Alsof dat onnozel klein oranje pinklichtje zichtbaar is. En ze zeggen dat ze naast het voetgangerslicht geen fietslicht mogen zetten.” Het kruispunt Brusselsesteenweg / Land Van Rodelaan is volgens haar even gevaarlijk. Wie als fietser vanuit de De Nayerdreef de Brusselsesteenweg dwarst kan een auto in zijn nek krijgen.

Wij maken reeds een poos de analyse dat goede ingenieurs niet opgeleid zijn als gedragsdeskundige. Maar ze krijgen wel die verantwoordelijkheid. Helaas geven ze zelf nooit aan dat dit niet klopt. De mentaliteit die er heerst is: “als het maar juridisch in orde is”. Niet: “hoe gaan we er van bij aanvang 100% voor dat het 100% veilig is”. Dat bleek afgelopen weken pijnlijk duidelijk rondom de werf op de E17 in Destelbergen / Gentbrugge. Juridisch klopte het allemààl. Om dan maar achter de feiten te blijven zitten.

In Mobiliteitsbrief 179 (mei 2017) verklaart een directeur -ingenieur van AWV: “Veiligheid primeert op doorstroming”. Dat is vandaag 100% niet het geval op de Sint-Lievenspoort, ook niet voor automobilisten. Het is juridisch ingedekte Russische roulette. En ik ben er -tot het tegendeel bewezen is- niet van overtuigd dat dit na de opening van de onderdoorgang opgelost zal zijn.

Waarom niet? Omdat AWV eigen logica’s bouwt, die via dienstorders topdown doorgegeven worden. Zoals een schepen van mobiliteit uit een verre stad me ooit vertelde: “AWV functioneert militaristischer dan het leger.” Dat maakt dat als er een wijziging in het verkeersreglement zegt dat door een verkeersbord RADR (rechtsaf door rood) perfect veilig mogelijk is AWV durft zeggen: “dat doen we niet”. Liever spenderen ze véél geld aan wat volgens hen de perfecte oplossing is: een verkeerslicht. Daardoor zal het ook jàààààren (of decennia?) duren om RADR op gewestwegen te implementeren. Daar is een woord voor: fietsontradend. Maar als we vragen waarom er geen standaard fietsverkeerslichtjes op ooghoogte komen is het antwoord: “Besparingen”. Het effect: fietsontradend. Dan krijg je op een vernieuwd kruispunt dit:

20jun20, Sint-Lievenspoort

Wie als eerste fietser aan het verkeerslicht wacht kan groen licht zien. Dat licht mag je niet geloven. Daar mag je niet naar kijken. Je moet -in àlle weersomstandigheden- erg omhoog kijken:

20jun20, Sint-Lievenspoort

Niemand kijkt minutenlang omhoog. Een fietsverkeerslicht op ooghoogte vangt dat potentieel misverstand op. Ik hoop erop dat het geen besparing, maar een fout van de aannemer is. Waarom? Omdat er ook bij de verkeerslichten tussen Keizervest / Hubert Frère Orbanlaan en Dierentuinlaan / Sint-Lievenslaan een fout gemaakt is, en geen kleine fout. Ik hoop vurig dat de fout gemaakt werd door de aannemer, en niet door een ambtenaar, want in dat laatste geval zijn we nog làng ver van huis.

De fout is: er staan geen verkeerslichten voor de fietsstroom vanuit Dierentuinlaan richting Hubert Frère Orbanlaan. Bekijk de foto hieronder. De pijlen zijn geschilderd. Op de nagelnieuwe verkeerslichtenpaal hangt geen fietsverkeerslicht. Niet op ooghoogte. Niet hoog in de lucht. Daarom verplicht AWV momenteel de fietsers om af te stappen:

19jun20, Sint-Lievenspoort

Het zijn zeer veel fietsers die hier moeten afstappen. Waarom? Dat lees je morgen.

Er staat daar ook een mysterieus, stomp verkeerslichtenpaaltje:

28mei20, Dierentuinlaan

Afronden: we zijn momenteel in een fase dat veel mensen door het COVID19verhaal overstappen op de fiets. De dagdagelijkse fietsgebruikers van de Sint-Lievenspoort wèten het (meestal): de verkeerslichten zijn er onbetrouwbaar. Onbetrouwbaar in de zin van: “groen is geen groen”. Groen is er niet veilig. Die honderden nieuwe fietsers weten dat niet. Een administratie die deze situatie laat zoals ze is is –laat me beschaafd en vriendelijk blijven– onverantwoordelijk bezig. Een administratie die doorheen deze onveilige werf nog de drukke auto-omleiding van de werf aan de B401-viaduct stuurt is bovendien zéér ongecoördineerd bezig. De norm is: durf je je kind langs hier naar school sturen?

Tot slot: ik weet het. Ook deze gewestelijke administratie is reeds lang onderbemand, wat geen excuus is voor deze Russische roulettes. Over naar de politiek? Of slaagt AWV erin om in deze omstandigheden – zonder de politiek- 100% veilig werk af te leveren?

Paaltjeschaos

Donderdag 11 juni berichtte De Standaard op haar voorpagina over een studie over eenzijdige fietsongevallen. Citaat: ‘Paaltjes zijn heel gevaarlijk’, zegt professor Bas de Geus, die voor de VUB het ­onderzoek voerde. ‘Die staan vaak in het midden van het fietspad, om auto’s tegen te houden. Maar een aanrijding daarmee tegen 15 of zelfs 20 kilometer per uur heeft vaak catastrofale gevolgen. Het is als frontaal tegen een muur botsen.’

Wij schrokken niet van de cijfers. Uit Nederland waren de signalen al een poos luid en duidelijk: de combinatie van electrificatie van de fietsvloot annex verhoging van de leeftijd van x aantal fietsers maakt dat paaltjes vaak botten doen breken. De normen die Nederland daarover opstelde werden deels overgenomen door Fietsberaad Vlaanderen: “Vaak kan het probleem worden opgelost zonder paaltjes, bijvoorbeeld door ongewenst gebruik aan te pakken door betere of duidelijkere bebording, communicatie en handhaving. Ook kan de formele route voor autoverkeer worden verbeterd en de oneigenlijke route via het fietspad lastiger worden gemaakt, soms ook simpele maatregelen zoals een doorsteek via een berm onmogelijk maken door het plaatsen van een haag.
Ook zijn er andere fietsvriendelijk fysieke maatregelen mogelijk die voorkomen dat auto’s gebruik maken van het fietspad.
En indien paaltjes toch nodig zijn, dan is het allereerst van belang goed te weten welke vervoerssoorten geweerd moeten worden.”
Lees de volledige teksten van Fietsberaad hier.

