Home

Mijnheer Murphy

23 mei 2017

Alles van waarde is weerloos, ook techniek.
Wie dagelijks met technische zaken -groot of klein- werkt kent mijnheer Murphy.

Hoe méér electronica, hoe kwetsbaarder.
Ook u heeft uw wasmachinehersteller of garagist al horen zuchten over alwèèr een kapotte printplaat.
Digitaliteit is schitterend, zolang het functioneert…
Een “moderne” bus kan zomaar stilvallen, en de weg blokkeren.
Dat is pech.

22mei17, Kastellaan / Ferdinand Lousbergskaai


Het digitale bordje “BUITEN DIENST” blijft ook dan nog werken.

Maar er zijn ook nog steeds de harde zaken, zoals metaal.
Wissels kunnen kuren krijgen door vorst of sneeuw.
Of door hitte.
Of door mijnheer Murphy.
Dan schiet telkens de helpdesk in gang.
Dat is in elk bedrijf zo, ook bij de Lijn.
Vandaag passeerde ik net nà het bezoekje van mijnheer Murphy aan het Koningin Maria Hendrikaplein.

23 mei, Koningin Maria-Hendrikaplein

Dit was het gevolg:

23mei17, Prinses Clementinalaan

Sta me toe de Lijn twee kleine adviesjes te geven.
Hoe hou je een stad bij dergelijk incident ook veilig voor andere weggebruikers.
Eén: bij een file hou je best wat afstand, maar dat houdt je best beperkt, zodat ook de volgende elfde tram er nog bij kan, en het kruispunt achterop niet blokkeert.
Twee: ook als het dringend is je kan je helpdesk / resqueteam nog steeds galant parkeren, en kijken hoe ze fietsers het minst hindert.
Dit is geen ongeval met gewonden.

23 mei, Koningin Maria-Hendrikaplein

23 mei, Koningin Maria-Hendrikaplein


Willen of niet: de Lijn is een onderdeel van een (mobiliteits)geheel, en in essentie een partner van voetgangers en fietsers.

Brabantdam

19 mei 2017

Zaterdag 20 mei is lintjesdag.
Dan gaat de decennialang vervloekte Brabantdam kasseiloos open voor het tramverkeer.

07mei17, Brabantdam

Dat kasseiloze is héél belangrijk.
Help mijn hersencellen: was dit in Gent nu het allerlaatste stuk tramsporen met kasseien rond?
Oei, nog niet.
Coupure rechts telt niet mee: daar ligt een fietspad naast de rijweg met tramsporen, al hebben die antieke fietspadtegels de neiging om kassei te spelen, waardoor fietsers er vallen.
Ai.
De Veldstraat combineert de kassei met tramsporen in één richting.
Waar nog?
Sassevaart!
Waar nog?

Mijn cellen werken op dit nachtelijk uur op de trein nog verdomd goed.
Maar de hellevaart op de knotsige kasseien annex tramsporen van Papegaaistraat, Gebroeders Vandeveldestraat, Vogelmarkt en Brabantdam is definitief voorbij!
De Brabantdam kreeg uiteindelijk toch een andere look dan we ooit in de kranten zagen.
Voetgangers worden afgeschermd door paaltjes.
Fietsers blijven best een halve meter van die paaltjes.
Als de tramchauffeurs zich nu gedragen, en fietsers niet wegrinkelen, is het voetpadfietsen in de Brabantdam definitief verleden tijd.
In de kasseientijd was dit voor velen dè manier om te overleven.
De Kouter en Brabantdam krijgen er nu ook een busstrook bij:

07mei17, Kouter

Nogmaals wordt leesbaar waar de Stad en / of de Lijn de fietsers liefst zien fietsen:

07mei17, Brabantdam

Zalig trouwens dat de tramsporenkant van de Kouter mee opgekuist werd.