Begin februari stuurde R deze mail:

Verzonden: woensdag 19 februari 2020 16:49
Onderwerp: paaltjes meerstraat

Dag Yves, De (imaginaire) bult op mijn rug begint buitengewone proporties aan te nemen daarom de beloofde foto van de paaltjes in de meerstraat waartegen mijn vrouw met haar fiets gebotst is (en schouder en elleboog brak links). Beste groeten, R

We planden reeds lang een bult over het onderwerp “paaltjes”, met als ambitie om met een rolmeter te meten hoeveel centimeter er tussen de paaltjes was.

31jan20, Houtdok
31jan20, Houtdok
31jan20, Houtdok
31jan20, Houtdok

Het recent geopende Kapitein Zeppospark en het fietspad op de Kleindokkaai zijn voor fietsers een grote meerwaarde. De paaltjes zijn helaas ondoordacht, of volgens een onleesbaar concept, geplaatst. Dat is vooral aan de Dampoort een issue, als je vanuit de rotonde de Kleindokkaai wil opdraaien.

Bij toeval zagen we dat raadslid Sven Taeldeman tijdens het vragenuurtje van de juni-gemeenteraad hierover een vraag stelt aan schepen Watteeuw. Lees de vraag hier. Citaat: “Amsterdam is bv. begonnen met het ‘ontpalen’, en merkt dat het met wel 40% minder paaltjes kan.” Daarom, als voedsel voor de dames en heren gemeenteraadsleden, een voorraadje foto’s van de afgelopen maanden met (dringend op te kuisen) erfenissen uit het verre verleden, verwaarloosde situaties, en (vaak goede) praktijkvoorbeelden uit het recente verleden.

30nov19, Sleutelbloemstraat
21mei20, Stormvogelstraat, Strandloperstraat
03jun20, Koningin Fabiolalaan / toekomstig Koningin Paolaplein
22jan20, Marie Popelinkaai

Neerliggende paaltjes zijn een pest. Deze ligt er al maanden zo. Ook al ken ik de situatie er goed, afgelopen week had ik het lag ik er bijna, want deze kronkelroute (die in de ogen van degelijke ambtenaren een prima alternatief is voor de R40) is bovendien slecht verlicht. Ik vond door de duisternis (en met goede fietsverlichting) met moeite de bocht, en miste nipt de platliggende paal. Zoek de paal:

20jun20, Marie Popelinkaai
03maa20, naast Esplanade Oscar Van de Voorde

14feb20, parking Dampoortstation (nog steeds zo)
06mei20, parking Dampoortstation
30nov19, Reep (ondertussen vervangen door blokken)
20mei20, Smalleheerweg

De Vlaamse Waterweg heeft nog flink wat werk om hun paaltjes fietsvriendelijk te maken:

30mei20, Jaagpad Zeeschelde (Gentbrugge / Heusden)

Hun systeem laat vaak te weinig plaats voor fietsen, en is -zeker bij duisternis- gevaarlijk voor de kleine wieltjes:

29maa20, Jaagpad Zeeschelde (Gentbrugge / Heusden)

Hier is meer mogelijk:

juli2013, Googlemaps, tussen Groenweg en Baron Van Loolaan (Evergem)
30mei20, tussen Groenweg en Baron Van Loolaan (Evergem)

Dit zijn de recente realisaties, meestal degelijk gedaan.

12feb20, Wallebeekmeers
07maa20, Tweebruggenstraat
01mei20, De Nayerdreef
01mei20, De Nayerdreef / Wasstraat
18mei20, Karel Lodewijk Ledeganckstraat
22mei20, Schepenenvijverstraat

Kort samengevat: er zit geen lijn in. Elke administratie doet het anders. Wie zet er allemaal paaltjes? Alle administraties die fietspaden aanleggen en/of beheren: Groendienst, Wegendienst, de Vlaamse Waterweg, NMBS, AWV, de Vlaamse Landmaatschappij, de Provincie, de buurgemeentes,… wie nog? Een grote kuis dringt zich op, volgens een uniforme en veilige manier. Dat wil zeggen: maximale tussenafstanden, want hoe breed is een doorsnee auto anno 2020? Maximale zichtbaarheid… dat stedelijk donkergroen is… een donkere kleur… lekker neutraal, dus onzichtbaar. En vooral: paaltjes vermijden waar mogelijk. Die ene zot of verdwaalde ziel die zich dan toch met zijn auto op een fietspad waagt weegt niet op tegen de vele eenduidige ongevallen met paaltjes.

12dec19, Scheldekaai

En een auto krijgt sowieso àlles kapot, ook een -kuch- veilige oversteekplaats:

08maa20, Klossestraat

Zoals zo vaak: het is aan de overheid om objectieve cijfers aan te leveren over ongevallen met paaltjes. We weten dat dit enkel kan via de spoedopnames van de ziekenhuizen, niet via de verouderde manier van PV’s van de politie.

Beelden uit het verre Brugge en Berlijn:

21jan20, Brugge

De middelste paal is bij dag en nacht goed zichtbaar. Een aankondigingsstreep zou het compleet maken.

12sep18, Berlijn

Witte beboording van de twee paden zijn een alternatief voor – even kuchen- visueel gevoelige locaties.

Dit lijkt me een degelijk concept, wie is akkoord?

21jan20, Binnenring R4 Merelbeke, verbinding met Ringvaartstraat (Merelbeke)
21jan20, Binnenring R4 Merelbeke

Proefstalling

De Stad Gent probeert op het Wilsonplein een prototype van nieuwe stallingen uit. We hadden het er al over in de Fietsbult van 17 februari jongstleden: De Test. En ik beloofde om er nog eens te passeren met rolmeter en schuifmaat. Tja. Toen passeerde er een ingrijpend, dramatisch virusje. Hint: lees eerst de reacties onderaan die Fietsbult.

14feb20, Woodrow Wilsonplein

Op 21 mei trokken Winfried en ik anderhalvemetergewijs op onderzoek. Het nieuwe fietsrek stond er nog. We noemen het: Gent 2.0. Een toevallige toeschouwer – een voormalig architect die buisdiameters met het blote oog kon benoemen – vulde deskundig aan. Ons uitgangspunt: bij infrastructuur is de functie uiteindelijk zoveel belangrijker dan het design.

Winfried formuleerde het in de aanloop naar 21 mei als volgt:

De fietser wil naast veilige en comfortabele wegen ook deftige rekken bij bron en bestemming van de reis: Stabiel, dat de fiets niet omvalt of schuin komt te hangen en het wiel niet plooit. Breed genoeg om de buurfiets niet te ambeteren en diens kabels niet stuk te trekken en breed genoeg om de fiets te be- en ontladen. Met een plek om het slot flink vast te maken.

Gelukkig is er het Gentse Rek, niet het meest eenvoudige ontwerp, maar het voldoet redelijk goed aan de bovengenoemde eisen. Dat was niet van af het begin zo: het eerste ontwerp (GentseRek 1.0) had onderaan maar één buis in de lengte om het wiel te stabiliseren:

Dat bleek te weinig stabiel, het werden er twee buizen bij het GentseRek 1.1:

Kritiek is er maar één: Het rek is nog een de smalle kant, 57,5cm per fiets. Ook nu nog blijven fietsen met stuur en kabels in elkaar haken. Moderne stadsfietsen hebben vaak sturen met een breedte van 60 of meer cm all-in.

I totally agree. Ik daalde even de trappen af om een steekproefje te doen. De sturen van onze drie fietsen meten: 59,5 cm (een vlinderstuur), 63,5 cm (nieuwe elektrische citybike) en 63cm (oude klassieke Oxford-stadfiets).

Laat me hieronder herhalen wat ik in februari aan vormvereisten bij elkaar droomde, en hoe we het op 21 mei evalueerden:

– geschikt voor alle bandentypes, zonder dat de wielen plooien = vermoedelijk ok, net als bij model Gent 1.1 De wielbasis van model 1.1 is 30 cm, van het nieuwe model 2.0: 28 cm.

21 mei 2020, Woodrow Wilsonplein

De maximale banddiktes zijn gelijk: tot 6,5cm.

– geschikt voor alle stuurtypes, zonder dat remmen of versnellingen schade oplopen = totaal niet ok. Model 1.1 is 247,5 cm lang. Model 2.0 is iets langer: 251,5, maar dat komt door de uitstekende buis van 3 cm lang. Dit probleem met de stuurbreedtes kan gefixt worden door een minder lange blok voor 4 fietsen te ontwerpen, of een langere blok voor de klassieke 5 fietsen. Op zoek naar breedtes van fietssturen lees ik hier:

Hoe breder het stuur, des te meer controle het stuur biedt –
maar het verlangt echter ook meer ondersteunende kracht.
Met name bij beladen reisfietsen of tandems is voor de
rijveiligheid een breder stuur zinvol. Natuurlijk is een breder
stuur ook minder aerodynamisch, bij snel rijden is er meer luchtweerstand.

Conclusie: brede sturen zijn veilige sturen. Degelijke fietsrekken maken dat de kabels hiervan niet stuk gaan, en veilige fietssturen veilig blijven. En het hoeft écht geen anderhalve meter per fiets te zijn. Minder dan de helft daarvan volstaat.

– geschikt voor fietsen met mandjes of bagagedragers voorop = ok, een verbetering! Model 1.1 is 88cm hoog. Model 2.0 is 81cm. 7 centimeter is een wéééreld van verschil. En zo is het meteen een beter turnrek 🙂

21 mei 2020, Woodrow Wilsonplein

– diefstalvermijdend: fietsers moeten hun fiets vlot kunnen vastmaken met hun fietsslot. = ok. De beugelbuis van model 1.1 heeft een diameter van 4,3 cm. Bij de 2.0 is dat 3,3cm. Ook bejaarden of minder lenige mensen moeten dit vlot kunnen. = niet ok. Winfried vraagt terecht ook aandacht voor ruimte om te be- of ontladen. Daar had ik nog nooit aan gedacht.

21 mei 2020, Woodrow Wilsonplein
21 mei 2020, Woodrow Wilsonplein

– dè uitdaging voor het komende decennium: ook zware elektrische fietsen moeten vlot erin geplaatst en eruit gehaald kunnen worden. = niet getest. Alweer: ook door minder sterke / lenige mensen. Stupid me! Mijn teerbeminde is een ideale proefpersoon voor dit rek: ze kocht eind mei een elektrische fiets, met brede banden, en ze heeft rugklachten.

– Daarnaast zijn er natuurlijk ook de normen van de beheerder (de Stad dus): de look is belangrijk = over smaak spreken we ons niet uit. Het Gentse leeuwenkopje is schattig, en lijkt duur. Het kleur is het “Gentse stadsmeubilairkleur”.

14feb20, Woodrow Wilsonplein

… de robuustheid en weersbestendigheid (zeg maar: de duurzaamheid)= verf lijkt ons een fragiele factor, zeker voor mobiele elementen

21 mei 2020, Woodrow Wilsonplein

Dat zag je ook bij de 1.1, maar het hoorde bij de robuuste look:

21 mei 2020, Woodrow Wilsonplein

… het beheer lijkt het allerbelangrijkste criterium: handelbaarheid bij transport, stapelbaarheid, onderhoudsvriendelijkheid.

Het model 2.0 heeft nog een knappe verbetering. Tot nu toe werden “overburen” (twee identieke rekken kop aan kop) verbonden met een metaalband, wat vaak voor miserie zorgde. Eén slordige plaatsing, of één lompe fietsers die aan de rekken sleurde maakte het soms om zeep.

21 mei 2020, Woodrow Wilsonplein

De mogelijkheid om een staaf tussen de rekken te plaatsen lost dat op:

21 mei 2020, Woodrow Wilsonplein

Zo blijven de rekken mooi op dezelfde plaats en afstand van elkaar… denken we toch.

Voor de buisdiameterfreaks: de onderbuis van de 1.1 is 4,3cm, van de 2.0 is dat 5,1cm. De “leeuwkespaal” is 8,1cm dik en 86,5cm hoog.

Er is duidelijk hard gewerkt aan dit ontwerp. Er zijn verbeteringen, maar helaas onvoldoende om state of the art te zijn. Op het einde van de evalutie concludeerden we: dit is nog teveel een model Gent 1.2, geen 2.0. Het is teveel compromis, zonder te gaan voor maximaal comfort van àlle fietsers, ook bejaarden / minder fitte fietsers.

We hebben alle begrip om een estetisch model historisch Gent te willen, maar voor ons is “het nietje” nog steeds het beste concept voor een vaste opstelling (mits voldoende afstand tussen de nietjes: eenvoudig, minder aanwezig, doorzichtig (dus geen afval- of bladerenverzamelaars), geschikt voor alle types fietsen, minder metaalverbruik, bejaardenproof, goedkoper. Kijk naar de honderden fietsen die op slot staan tegen een ballustrade langs Leie of Schelde. Dat zijn multi-inzetbare nietjes. 😉 Nadeel: een nietje is vlotter omver te rijden door, want minder zichtbaar voor een auto of vrachtwagen. De voordelen van model Gent zijn: robuustheid, multi-inzetbaar, ideaal voor grote volumes.