07mei17, Kouter

Wil dat zeggen dat je nu van Rozemarijntjesbrug naar Zuid kan fietsen op een tramroute met een nonstop egaal wegdek?
Helaas niet.
De Zonnestraat werd helaas niet mee aangepakt.
Dat is voor later, samen met het Koophandelsplein.
In de Zonnestraat zullen komende jaren nog veel fietsers vallen, tenzij de Lijn zijn verantwoordelijkheid neemt en zijn halve meter naast de sporen onderhoudt.

Wat opvalt: zo goed als alle de Gentse wegendossiers met tramsporen uit eind twintigste, begin éénentwintigste eeuw in de kuip van Gent waren of zijn al kapotgereden.
Dikke lagen gewapend beton en tramrailpanelen doen nu al een paar jaren hun intrede.
Hierover heb ik nog nooit een openbaar debat gehoord.
Niet om te fingerpointen naar politici en ambtenaren van de vorige decennia, maar om het maatschappelijk inzicht te vergroten.
Tussen haakjes: de opkuis van die erfenis -samen met de aanpak van de vooroorlogse straten en rioleringen- resulteert dat er komende decennia altijd, altijd, altijd wegenwerven aan de gang zullen zijn, ook op hoofdassen.
Bekijk bijvoorbeeld de staat van de Kortrijksepoortstraat en Nederkouter.
Fietsen is/wordt méér dan ooit de manier om je klokvast te verplaatsen.
Mobiliteit degelijk organiseren is een werk van lange adem, en een soort hinkstapspringen in een publieke opinie die de perfectie verwacht.
Het zou goed zijn mocht hier een soort van tienjarenplan bekend gemaakt worden, met uiteraard een helder verschil tussen ambitie en realiteit.

Een vraag: voelt voor u tussen de sporen fietsen aan als de correcte plaats?
Of verkiest u de rechterkant van de sporen?
In beide gevallen: waarom?

07mei17, Vogelmarkt

Alle mensen zijn verschillend.
Bach.
Brian Wilson.
Miles David.
Metallica.
Onze muzikale smaken zeggen iets over die verschillen, niet alles.
Er zijn mensen die rondom zich constant auto’s en permanent autogeluiden verwachten.
Of wensen.
Er zijn mensen die vlak naast een autostrade een huis bouwen.
Anderen zoeken rust en stilte.
Wat doet dat met een mens?
Volgens sommige stadsmensen kan je stilte enkel op het platteland vinden.
Ze dwalen.
Rust en stilte vindt je zelden op “den buiten”.
De stiltegebieden werden om zeep geholpen door onze uitdeinende ruimtelijke ordening.
Eigen verkaveling eerst.

Eén van de meest verbazende realisaties van het Circulatieplan is dat je op vrij veel plaatsen plots weer louter stemmen en/of vogels kan horen.
Die ervaring was vroeger voorbehouden aan de uren voor de ochtendspits, of de zondagmorgen.
Nu kan dit ook tijdens de volle ochtendspits.
Uiteraard niet overal.
Autoverkeer blijft de stadskern binnen komen.
Maar de stilte verrast, creëert rust in lijf en leden, en maakt gelukkig.
Want ook dat valt op: doordat er minder autoverkeer is rijden bussen en taxis een pak rustiger dan voorheen.
En ook het autoverkeer is minder jachtig.
De sfeer is relaxer, meer ontspannen.
En dat maakt dat je om de haverklap lachende gezichten kan spotten.
Tel daar nog een speeltuig bij van de makers van de Muur, en je kan dergelijke scène vol rust en liefde spotten:

30apr17, 19u06, Koophandelsplein

Tingtingting

25 april 2017

20apr17, Vlaanderenstraat

Heel lang geleden zei het verkeersreglement:

Art. 15. Wanneer een spoor in de openbare weg aangelegd is, of deze gelijkgronds kruist, moet elke weggebruiker de doorgang vrijlaten voor het daarop rijdend spoorvoertuig; daartoe moet hij het spoor vrijmaken, er zich zodra mogelijk van verwijderen en, zonodig, stoppen.