Een model Gent 2.1 met voldoende stuurbreedte voor 4 fietsen is een alternatief. Voor een fietsrek is de functie uiteindelijk zoveel belangrijker dan het design.

Eenzijdig

Vakjargon is vaak vreselijk. Vreselijk saai. Of vreselijk onduidelijk. Of gewoon: vreselijk. Want hoe kan je een ongeval rationeel analyseren zonder het immense emotionele gewicht ervan te bruskeren? Met vakjargon dus. Eén van die vaktermen is “eenzijdig ongeval. Tweezijdige ongevallen kennen we uit de strips. Of uit de film. Of -dagelijks- uit de krant. Frontaal. Of zijdelings. Of langs achter. Camion op camion. Camion op auto. Auto op auto. Auto op fietser. Auto op voetganger. Af en toe – steeds meer- fiets op fiets. Voetganger op voetganger gebeurt regelmatig, zeker in treinstations, maar haalt bij mijn weten nooit de krant. Behalve in de sportpagina’s: loper tegen loper. Het is vrij helder dat de spreadsheets van de overheid niet voorbereid zijn op de snelle evolutie van nieuwe mobiliteitsdragers zoals elektrische steps, monowheels, elektrische skateboards,…

30jul18, Achilles Musschestraat
10jun20, John F. Kennedylaan

Een eenzijdig ongeval is meestal een ongeval zonder drama, dus zonder nieuwswaarde. Vaak ook zonder getuigen. Het vreselijke drama van afgelopen nacht aan de Sint-Jorisbrug was een eenzijdig ongeval. 2 jonge mensen stierven.

De framing van het nieuws op 11 juni over de studie van fietsongevallen was bizar, maar daar ga ik nu niet op in, want ik heb de studie zelf nog niet gelezen. In 2018 was er al deze insteek vanuit Fietsberaad:

Vandaag beperk ik me tot de beelden van drie ongevallen, waarvan één ongeval heel zeker éénzijdig was.

30 juli 2018. Lady M en ik hebben net beslist om een plooifiets te kopen. Op weg naar het werk vind ik een man liggend op het wegdek. Zijn fiets ligt naast hem, een electrische plooifiets. Hij heeft zijn valhelm nog op. Een dame is hem reeds aan het helpen. Ze is arts, en woont een paar huizen verder. De ziekenwagen is onderweg. Ik kan nog helpen met een paar details, en vraag daarna of het ok is dat ik foto’s neem. Nog een paar mensen stoppen om te helpen. De man herinnert zich de val niet meer. “Plots lag ik er” zegt hij verschillende keren.

30jul18, Achilles Musschestraat
30jul18, Achilles Musschestraat
30jul18, Achilles Musschestraat
30jul18, Achilles Musschestraat
30jul18, Achilles Musschestraat
30jul18, Achilles Musschestraat
30jul18, Achilles Musschestraat
30jul18, Achilles Musschestraat

Half september wordt onze plooifiets geleverd. Als ik eind september op de Kernvergadering van Fietsersbond Gent vertel over het ongeval leer ik bij. Met kleine wielen is er een grotere kans op vallen dan met klassieke fietswielen, vertelt Jan. Het effect van een fietsbult in het wegoppervlak is bij kleine wielen groter. Hoe kleiner de wieldiameter, hoe groter het effect van een oneffenheid in het vloervlak. Logisch. Die parate kennis zat niet in mijn brein, en heeft mijn rijgedrag op de plooifiets beïnvloed. Het doet me vermoeden (niet weten) dat de man in de Achilles Musschestraat gevallen is door de combinatie van snelheid, kleine wielen en uitstekende waterdeksels. In de perceptie van de kop op VRT NWS: “Fietsers schatten risico’s verkeerd in”. De stelling van Wies Callens van de Fietsersbond is even correct: “Nieuwe fietspaden aanleggen is één ding, ze goed onderhouden is ook des te belangrijker.” En ik denk dat hier ook een taak weggelegd is voor de fiets- en andere wielenhandel. En aan ons allen, om putten en bulten te blijven melden.

30jul18, Achilles Musschestraat

Twee weken later. Ik keer vanop mijn werk met een stadsfiets terug naar Gent. Het fietspad is een jaar oud, en in goede staat. In het midden van het fietspad ligt een dame languit op de grond. Een meisje dat haar dochter kan zijn knielt naast haar. Er zijn voldoende mensen om te helpen, dus ik rij verder, en dwars de ziekenwagen. Even verder stop ik, en keer terug om toch 2 foto’s te nemen.

12aug18, Oude Vaartstraat, Beernem
12aug18, Oude Vaartstraat, Beernem

Ik begrijp niet hoe je hier kan vallen. In mijn fantasie zijn het onervaren fietsers. De gevallen dame zag er niet zeer fit uit. Maar ook dat is fantasie. Mijn teerbeminde is op haar ongemak als ze op de fiets niet met haar voeten aan de grond kan. Dat is haar zekerheid. Haar techniek tegen het vallen. Als fietsers naast elkaar fietsen en samen vallen is het een tweezijdig ongeval. Wat is het als twee fietsers naast elkaar fietsen, en één van de twee valt?

29 mei 2020. Ik doe een ronde langs de vijf fietswinkels in Drongen, en ben even langs de kant gaan staan om de kaart te consulteren. Twee giecheldames passeren me op de fiets. Een paar seconden later hoor ik gegil, zie ik ze vallen en neem ik in een reflex één foto:

29mei20, Deinse Horsweg

Ik twijfel of ik nu gegil of gelach hoor. Als ik in hun richting fiets blijkt het gelach te zijn. Ze hebben de slappe lach, ook als ik vraag of alles ok is. Niks aan de hand dus. Als ik ze twee minuten later al zoekend nogmaals passeer zijn ze – nog steeds lachend en giechelend- foto’s aan het nemen van elkaars schaafwondes. Hier is geen twijfel mogelijk: dit was een licht tweezijdig fietsongeval, dat nooit in een statistiek zal of moet landen. Zo zijn er tientallen per dag.

Het deed me denken aan 18 juli 2018. In juni 2018 waren de Parkbosbruggen plechtig geopend. We hadden voor gouverneur Briers, schepen Watteeuw en minister Weyts een cadotje voorzien: het boek “De Fietsrepubliek” van Pete Jordan. Maar de minister kwam niet. Als de minister niet naar ons komt, gaan wij naar de minister, dacht ik. Met het cadotje. Ik had om 10 minuutjes spreektijd gevraagd, en het werd 30 à 40 minuten. De man leek oprecht geinteresseerd, maar had het – tot mijn verbazing- steeds weer over de verantwoordelijkheid van de fietser. De verantwoordelijkheid van de overheid, zijn verantwoordelijkheid, ontweek hij in dit gesprek. In mijn visie moet een minister vooral focussen op hoe hij de situatie kan remediëren / verbeteren. Maar objectief klopt het natuurlijk: elke weggebruiker is verantwoordelijk voor zijn gedrag op de weg. Aan de overheid om te zorgen dat dat ook kan, en de focus 100% kan liggen op de verkeersveiligheid in plaats van op de staat van de weg. Perfect zal het nooit zijn, dat kan niet. Maar er is nog een immens groeipad.