Daarmee was het duidelijk: als er een tram aankwam moest je je uit de voeten maken. Daar zijn processen over gevoerd. Dat heeft tot een aantal vonnissen geleid die bevestigen dat de tekst wel degelijk zegt wat hij zegt. Als je, bijvoorbeeld, door de Nederkouter reed met de auto en er kwam een tram achter je aan dan mocht je niet voorbij een lege parkeerplaats rijden: neen, je moest daarin rijden en wachten tot de tram voorbij is. Kwam je aan een zijstraat moest je ook uitwijken naar die zijstraat, ook al wou je eigenlijk rechtdoor. Je moest uitwijken en desnoods stilstaan om voertuigen op rails door te laten, om maar eens een nog oudere versie van het reglement te citeren. Voor een fietser betekende dat dat je je desnoods op het voetpad moest begeven. Daarmee werd een tram eigenlijk behandeld zoals een prioritair voertuig, zoals een brandweerwagen, met werkende sirene. Immers, daarvoor moet je onmiddellijk de doorgang vrijmaken en voorrang verlenen; zo nodig moet [je] stoppen. Niet toevallig is de formulering voor prioritaire voertuigen bijna hetzelfde als die voor een tram.

20apr17, Vlaanderenstraat

Dat vond men toch wel een beetje overdreven. Een tram voorrang geven, oké, maar het was nu ook weer niet de bedoeling dat de passage van een tram het verkeer lamlegt, zoals bij een ambulance of een politiewagen met een dringende opdracht.

Dus heeft men in een latere versie van het verkeersreglement die verplichting ingeperkt. Nu staat er:

Art. 12.1. Elke weggebruiker moet voorrang verlenen aan de spoorvoertuigen; daartoe moet hij zich zo snel mogelijk van de sporen verwijderen.

20apr17, Graaf Van Vlaanderenstraat

Voorrang geven betekent volgens Van Dale (editie 1984) een ander voertuig (dat uit een andere richting komt) het eerst [laten] passeren. Een tram die achter je komt, komt niet uit een andere richting. Alleen als je de sporen kruist heb je een andere richting en kan je voorrang geven: dat moet je dan ook. Om dat te doen moet je je ook van de sporen verwijderen. Stel dat je als automobilist of als fietser bijvoorbeeld linksaf wil in een straat met een tramspoor in het midden. Dan mag je niet op het tramspoor gaan staan om auto’s en fietsers uit tegenrichting voor te laten, want dan kan je een aankomende tram geen voorrang meer geven. Maar er is geen sprake meer dat je het spoor in de openbare weg aangelegd noet vrijmaken als er een tram achter je komt.

Waarom is het relevant om een wijziging van het verkeersreglement van heel lang geleden onder het stof uit te halen? Wel, er is iets eigenaardigs mee aan de hand. Om de ene of andere reden schijnen personeelsleden van De Lijn (en sommige, maar niet alle, leden van het politiecorps) ervan uit te gaan dat de nieuwe versie geldt voor automobilisten, maar de oude voor fietsers. Niemand eist nog dat autobestuurders in de Nederkouter halsoverkop de straat vrijmaken, maar er wordt nog wel van fietsers verwacht dat ze het trottoir op vluchten. Voor fietsers verwijst men naar de oude toestand, inclusief de oude rechterlijke uitspraken, voor automobilisten niet.

20apr17, Vlaanderenstraat

De menselijke geest is ondoorgrondelijk, maar het creëert echt wel een probleem. Zo nu en dan hoor je berichten over aggressieve tramschauffeurs. Je kan je het wel voorstellen: vlak achter een fietser gaan rijden en continu bellen. Dat is niet alleen enerverend, maar ook gevaarlijk. Fiets en tramsporen, het gaat al niet goed samen, zeker niet als er ook nog kasseien in het spel zijn. Als een fietser uit zenuwachtigheid, omdat hij wordt opgejaagd, een fout begaat dan kunnen de gevolgen niet te overzien zijn. Je wil je echt niet voorstellen wat er gebeurt als een fietser valt over de tramsporen terwijl er vlak achter hem een voertuig van 56 ton aankomt. Als de politie dan, zoals recent nog op de sociale media, flagrant verkeerde informatie verspreidt die aangeeft dat de fietser in fout is en zo olie op het vuur gooit, dan is het echt wel nodig dat ze die flaters (het was niet de eerste keer) goedmaakt. Niet door alleen maar te zwijgen, maar door de feiten duidelijk te stellen. Namelijk dat het verkeersreglement veranderd is. Lang geleden.

Gent telt sinds 3 april een paar zalige knips voor autoverkeer.
We zullen er een paar op het podium van nieuw / new / nouveau hijsen, want ze maken het fietsverkeer een pak veiliger.
Opgelet: er is nog steeds autoverkeer.
Er zijn de bussen en taxi’s, en vaak ook auto’s met een vergunning om door de knip te rijden.
Boos kijken omdat je denkt dat de auto de regels van het Circulatieplan niet volgt dient nergens voor, want je weet het niet.
Keep smiling.
Het is aan de vele camera’s om het verkeersreglement toe te passen.

De nieuwe eenrichtingsstraten voor autoverkeer zijn voor die fietsveiligheid minstens even belangrijk.
Zo heeft de herinrichting van de Tweebruggenstraat meerdere upgradegevolgen voor fietsers.
Regulier autoverkeer zal er louter staduitwaarts rijden, niet meer stadinwaarts.
Hierdoor zal de ochtendlijke heksenketel rondom het kruispunt Visserij / Tweebruggenstraat buiten de schoolvakanties voor een stuk(je) overzichtelijker worden.
Ik kijk ernaar uit.

02apr17, 00u03, Tweebruggentraat


Via de Tweebruggenstraat en Nieuwebosstraat naar Sint-Anna rijden zal voor fietsers èn bussen èn taxi’s minder aanschuiven betekenen.

02apr17, 00u02, Nieuwebosstraat


En: het autoverkeer van de school Nieuwen Bosch heeft een richting minder om de –voor fietsers gevaarlijke- Kiss & Ride op het schooldomein te benaderen of te verlaten.
We hadden het er hier op 6 maart nog over.

05apr17, Tweebruggenstraat

Leren uit het verleden.
Wie wil dat niet?
Laat ons eens kijken hoe een hèt studentenblad Schamper 20 jaar geleden schreef over het Gentse fietsbeleid.
Voor sommigen onder u zijn dit verre herinneringen.
Voor anderen is het geschiedenisles.
Een tip: bedragen zijn in Belgische frank

GENT HEEFT EEN FIETSPLAN…
14 maart 1997 — editie 348 – door KL

Sinds 1993 bestaat er in Gent een fietsplan waarvoor jaarlijks vijftig miljoen wordt uitgetrokken. Hiermee worden vier fietsroutes aangelegd tussen de deelgemeenten en het centrum van Gent. Dit allemaal om Gent wat fietsvriendelijker te maken. En er is werk aan de winkel. Denken we maar aan de verraderlijke tramsporen voor fietsers, de grote kruispunten waar het autoverkeer van alle kanten komt, en de kasseien.

De essentie van het Fietsplan is de leefbaarheid en bereikbaarheid van de stad verhogen. Elke ingreep in de verkeersinfrastructuur moet overzichtelijk, veilig en aantrekkelijk zijn en het comfort van de fietser in het verkeer verbeteren. De schoolomgeving moet veiliger en er wordt gezocht naar een goede wisselwerking tussen het openbaar vervoer en de fiets (Zodat arme fietsers zich niet meer voor trams of bussen op het trottoir moeten reppen als hun leven hun lief is?).