Ik weet niet of er lokaal of nationaal degelijke statistieken zijn van alle fietsers en voetgangers die op spoed belanden, en wat de oorzaak is. Ik denk van niet. Objectieve data helpen om oorzaken te bepalen. En degeljke ongevallenanalyses. Pas zo is een degelijk nationaal mobiliteitsbeleid mogelijk.

6 dagen

We zitten met zijn allen in een maatschappelijk bad met als naam “fase 3”. Sinds maandag mogen we weer 100% reizen binnen de landsgrenzen. Toen ik deze bepakte en bezakte fietser aan de verkeerslichten inhaalde dacht ik prompt: “waarheen gaat ie?”

09jun20, Forelstraat

We kregen bij onze geboorte een tong, dus vroeg ik het hem. Zijn ogen blonken van plezier. “Ik kom juust thuis!” Hij zag het vraagteken op mijn gezicht, en vervolgde “De Ronde van België! 6 dagen! 600 kilometer!”

09jun20, Forelstraat

De fietsende joi de vivre sloeg rechtsaf, ik ging naar links.

5 minuutjes (2)

Covid-19 had veel effecten. Eén daarvan is dat wegenwerven stilvielen. Ambtenaren bleven aan het werk, maar de bouwfirma’s konden niet meer de weg op. Logisch gevolg: al die werven liepen vertraging op. Nog een logisch gevolg: ook de opstart van nieuwe wegenwerven liep vertraging op. Al die werven komen nu één voor één op gang. Daar bovenop is de Stad Gent druk bezig met een inhaalbeweging om het wegenpatrimonium te onderhouden en aan te passen aan de noden van vandaag. Tel daar ook de zéér zéér actieve putjesgravers van de nutsbedrijven bij, die voetpaden, fietspaden en wegen helaas vaak in minder goede staat achter laten… Plus de andere overheden die qua onderhoud ook flink wat achterstand hebben. Zo komen we aan een druk kluwen van wegenwerken, waar wij als gewoontebeesten soms verloren in rijden.

12mei20, Woodrow Wilsonplein / Lammerstraat

Toen begin mei de Lammerstraat dicht ging zonder een aankondiging op straat, en de wegenwerf rond de Sint-Lievenspoort een ongecoördineerde spaghetti van soms slecht aangeduide omleggingen werd sprong deze titel in mijn hoofd: 5 minuutjes. Als je ergens 100% zeker op tijd wil zijn: vertrek als fietser 5 minuutjes op voorhand. Dat volstaat. Het is de prijs die je als fietser moet betalen voor de vele fietsvriendelijke aanpassingen die er momenteel op komst zijn. Of om je niet als een zot op smalle voetpaden te smijten. Of om je niet te ergeren.

Ik weet het: momenteel heb ik makkelijk spreken. De kinderen zijn groot en zelfstandig. Na een periode van Covid-19thuiswerk en twee weken vakantie ben ik nu technisch werkloos. Geen dagelijkse tijdsdruk meer. Dat is voor velen onder u niet zo. En de fiets is voor velen hèt vervoermiddel waar je tamelijk perfect je reistijd kan mee timen. In een decennium van haperend openbaar vervoer en groeiende autofiles is dat een weldoende luxe. A propos: over dit thema kan je meer lezen in de Gentse blog Bike Gain – Fietswinst.

De afgelopen jaren groeide de praktijk om wegenwerven “op de crime scene” een week op voorhand aan te kondigen. Zo weten fietsers (die kunnen en willen lezen) bij voorbaat dat ze extra reistijd moeten inplannen. Soms verloopt dat schitterend, soms is het gewoon ok, soms is het -bewust of onbewust- vergeten. Een bloemlezing van signalisatie uit mei 2020.

De wegenwerf Sasstraat heeft aankondigingsborden:

01mei20, Sasstraat

—————————————————-

De werf Sint-Lievenspoort was en is een complex verhaal, met constant wijzigende situaties, dus ook moeilijk om goed te signaliseren. We kregen op 7 mei deze melding via messenger:

Dag Fietsbult. Ik ben vandaag, zoals steeds met de fiets gaan werken, van Merelbeke naar centrum Gent en terug. Ik reed via Ledeberg richting Zuid. Aan het kruispunt ter hoogte van het Keizersviaduct zijn ze al even aan het werken, er was een verandering/ omleiding voor fietsers. Echter vandaag zag ik tot mijn verbazing dat de hele overgang in de twee richtingen is afgesloten. Pats boem! De “omleiding” staat heel slecht aangeduid, ook mede -fietsers rondom mij raakten er niet aan uit. De “wegblokkade staat ook nergens op voorhand aangeduid zodat fietsers eerder voor een alternatieve route kunnen kiezen. Niet ok deze situatie. Ik had jammer genoeg vanochtend niet de reflex om foto’s te maken van de situatie. Ik stuur dit naar jullie omdat ik niet weet waar ik elders terecht kan met deze “klacht. vriendelijke groeten. Eva

Hier zouden simpele geplastifieerde plannen op A3 méér helderheid verschaffen, en kunnen mee-evolueren met de werf. Dit was een poging met de oranje borden:

16mei20, Jozef Horenbantweg

Het Nederlandse systeem (compacte rechthoekige gele borden met routes met een lettercode) zou hier helderheid kunnen brengen. “Onze” oranje wegomleggingspijlen zijn al te vaak meer symbolisch dan praktisch de weg wijzend. Helemààl 20e eeuws denken dus.

Het was duidelijk zoeken om het goed te doen:

07apr20, Sint-Lievenspoort

Terzijde: in tijden van social distancing wordt een mens zich méér dan ooit bewust hoe weinig ruimte er afgelopen decennia aan fietsers gegeven werd:

27apr20, middenberm Sint-Lievenspoort

Dat wordt op de Sint-Lievenspoort nu beter.

Wie als fietser komende vanuit de Zuid de verkeerslichten richting Sint-Lievenslaan wilde gebruiken moest aan de (noodzakelijk onderbroken) lichten rechtsomkeer maken…

01mei20, Hubert Frère-Orbanlaan

… om dan een omleiding te volgen die fietsers tweemaal de tramsporen liet dwarsen:

30apr20, Hubert Frère-Orbanlaan
30apr20, Hubert Frère-Orbanlaan

De praktijk om fietspaden waar er dagenlang niet gewerkt wordt af te sluiten is nog zo’n 20e eeuwse gewoonte die dringend op de schop moet:

01mei20, kruispunt Sint-Lievenspoort: Keizervest

In de praktijk is/was de Sint-Lievenspoort twee werven: de onderdoorgang kant Schelde, en de oversteekplaats kant Zuidpark. Wie weet: met twee verschillende werftoezichters? En wie weet: twee verschillende signalisatieplannen? Het lag er soms chaotisch bij:

11mei20, Sint-Lievenspoort

Het ergste leed lijkt geleden. Mei en april waren intense coronamaanden met honderden “nieuwe” fietsers en wandelaars. Het was dan ook best frustrerend om telkens weer verloren gereden fietsers op de Sint-Lievenspoort aan te treffen. In marketingtermen: het gebrek aan heldere signalisatie was pure antireclame voor het fietsen. De die-hards trekken hun plan, en zullen altijd verder blijven fietsen. De twijfelaars, de bijna-fietsers, krijgen soms de klop.

26apr20, Sint-Lievenspoort

De “ervaring” om vanuit social distancing de weg uit te leggen aan verloren gereden fietsers (zonder terreinkennis) zal ik niet snel vergeten. De ontreddering in hun verloren gelopen ogen veranderde steevast in een big smile.

(Ik probeer om je deze week het eindresultaat te tonen van de vernieuwde fietsverbinding Keizervest – Sint-Lievenspoort. Dat ziet er goed uit.)

—————————————————

Deze kortstondige werf op het kruispunt Burggravenlaan / Ottergemsesteenweg had bizarre signalisatie:

05mei20, Ottergemsesteenweg / Burggravenlaan

Positief: fietsers kregen er een doorgang.

05mei20, Ottergemsesteenweg / Burggravenlaan

Basisles voor àlle weggebruikers: enkel een verbodsbord rechts van jou heeft je iets juridisch te zeggen. De rest is decor, en kan -indien goed gedaan- helderheid verschaffen, maar heeft juridisch geen enkele waarde.

05mei20, Ottergemsesteenweg

————————————————————

Dit is nog een kortstondige werf zonder aankondiging vooraf, hier stadinwaarts:

07mei20, Forelstraat / Heernislaan

De fietsers staduitwaarts werden verzocht de wegomlegging te volgen langs het stuk R40 zonder fietspad, zo leek het toch:

07mei20, Heernislaan / Forelstraat
07mei20, Heernislaan / Forelstraat

————————————————————-

Deze werf op de Buitenring R4 kreeg een duidelijke aankondiging:

16mei20, Zwijnaardsesteenweg

Ik keek niet na of dit in alle fietsaanvoerrichtingen even helder is aangegeven. Is dit ok voor wie vanuit vanuit Zwijnaarde fietst?

————————————————————

Soms werd een werf keurig aangekondigd, en “passeerde” de werf pas een paar dagen later:

03mei20, Slachthuisbrug / Gebroeders Van Eyckbrug
05mei20, Gebroeders Van Eyckstraat

Dat is zoals het leven van ons allen is. Ook wegenwerkers kunnen onvoorziene omstandigheden meemaken. Of tijdsmarges nemen. Maar achteraf bekeken stond het bord op de foto van 3 mei in de verkeerde richting gedraaid. De werf zat tussen die twee borden in.

————————————————————-

Dit leek me een staaltje van “good practice” qua aankondigingen:

08mei20, Bunderweg / Wallebeekmeers

Een goede aankondiging, en ook een goede omleiding. Akkoord, dagelijkse Westerringspoorfietsers?

———————————————————–

Conclusie: niet alle werven verlopen op een heldere manier. Er is nood aan méér controle ter plaatse. De signalisatiefirma’s moeten ècht nog méér bij de les gehouden worden. Signalisatie is er niet om met verantwoordelijkheden te schuiven, maar – kan het meer basic?– om mensen de weg te wijzen. Pas als de signalisatie pico bello helder is zullen mensen ze ook gaan geloven. Het evolueert positief. Aan die geloofwaardigheid van signalisatie (waard om geloofd te worden...) is nog een paar jaar werk. Onze suggesties: méér geplastifieerde plannetjes op A3formaat, met daarop de wegomlegging. En meer gebruik van het Nederlandse systeem met gele borden. Want hoe vaak niet lopen omleidingen langs of door elkaar heen?

En: vijf minuutjes vroeger vertrekken maakt dat je zeker op tijd komt.

5 minuutjes (1)

Eerst het prioritaire nieuws: maandag 08 juni starten een paar wegenwerven die een aantal onder u 5 minuutjes (of meer!) zullen doen omrijden. Vertel het verder!

Het kruispunt Aaigemstraat / Rijsenbergstraat gaat dicht, wat voor sommige treinpendelaars of fietsers naar de Loop een omwegje betekent:

03jun20, Rijsenbergstraat

De jaagpaden langs de Bovenschelde gaan op verschillende plaatsen dicht:

01jun20, jaagpad Bovenschelde, Zwijnaarde

Het is bizar dat dit niet het Gentse regionale nieuws haalde. Deze (nodige) onderhoudswerken aan het jaagpad langs de Bovenschelde zullen een groot effect hebben op àlle soorten fietsgebruikers: sportieve, recreatieve èn de vele woon-werkfietsers. Volgens dit artikel is de werf (vermoedelijk) klaar tegen 21 juni. Twee weken omrijden dus, op verschillende locaties tussen Gent en Oudenaarde (en verder). Lees het persbericht van de Vlaamse Waterweg hier. Hetzelfde scenario – minder belangrijk voor de Gentse woonwerkfietsers- loopt op het jaagpad langs het Afleidingskanaal (tussen Landegembrug en de spoorbrug in Landegem).

De start van de onderbreking werd bij voorbaat ter plaatse gecommuniceerd. Zo hoort het! De dagdagelijkse pendelaars die kunnen/willen lezen weten het dus al.

01jun20, jaagpad Bovenschelde, Gavere

De persberichten / informatie op de website van de Vlaamse Waterweg zijn wat te beperkt. Detailkaarten van de omleggingen zijn welkom / nodig, daar pleiten we reeds een paar jaar voor. Dat telt trouwens voor alle werven te lande. Een eenvoudige geplastifieerde A3 op de plaats waar de omleidingen starten en waar de fietsstromen het drukst zijn volstaat. Zo kunnen vele fietsers zich beter oriënteren en organiseren (want denk vooral niet dat alle fietsers kaarten op smartphone gebruiken).