Om Gent wat fietsvriendelijker te maken wordt er ook gedacht aan trager autoverkeer door het invoeren van een zone 30 binnen de bestemmingsring. Het stadsbestuur is nu ook van mening dat fietsen langs de hoofdwegen moet kunnen. Voordien werden fietsroutes zoveel mogelijk weggehaald van de hoofdwegen. Zo staat te lezen in de brochure van het fietsplan: ‘’ Fietsroutes worden vaak aangelegd langs minder drukke straten, door woonwijken of langs jaagpaden om de gevaarlijke hoofdwegen te vermijden. (…) Hoofdwegen zijn meestal de kortste route om een eindbestemming te bereiken. Vandaar dat ook zij fietsvriendelijk moeten ingericht worden. Langs deze wegen (…) bevinden zich bovendien heel wat winkels, scholen, kantoren en diensten. deze voorzieningen moeten voor de fietser goed bereikbaar zijn.’‘ (Hoera!, nvdr) Tot slot kan iedereen ook nog zijn fiets gratis laten registreren om fietsdiefstal te voorkomen. ‘‘Registratie zorgt ervoor dat de politie gestolen fietsen sneller kan opsporen.’‘ (?) Ook de nieuwe fietsenstallingen moeten hiertoe bijdragen.

De voorbije drie jaar werden al een aantal zaken van het Fietsplan gerealiseerd. Ongeveer 300 éénrichtingsstraten staan in twee richtingen open voor fietsers, langs acht straten werden fietsvoorzieningen aangelegd, op diverse kruispunten werden fietssluizen voorzien en de realisatie van de Oost-Westroute in de binnenstad is binnenkort klaar.

Tegen 2000 zou Gent een fietsparadijs moeten worden. In 2000 zouden de vier fietsroutes afgewerkt moeten zijn. Eind dit jaar wordt voorzien dat de Oost-Westroute van Mariakerke naar Sint-Amandsberg afgewerkt is. Deze is al grotendeels klaar dus met een ‘Op de koop toe’ kritische instelling besteeg deze jongen zijn stalen ros om een stuk van de route door het centrum eens te testen.
Op een zonnige dinsdagmiddag omstreeks 15 uur begeef ik me naar het dichtst bijgelegen deel van de Oost-Westroute, namelijk de Ketelvest. Daar is geen autoverkeer en het is er goed vertoeven met de fiets. Dan peddel ik m’n tweewieler richting Justitiepaleis (Koophandelsplein). Dààr de fietsroute volgen is je reinste zelfmoord dus rij ik tussen de auto’s mee naar de Kouter. Anders kan niet omdat het autoverkeer zowel linksaf gaat als rechtdoor. Na wat wachten bereik ik de Zonnestraat en baan me een weg tussen de tramsporen en lossende vrachtwagens. Eens over de brug ben ik het spoor van de fietsroute kwijt. Na raadpleging van de kaart blijkt dat de route wel degelijk daar loopt langs de Ajuinlei. Bizar, het is nochtans een éénrichtingsstraat. Zou de Oost-Westroute misschien een éénrichtingsroute zijn? Ik besluit me volledig te verlaten op de kaart en rij over het trottoir en de rijweg langs de Ajuinlei en bereik het kruispunt aan de Zwarte Zustersstraat. In die straat wordt ik aangenaam verrast door een richtingaanwijzer van de Oost-Westroute met de vermelding Mariakerke. Dus toch geen éénrichtingsroute. De pijlen volgen dan maar. Dit leidt me langs kleine straatjes tot aan de Holstraat waar ik al verheugd ben door het zien van een fietstrook. Wanneer ik deze dan wil uittesten blijkt dat een aantal autobestuurders er een ideale parkeerplaats in ziet. In de Theresianenstraat kom ik bij het kruispunt tot een verrassende vaststelling. De route loopt rechtdoor en er staat een bord dat me vertelt dat fietsverkeer er in twee richtingen mag. Maar dan zie ik enkel aan de linkerkant een fietstrook. Wordt hier verwacht dat ik nu ineens links ga rijden? Ik probeer het maar het bevalt toch niet echt. Aan het einde wordt me duidelijk wat er aan de hand is. Juist op de laatste pakweg acht meter bevindt zich een stukje fietstrook om het oversteken naar de Coupure te bevorderen. Aan de andere kant van de Theresianenstraat is ook zo’n fietstrook. Die staat echter vol met wagens van ouders die hun kinderen komen ophalen. Aan de overkant van de Coupure tref ik een waar fietsnirvana aan. Zo waar een twee meter breed fietsvak afgescheiden van de autoweg. Ik veronderstel dat dit zo verdergaat tot in Mariakerke en doe de route eens in tegenovergestelde richting. Dit gaat vlotter, ik ken de weg nu al en de éénrichtingsstukken baren me nu geen zorgen. (Aan het Justitiepaleis probeer ik de nieuwe fietstallingen eens waar Stad Gent er 300 van geplaatst heeft. Wat ik vreesde kwam uit. Mijn beugelsslot (U-slot) is te smal voor de dikke buizen. in de brochure staat: ‘‘De Stad Gent ontwierp hiervoor een nieuw type fietsenstalling die voor alle soorten fietsen vlot te gebruiken is.’‘ Misschien wel voor alle soorten fietsen maar niet voor alle soorten sloten.) Wie naar de Ketelvest wil oversteken, hangt af van het goed humeur van autobestuurders want er is geen oversteekplaats voor fietsers. Ik besluit de rit met de volkswijsheid: ‘‘Oost, West, thuis best.’‘