Lees ook 5 minuutjes (2) over de aankondigingen en signalisatie van wegenwerven.

Voor Claudia

Het zou een titel voor een schlager kunnen zijn: “voor Claudia”. Maar het is een herhaling van de stelling van 20 mei: het is voor voetgangers en fietsers niet haalbaar om van de kant Antwerpsesteenweg naar kant Dendermondsesteenweg over te steken in één fase. Een fase is vakjargon van de verkeerslichtenmensen (21 letters).

Ik kwam terug van boodschappen, waardoor ik bij toeval nogmaals de Dampoort dwarstte. Vier foto’s van 20 mei 2020, 18u00:

20mei20, Dampoort
20mei20, Dampoort
20mei20, Dampoort
20mei20, Dampoort

Het blijft me verbazen hoeveel meer je kan zien op foto’s dan “in het echt”. Zo had ik niet gezien dat de fietser rechts een foto aan het nemen was van de situatie. Wilde hij het beeld vangen van de groen lichten aan boog 1 en 2, en het rode licht aan boog 3? Als ik het zo zie denk ik: die lichten zijn gewoon fout afgesteld, of er zit een computerfout in het systeem, of… of… waardoor de lichten van boog 3 niet meer synchroon lopen met 2 en 1. Misschien heeft Claudia nog herinneringen aan een synchrone periode.

In ieder geval: de voedselkoerier links haalt nipt het oranje licht van boog 1. De rechtse fietser ging daarna nipt door rood. Ik had vol rood. Voedselkoeriers zijn -kuchkuch- zelden trage fietsers. Misschien is Claudia een atlete.

Ik verzin nog een derde mogelijkheid: misschien zijn deze verkeerslichten op sommige momenten van de dag wèl synchroon ingesteld. In het vakjargon: de Claudiamomenten (15 letters).

24 letters

Dampoortoversteekbaarheid. 24 letters. Complex woord. Complexe inhoud.

04apr20, Dampoort

De Dampoort is een knooppunt voor voetgangers, fietsers, tram- trein- en busgebruikers, auto’s, camionettes en vrachtwagens. De schaarse boten tellen niet mee, ondanks het vele water. Een complex punt is hierbij een understatement.

04apr20, Dampoort
04apr20, Dampoort

Tot 1997 was de auto de onbetwiste koning van de Dampoort. Dat zou nog een aantal jaar zo blijven. De “voorlopige fly-over” over het water (de Napoleon De Pauwvertakking) verdween dan wel richting hoogovens (ergens in een kast zitten er zwartwit-foto’s van die afbraak), maar “huisbaas” Agentschap Wegen en Verkeer ging resoluut voor autodoorstroming als topprioriteit, daarin gesteund door De Lijn. De Stad wenste toen meer verkeerslichten, maar de huisbaas deed zijn zin. Akkoord, het werd er voor fietsers en voetgangers minder slecht. Vergeleken met de situatie ervoor was dit een wereld van verschil. Maar de Dampoort bleef, ook na een paar aanpassingen in april/mei 2003 (de aanleg van verkeersplateaus), een zéér zwart punt. De assertieven onder de fietsers trokken hun plan. De anderen bleven er weg, of bleven hun auto gebruiken. Want het volgende alternatief voor fietsers was (in het Zuiden) de Forelstraat of (in het Noorden) de Hogeweg, nog zo’n feestplek.

Bij de uitvoering van het Circulatieplan in 2017 draaide AWV de rollen op een schitterende manier om. De Stad kreeg de regie, AWV voerde (mee) uit. De gevraagde verkeerslichten aan Kasteellaan, Dok-Zuid en op de rotonde kwamen er, en – surprise!- het werd er na wat aanpassen, voor àlle weggebruikers veiliger en meestal ook vlotter. Een game changer.

Ok, wie er zijn ogen open houdt weet dat fietsterroristen het hier om de paar maanden in de vernieling rijden:

04apr20, Dampoort
04apr20, Dampoort
04apr20, Dampoort
04apr20, Dampoort
04apr20, Dampoort

Met het verplaatsen van toeristenbusparking (18 letters) werd de rotonde omheen de zwaaikom een beetje veiliger. Of alweer: wat minder onveilig. Maar ik vrees dat dit nog steeds de enige autoparking is met een soortgelijke in- en uitrit op een rotonde met fietspaden, en dan nog vlak nà een kruispunt. Het is wachten op aangekondigde drama’s.

04apr20, Dampoort

Blijft nog de verkeerslichten naast de bogen. Doorsnee voetgangers haalden (bij mijn weten) de overkant nooit in één beweging.

12mei20, Dampoort

Voor wie niet goed te been is was en is dat geen pretje. Fietsers die er voor het eerst komen, trage fietsers, kinderen en bejaarden halen het ook niet, tenzij ze bij het laatste licht door rood gaan. Gevolg: al die voetgangers en fietsers staan er op een smalle plek tussen het autoverkeer. En nog erger: dit is een immense stadsmuur, waarbij gebruikers van openbaar vervoer een middelvinger krijgen. Overstappen van de bus naar de trein? Neem dan maar een zéér ruime tijdsmarge. Volgens AWV wilde De Lijn er vooral een vlotte doorstroming van autoverkeer, zodat hun bussen minder in de file stonden. Een paradox, want daardoor moesten hun reizigers op weg naar de trein dan maar halfweg aan het verkeerslicht wachten.

Oplossing” één is al x aantal jaar oud: het verkeerslicht in de vierde boog, waar de bussen van De Lijn stadinwaars rijden werd weggehaald. Werd het een oplossing? Nope. “Oplossing” twee dateert van vorig jaar : de versleten sturing van de verkeerslichten werd vervangen. Helaas, dit is op 12 mei, 15u42, nog steeds de realiteit:

12mei20, Dampoort

12mei20, Dampoort
12mei20, Dampoort
12mei20, Dampoort
12mei20, Dampoort

Er is een woord voor: fietsontradend. 15 letters. En simpel.

Telkens weer vraag ik me af: hoe zouden de Denen of de Nederlanders dit – naar Vlaamse normen onoplosbare – aanpakken?

Briefje aan mevrouw De Beule

Dag mevrouw De Beule,

We kennen elkaar niet, en toch schrijf ik u een briefje. U schreef namelijk afgelopen week een rustig Facebookberichtje :


Ik lees drie bedenkingen:

  1. u hoopt dat de stallingen gebruikt zullen worden
  2. u vindt het visueel storend, een esthetische kwestie
  3. u pleit voor ondergrondse fietsstallingen

Ik kan u alvast geruststellen. De keren dat ik er passeerde werden de rekken op de foto goed gebruikt. Wat meer is: het overwegend jonge Albert Heynvolkje vond telkens vlot de weg naar deze fietsrekken.

12mei20, Korenmarkt
12mei20, Korenmarkt

De bedoeling van de rekken lijkt me duidelijk: koning voetganger plaats geven. Ook wij van de Fietsersbond vinden dat de voetganger de allerbelangrijkste weggebruiker is. Daarom is het STOPprincipe zo belangrijk: éérst Stappers, dan Trappers, dan Openbaar vervoer, dan Privé gemotoriseerd vervoer. We zijn allemààl voetganger. Het is ook het recht van de zwakste. Het is nog een lange weg te gaan voor deze volgorde onze straten zal domineren, maar deze tendens is in coronatijden via het groeiend fietsverkeer méér dan ooit wereldwijd leesbaar. Terzijde: als u even tijd heeft, lees ook dit knap artikel in de Tijd over gedragsverandering. Citaat: ‘Eigenlijk is het wonderbaarlijk hoe goed mensen zich tot nu toe aan de lockdown hebben gehouden, als je weet hoe lastig het is het gedrag te veranderen. Kijk maar naar de ervaring met rookpreventie en verkeersveiligheid.’

U hoorde afgelopen week in de radio en tv-journaals ongetwijfeld ook honderden keren het woord “circulatieplan” . We waanden ons even in 2017, met dàt verschil dat de autogewoontemensen nu niet protesteerden. Winkelstraten kregen éénrichtingsverkeer voor voetgangers, en dat werd met grote middelen duidelijk gemaakt. Dat alles om om de Gentenaars en anderen die dat wensen coronaveilig te laten winkelen, en zo de Gentse Centrummiddenstand te ondersteunen. Zolang het nodig is. Die stallingen zijn een deel van dat verhaal. Uiteraard zijn ze tijdelijk. De pleinen zijn er normaal gezien voor andere doeleinden. De stallingen zijn de evenementenstallingen, bij gebrek aan evenementen momenteel werkloos. De winkeliers hopen op veel klanten voor korte aankopen, op Gentenaars dus. En sinds half maart is het fietsgebruik in Gent alweer ferm gestegen. Ook al zijn massa’s studenten niet meer op kot, maar in het kot van hun ouders, je ziet dat Gentenaars groot en klein véél meer fietsen. Dat zie je gewoon in het straatbeeld. Logisch dus dat de Stad voor meer stalingen zorgt. Het voordeel van die evenementenstallingen is dat ze vlot verplaatst kunnen worden. Ik zie dit type in meerdere steden flexibel de ronde doen. Ze zijn snel op- en afgebouwd. In Gent kennen we ze onder anderen van op de Gentse Feesten en bij de thuismatchen van AA Gent:

22dec19, Ghelamco Arena

Houten fietsen met een dik stuur passen er niet in:

22dec19, Ghelamco Arena

Ik heb geen flauw idee hoe alles komende maanden gepland is, maar ik vermoed dat de Fietsambassade zal kijken waar deze extra stallingen gebruikt worden, om dan plein per plein te evalueren of ze er in coronatijden beter blijven, of elders ingezet worden.

Zijn deze stallingen mooi? Laat me eerlijk zijn: ik heb niks met de esthetica van fietsen of auto’s. Ik vind deze stallingen even lelijk als een doorsnee fiets, auto of bus. Wat Albert Heyn in de Pakhuisstraat aan winkelmateriaal parkeert spant de kroon qua lelijkheid.

Deze tijdelijke stallingen zijn dus niet mooi, wèl functioneel. Een gestalde fiets op zich is zelden of nooit mooi. Een geparkeerde auto is meestal spuuglelijk, en neemt immens veel plaats en visualiteit in. Deze stallingen stuctureren, en vermijden valpartijen zoals deze:

22dec19, Ghelamco Arena

Het valt op: van zodra er bij evenementen stallingen te kort zijn gaan fietsers zoals linksboven op de foto bijna organisch verder rijtjes vormen. Op de pikkel. Daarom ook dat ik fan ben van de “pikkelstallingen” op de Korenmarkt. Sommige companen van de Fietsersbond zijn het daar niet mee eens. Ze vinden ze vaak rommelig. Een paar nietjes kunnen er voor meer structuur zorgen. En zouden het domino-effect bij valpartijen kunnen milderen. Een fiets op de pikkel met fietszakken achterop kan véél wind vangen, en tientallen fietsen in zijn val meenemen. Wat mij vooral stoort is dat de pikkelstalling aan de Post amper zichtbaar is… door een veel te dominant terras. Dit is wat een fietser ziet als hij aankomt bij de Albert Heyn:

12mei20, Korenmarkt

Een fraai beeld is het niet. Wat zien we? Hoogst esthetische vuilnisbakken. Een terras dat buiten de openingsuren op een hoogst esthetische manier “gestald” wordt, en dat nu al twee maanden lang. Plantenbakken die de looproute tussen de pikkelfietsenstalling naast de Post en de ingang van de Post en van Albert Heyn volledig blokkeren, en dat al jarenlang. En het ergst van al: een terras dat alle voetgangers op een smalle looplijn richting tram duwt. Het gaat er zo grof aan toe dat het terras de blindengeleiding inpikt. Dit terras is dus véél te ruim geschapen. Het zou prettig zijn mochten gemeenteraadsleden oog hebben voor zo’n belangrijke zaken.

Aan de andere kant zien we dit:

12mei20, Korenmarkt

Maar u heeft gelijk: er zijn véél meer inpandige of ondergrondse stallingen nodig. Die zijn er ook al, maar dan alleen voor auto’s. Hopelijk pleit u met ons mee om een deel van die parkeergarages toegankelijk te maken voor fietsers. In Brugge is dat reeds het geval in de grote ondergrondse parkeergarage aan ’t Zand:

10okt18, ’t Zand, Brugge
10okt18, ’t Zand, Brugge

Tot slot: het lezen van sommige buldozerreacties op uw rustige Facebookpost deed mijn maag geen deugd. Wat is partijpolitiek toch een feest! De reacties deden uw rustige analyse kantelen naar klassieke Facebookemoties. Maar dat konden we na het artikel in de Tijd wel voorspellen: ‘Daarom is het zo moeilijk mensen te overtuigen met argumenten. We zijn vatbaarder voor informatie die onze overtuiging bevestigt. En we halen onze informatie niet enkel bij de overheid, de media of de wetenschap, maar ook op sociale media en in onze omgeving. Wat die omgeving zegt en doet, heeft doorgaans veel meer invloed dan wat experten zeggen.’

Met vriendelijke groeten,

Yves