Fietsdienst
Schamper ging eens langs bij de Fietsdienst Stad Gent en had een gesprek met Yves De Baets, promotor van het fietsplan.
Schamper: In hoeverre is de Oost-Westroute eigenlijk af?
De Baets: ‘‘Die zal bijna af zijn dit jaar. Zo is er nog een probleem bij de oversteek van de Rooigemlaan nabij de Palingshuizen. Het is daar nog steeds gevaarijk en daarom wordt er een fietstunnel gepland onder de weg. Voor de wijk Kolegem is er het probleem dat die wijk tussen grote wegen in geprangd zit. Daar zal een oude spoorwegbedding heringericht worden en ter hoogte van de Kempstraat komt er een brug voor fietsers en voetgangers over de vaart. Aan de Nieuwe Wandeling is de situatie wel al verbeterd maar het blijft nog redelijk gevaarlijk. Er zijn wel al markeringen aangebracht voor fietsers maar daar voorzien we in 1997 nog accentverlichting om de oversteekplaatsen aan te duiden als het donker is. Aan de Verloren Kost is de situatie ook nogal problematisch omdat er weinig plaats is door het parkeren aan beide kanten van de weg. In het Mobiliteitsplan wordt daar in de toekomst enkel nog éénrichtingsverkeer toegelaten en voor fietsers in beide richtingen. Het gedeelte vanaf het Zuid tot aan Twee Bruggen is klaar maar vanaf daar tot aan de Forelstraat kan er niet gewerkt worden omdat Aquafin daar nu werken uitvoert.’‘

Schamper: De Oost-Westroute loopt voorbij het Justitiepaleis. Daar kan een fietser toch onmogelijk voorbij raken als hij uit de richting van de Nederkouter komt. Fietsverkeer moet zich daar over de kasseien en tussen tramsporen en auto’s een weg banen langs de Kouter. Is het niet gedeeltelijk een éénrichtingsroute?
De Baets: ‘‘De combinatie van tramsporen met kasseien is inderdaad gevaarlijk. De tramsporen kunnen niet weg en wat de historische stadskern betreft is beslist dat de kasseien daar ook blijven. Maar op andere plaatsen worden kasseien wel vervangen door een ander wegdek. In het Mobiliteitsplan zitten ook wel enkele verbeteringen. Met de bestemmingsring voor auto’s wordt doorgaand verkeer verminderd. In het centrum mogen fietsers dan overal in twee richtingen rijden behalve waar het te gevaarlijk is. Rond de Drie torens komt een verkeersvrije zone. Minder autoverkeer betekent minder gevaar voor fietsers. Wat nu juist de Kouter betreft, die wordt een heel stuk fietsvriendelijker. Het wordt één groot plein waar fietspaden en trottoirs op één niveau liggen en onder de Kouter komt een parkeergarage.’‘

Schamper: Het stuk van de route langs de Ajuinlei is een éénrichtingsstraat. Kan daar iets aan veranderd worden?
De Baets: “Neen, het is daar te gevaarlijk. De Ajuinlei blijft een éénrichtingsstraat staduitwaarts. Maar binnenkort zal de Veldstraat wel open staan voor fietsers en dat is maar dertig meter verder.”

Reglementering
Schamper: Wordt er niet gedacht aan verkeersreglementering die het fietsen wat bevordert?

De Baets: ‘‘Ja, zo is het nu nog verboden in winkelwandelstraten te rijden maar daar komt binnenkort verandering in. Het wordt nu toch al gedaan en het is in de praktijk toch geen probleem. Dat staat in een document van het Belgisch Instituut voor de Verkeersveiligheid. … Zo zal het van 18 uur tot 11 uur toegestaan zijn daar te fietsen omdat de winkels tijdens die periode toch grotendeels gesloten zijn. In winkelstraten waar een aparte bedding is voor de tram bijvoorbeeld zal het ook toegelaten worden op die bedding.’‘

Schamper: Wanneer wordt dat ingevoerd?
De Baets: “Dat is voorzien vanaf half augustus op voorwaarde dat het parkeergeleidingssysteem en de openbare werken daarvoor klaar zijn. Anders zal het vanaf begin november zijn.”

Schamper: En wat met bijvoorbeeld fietssluizen die niet bereikbaar zijn omdat de autobestuurders geen plaats laten?
De Baets: ‘‘In principe mag een fietssluis enkel als er minstens 25 meter fietspad aan voorafgaat. Reglementering bestaat wel maar er is niet genoeg naleving. Het gebeurt nog dat er auto’s op dat fietspad staan’‘

Schamper: Wat wordt bedoeld met een betere wisselwerking tussen openbaar vervoer en fietsers, dat fietsers zich moeten reppen om uit de weg te zijn voor trams en bussen?
De Baets: (lacht) Ik ben zelf ook al achterna gezeten door een tram. Er is daar inderdaad geen wisselwerking. Er heerst nog altijd een automentaliteit. Die bestuurders zouden inderdaad wat geduldiger mogen zijn. Zij denken waarschijnlijk in de eerste plaats aan hun passagiers. Maar dat is een zaak voor De Lijn. Wat nu die wisselwerking betreft is vooral de trein belangrijk en dan minstens veilige fietsstallingen. Brussel vindt dat niet belangrijk genoeg. Ze zien daar geen winst in. Maar elke service moet toch niet opbrengen.’‘

Op de witte fiets door Gent
Schamper: Hoe denkt u over het initiatief van Cyclorent dat in Gent witte fietsen wil verhuren om afstanden van de ene fietsstalling naar de andere te overbruggen?

De Baets: ‘‘Ik denk dat het wel concurrentieel kan zijn met het openbaar vervoer. De prijs ligt lager (20 frank) en het openbaar vervoer stopt na 23 uur. Er is echter wel een probleem met de veiligheid van die fietsen. Zo heeft het model maar één rem en dan nog een achteruittraprem/torpedorem en geen bel. De fietsen zijn dus wettelijk niet in orde. Verder hebben de fietsen een klein voorwiel wat op de kasseien een probleem kan geven. Er moet wel eerst nog aan de veiligheid en de baanvastheid gesleuteld worden. Een andere voorwaarde is dat het de stad in het begin geen geld mag kosten. Als er ongevallen mee gebeuren, willen wij daar niet voor opdraaien.’‘

Communicatie (2)

13 februari 2017

Communicatie is vaak de helft van het verhaal, zeker bij een verandering.
In december reden hier – na meer dan een jaar – weer trams van en naar de Brusselsepoortstraat:

30dec16, Hubert Frère-Orbanlaan

30dec16, Hubert Frère-Orbanlaan

Grote heldere borden hielpen om dit drukke fietspad in deze overgangsperiode veilig te houden:

30dec16, Hubert Frère-Orbanlaan

30dec16, Hubert Frère-Orbanlaan

30dec16, Hubert Frère-Orbanlaan

30dec16, Hubert Frère-Orbanlaan

Was dit een intitiatief van De Lijn of van de Stad Gent?
Geen idee, maar dit smaakt naar méér. 🙂

%d bloggers liken dit: