Home

Brainstormen

7 september 2017

“Wie lid is van de Fietsersbond kreeg een mail om op 12 september mee te brainstormen over de fietsprioriteiten voor de volgende gemeenteraadsverkiezingen.
Wie lid is en de mail niet kreeg, graag een mailtje aan Eva@fietserbond.be.
Zij laat je plaats en uur weten.
Nog geen lid?
Sluit je snel aan.”

Elk jaar komen er weer honderden fietsers bij.
Het blote oog merkt het.
Het gezaag op fietsers -soms terecht, vaker onterecht- etaleert het.
Want de organische critical mass doet zijn werk.
Hoe meer fietsers er zijn, hoe fietsvriendelijker het wordt.
Wat niet steeds geapprecieerd wordt door wie vroeger de weg als het voorrecht van auto’s zag.
Want het zijn er steeds méér.
Of zijn er duizenden fietsers bijgekomen?
Dat ziet het blote oog niet.
Voor cijfers heb je digitale ogen nodig, telpalen of zo.

Vooral de grote instroom van jonge ouders met kleine kinderen valt op, want vaak hopeloos charmant:

06sep17, Eendrachtstraat

Eén bocht verder hoorde ik de mama naar het kind met de tekening zeggen: “Kijk, daar is papa!”
Papa stond al aan het verkeerslicht.
Plots zag hij ze.
En maar zwaaien, want er stond nog een tros fietsers tussen hen in.

De instroom is in alle leeftijdsgroepen en klasses van de maatschappij aan de gang.
Het Circulatieplan gaf een extra grote boost.
Het beeld dat x aantal mensen zaten te wachten op dit plan klopte.
Je zag mensen op de fiets het nieuwe veld “besnuffelen”.
Drie kenmerken: fietshelm, hesje en onzekere, zoekende lichaamstaal.

Het grote effect van het Circulatieplan zette mijn denkkader op losse schroeven.
Het Circulatieplan herschudde de kaarten.
Heeft dat denkkader geen opfrisbeurt nodig?
Waar zijn binnen de R40 vrijliggende fietspaden nog echt/echt nodig?
Waar is een “shared space” een evidentie?
Op basis van het papieren plan was ik zeker dat het effect voor fietsers positief zou zijn. (met als grootste gebrek: dat het niet ingevoerd werd buiten de R40).
Om eerlijk te zijn: ik schrok ervan dat het effect van het verdwijnen van die 30% doorgaand autoverkeer een véél positiever was dan ik in mijn diepste dromen verwacht had.
Naar mijn aanvoelen kreeg de situatie voor fietsers een enorme upgrade.
Zo’n aanvoelen is persoonlijk.
Ik lees wel degelijk de reacties allerhande op onze blog en Facebook, waaruit af te leiden valt dat bij een deel van de fietsers binnen de R40 nog angst, onvrede en ongeduld leeft.
De as Kortrijksepoortstraat / Nederkouter is rot.
De Bagattenstraat gaat eindelijk op de schop.
Sommige knippen van het Circulatieplan mogen voor fietsers snel een definitieve vorm krijgen.
Wat nog?
Op de R40 en de zone daarbuiten is de angst, onvrede en ongeduld nog veel groter.
Fietsers transformeren er zich soms liever tot voetganger, dat voelt veiliger.
(bekijk hier op een kort traject: de ouder met het kind naast zich, de 50plusser met de breekbare lading, de Engelse fietser, de jogger, het contrast tussen de zeer trage en zeer snelle fietser)

05sep17, Vlaamsekaai

05sep17, Vlaamsekaai

05sep17, Vlaamsekaai

Er is nog ontiegelijk veel werk om fietsen haalbaar te maken voor de massa.
Zo is de kleine ring R40 voor fietsers nog steeds niet rond.
De Tolhuisbrug blijft een levensgevaarlijk fietspunt, assertieven only.
Er is de woonwijkengordel buiten de R40.
De vele randgemeentes.
De noodzakelijke fietsverbindingen met alle buurgemeentes.
De haven.
Wat nog?
Laat ons de brainstorm over prioriteiten hier niet voeren.

“Wie lid is van de Fietsersbond kreeg een mail om op 12 september mee te brainstormen over de fietsprioriteiten voor de volgende gemeenteraadsverkiezingen.
Wie lid is en de mail niet kreeg, graag een mailtje aan Eva@fietsersbond.be.
Zij laat je plaats en uur weten.
Nog geen lid?
Sluit je snel aan.”

Dit was het memorandum uit 2012.
En dit was ons tienpuntenplan uit 2012, met de politieke reacties erop.

22 april 2014 gaf Jandefietser op deze blog een Engelse les.
Daarin promootte hij de sharrow.
Aan het Sint-Pietersstation duikt een variant van de sharrow op.

28aug17, Koningin Maria-Hendrikaplein

29aug17, Koningin Maria-Hendrikaplein

Het Koningin Maria-Hendrikaplein is al jaren een ongestructureerd zootje.
Mijn chérie komt er gemiddeld éénmaal per maand, en vloekt na afloop steevast op de onleesbaarheid om “de put” (haar koosnaampje voor de ondergrondse stalling) te bereiken.
Ze is niet de enige.
Ik heb er al veel stationsgebruikers de weg gewezen, want ook fietsbewegwijzering (zelfs richting centrum of UZ) ontbreekt.
Een integrale heraanleg is (cfr de huidige info) gepland in de eindfase van de stationswerken, lees: pakweg 2025/2026. (dus pas na twee gemeenteraadsverkiezingen, die van 2018 en die van 2024)
Tot zolang moeten we het met de huidige tramsporen, loop- en fietslijnen uitzingen.
De beschermde bomencirkel op het oude plein is -samen met stationsluifel- de dominant bepalende factor, wat de bewegingsruimte van de verkeersplanners uitdagend beperkt.
De toegang tot de ondergrondse fietsenstalling-in-aangroei leek (anno 2000) ergens tussen de soep en de patatten in het project geschoven.
Meer nog: een toekomstgericht mobiliteitsplan voor fietsers van en naar de grote ondergrondse stationsstalling ontbrak van bij aanvang.
Werden ondertussen even dominant bepalend: de autoinrit voor de kiss & ride, de helling naar het VAC (Vlaams Administratief Centrum), de hellende tuin, de eerste helft van het(ondertussen al deels heraangelegde) busstation, en de helling naar de fietsenstalling.

Fietsersbond Gent zit sinds pakweg 2006 mee aan tafel in de klankbordgroep van het project Gent Sint-Pieters (alle verslagen hier.
Ons doel is simpel: de evolutie van het complexe project opvolgen, en waar nodig de fietsfailures aankaarten.
In het begin leek dat hopeloos.
De NMBS bleek soms de grootste tanker ter wereld.
Of was het De Lijn?
Of Eurostation, de vastgoedpoot van de NMBS?
Of de Stad?
Of de aannemers?
In ieder geval: niemand had de eindregie over de aannemers, laat staan de eindverantwoordelijkheid van het totale project.
Herinner je bijvoorbeeld deze Fietsbult met als titel “Lomp²”.
Dit zijn alle Fietsbulten met “Project Gent Sint-Pieters”.
Maar kijk, ook een vloot tankschepen kan keren.
Jaar aan jaar steeg de gevoeligheid om fietsverkeer (dan toch) ernstig te nemen.

De leesbaarheid van het stationsplein- of beter: het gebrek daaraan- is op de klankbordgroep al een paar jaar een complex thema.
De uitvoering liet op zich wachten.
Afgelopen weken kwamen er eindelijk ook daden.
Op het eerste zicht lijkt het me een forse verbetering.
Het pad tussen Koning Boudewijnstraat/Koningin Fabiolalaan en Koning Albertlaan werd ontdubbeld:

29aug17, Koningin Maria-Hendrikaplein

28aug17, Koningin Maria-Hendrikaplein

28aug17, Koningin Maria-Hendrikaplein

28aug17, Koningin Maria-Hendrikaplein

28aug17, Koningin Maria-Hendrikaplein

28aug17, Koningin Maria-Hendrikaplein

Zebrapaden krijgen een (op Vlaams nivo ontwikkelde) waarschuwing voor de trams, voertuigen met eeuwigdurende voorrang:

29aug17, Koningin Maria-Hendrikaplein


Daar ontbreekt nog de rode verf.
Ook de fietsoversteken kunnen zo’n waarschuwing gebruiken, of wordt het dan teveel van het goede?

De combinatie van scharrows, klassieke pijlen op kruispunten en fietssymbolen werkt.
Op deze nieuwe fietsroute richting Koning Albertlaan ontbreekt op het kruispunt nog een pijl rechtdoor en linksaf.
De eerste keer dat ik er passeerde vond ik het fietspad richting Albertlaan niet vanzelf.
Als een schaap volgde ik de sharrows. 🙂
Zijn ze het simpelweg vergeten schilderen? (dit schilderwerk is een complexe klus)

29aug17, Koningin Maria-Hendrikaplein

Belangrijkste pluspunt: er loopt nu een bijna rechte fietsas tussen de Prinses Clementinalaan, de hoofdingang van het station, en de helling naar de overdekte fietsstalling.

30aug17, Koningin Maria-Hendrikaplein


Dat is ook handig voor de snel groeiende groep plooifietsers.
De centrale voetgangersas kreeg het juridische statuut van woonerf:

30aug17, Koningin Maria-Hendrikaplein

Dat lijkt me de juridische vertaling van “shared space”.
Het is er eventjes geen fietspad.
Fietsers worden geacht zich aan te passen aan de (vaak immense) voetgangersstroom, een concept dat me evident lijkt.

30aug17, Koningin Maria-Hendrikaplein

30aug17, Koningin Maria-Hendrikaplein

30aug17, Koningin Maria-Hendrikaplein

30aug17, Koningin Maria-Hendrikaplein

30aug17, Koningin Maria-Hendrikaplein

30aug17, Koningin Maria-Hendrikaplein

Deze oversteek is de enige die me zorgen baart:

29aug17, Koningin Maria-Hendrikaplein


Is hij veilig genoeg?

We waren als Fietsersbond ook vragende partij voor een leesbare fietsoversteek op de Koningin Elisabethlaan, fietsend vanuit de Koningin Astridlaan.
Daar is nog geen spoor van te zien.

30aug17, Koningin Elisabethlaan


De verfwerken zijn nog niet rond.
Hopelijk is deze oversteekplaats voor begin september.

Wat denkt u als dagelijkse passant van de verschillende nieuwe situaties?
Ik ben in ieder geval fan van deze vorm van leesbaarheid.
Ze kan helpen om onverwachtse en complexe tramspoor- en kruispuntsituaties helderder te krijgen.
Een voorbeeld?
Gisteren reed ik dit mij onbekende fietspad knal voorbij.

30aug17, Sint-Pietersaalststraat

Hoe kwam dat?
(1) het verkeersbord staat verstopt achter de blauwe paal van de Lijn
(2) ik focus op het wegdek met tramrails, op de kwaliteit van het putdeksel tussen de rails (die zijn vaak gevaarlijk oneffen) en op het naderende kruispunt.
Drie sharrows zijn hier welkom.

30aug17, Sint-Pietersaalststraat

Fietsoversteekplaats (2)

17 augustus 2017

Op bepaalde plaatsen wordt elke wegmarkering verwijderd die er op kan wijzen dat er fietsers de weg kruisen. Dit heeft enkele perverse gevolgen.

Een voorbeeld daarvan zien we op de toekomstige fietssnelweg De Pinte-Gent. Een borduursteen zonder één likje witte verf is plots een gevaarlijk obstakel geworden.

En dan maar praten over de veiligheid van de fietsers.

N60 De Pintelaan

Fietsoversteekplaats

16 augustus 2017

Ik ga er van uit dat de alle automobilisten hun verplaatsingen graag in alle veiligheid doen. Geen woud van verkeersborden, maar daar waar het nodig is mag er wel iets zijn dat hun aandacht vestigt op, bijvoorbeeld, een plaats waar veel fietsers oversteken.

Rijdende op de Sluisweg heeft men als automobilist dit zicht op de plaats waar fietsers oversteken:

Sluisweg

Sluisweg

Voor een fietser daarentegen ziet het er zo uit:

van R4 fietspad naar Hamerlandtragel

van R4 fietspad naar Hamerlandtragel

Dit is geen onbelangrijke oversteekplaats. Het is de groene weg naar Ghelamco en naar Zwijnaarde en verder.

Maar voor de automobilist is dit een onzichtbare fietsoversteekplaats.

Ruimtegebruik (1)

28 juli 2017

Ik zit al een paar jaar met een ergernis over onze Gentse zogezegd vooruitstrevende ruimtelijke ordening.
Een eerste worp hierover.

De wereld is complex.
Of is de wereld eenvoudig?
Is het verschil tussen eigenbelang en algemeen belang vaak niet helder te detecteren?
En is het niet de rol van de overheid om uit het kluwen van eigenbelangen de algemeen belangen te filteren?
Ik denk van wel, zeker als het gaat over zaken als mobiliteit en ruimtelijke ordening.
Nu, we weten dat ruimtelijke ordening decennialang vooràl geen algemeen belang mocht zoeken.
Onze ruimtelijke wanorde komt èrgens vandaan.
In de berichtgeving/analyses hierover wordt de zwarte piet traditiegetrouw richting overheid geschoven.
Terwijl de verantwoordelijkheid soms wel gedeeld mag worden met de bouwaanvrager / de bouwheer.
Ik weet het: het eigendomsrecht is ons land opperheilig.
Zo werden de bloemisten in Lochristi rijk door hun serregronden te verkavelen of aan de meestbiedende winkelketen te verpatsen.
Vraag / aanbod.
Dat was – wat zijn we excuberant creatief in excuses – het pensioen van de bloemisten.
Terwijl ik bloemisten ken die niet verkavelden of verkochten, en toch een mooie oude dag hadden.
De overheid zat zowel lokaal als regionaal met haar hoofd in de potgrond.
En wèg is het platteland en de ruimtelijkheid.
Nog even en Vlaanderen is één Los Angeles.
Ik voorspel u: binnen de 30 jaar smeekt Lochristi om een tram richting Gent, want er moet dan toch ièts gebeuren aan die vastrijdende automobiliteit…

Je zou verwachten dat scholen en andere openbare instellingen niet bezig zijn met financiëel eigenbelang.
Je zou verwachten dat ze bij de sloop van een oud vooroorlogs schoolgebouw eventjes gaan zitten, goed nadenken, en verder kijken dan hun eigen rooilijn.
Of je zou verwachten dat een overheid met het kaliber van de stad Gent een gesprek zou aangaan.

Dit is september 2014:

sept14, Loofblommestraat

En dit december 2016:

23dec16, Loofblommestraat


Zou hier nu ècht niemand gekeken hebben naar de behoeftes van de leerlingen van de school?
Of geloven ze nog steeds dat een kind op de achterbank van een auto leeft?
Een voetpad van twee en een halve dal bleef bij de “nieuwbouw” even breed als zestig jaar geleden.
Wie laat zijn kind hier naar school stappen?
Willen we met zijn allen in de toekomst overal veilige schoolomgevingen?
Of liever niet?
Is verkeersveiligheid voor een school écht onbelangrijker dan grondbezit?
En welke rol had de overheid hier moeten spelen?
Was er geen grondruil mogelijk?
Kon de school geen geste doen?
Indien niets van dat alles, was een onteigening dan niet aangewezen?

Zo zit Gent vol met verouderde keuzes.
En natuurlijk zijn er de knelpunten waar louter overheden over beslissen, zoals de smalle schaamlapjes asfalt onder de autostrades waar de hogere overheden foert tegen zeggen:

23dec16, Beukenlaan / Vennestraat


Hier ziet u dan nog de veiligste fietsverbinding tussen Sint-Denijs-Westrem en Gent.
De rest is nog erger.

U kon het op deze pagina’s al vaker lezen: fietsers zijn geen heiligen.
Maar ik geloof wel dat een harmonieuzere mobiliteit start met gezond verstand, zowel van weggebruikers als van overheden / grondbeheerders.
Geef mensen respect, en je krijgt respect terug.
Geef mensen degelijke voet- en fietspaden, en je krijgt een andere mentaliteit.
Het is een open deur intrappen: fietsers hebben voetgangers nodig.
Véél voetgangers.
Hun belangen zijn dezelfde: veiligheid in een mobiliteitswereld waar de overheden nog al te vaak hun kop in de grond steken.
In de bouwgrond.
Het wordt hoog tijd dat ruimtelijke ordening ècht ordening aanbrengt.
Dat èlk bouwproject bekenen wordt op zijn mobiliteitsfacetten.
We vragen al jaren om een fietstoets.
Dat was misschien een beetje dom: dat hoort een voetgangers- en fietstoets te zijn.
Want tot op heden is de nationale mentaliteit nog steeds om prioritair te kijken wat gemotoriseerd verkeer nodig heeft, en fietsers en voetgangers achter te laten met een restfractie.
Gent zette op 3 april met het Circulatieplan een flinke stap om fietsers en voetgangers binnen de R40 meer ruimte te geven.
Durft Gent dat ook aan buiten de R40?
Zonder een degelijke ruimtelijke ordening is dat een verloren zaak.

Uitbouw

11 juli 2017

Indien nodig kan men aan een bestaande brug een “uitbouw” voorzien: goed om voetgangers en fietsers meer plaats te geven.

Bij renovatie en wegenwerken zou men dit automatisch moeten meenemen.

Ons voorbeeld hierbij is wel een uitbouw aan een nieuwe brug: die over de ringvaart ter hoogte van de Ghelamco Arena. Was men  de fietsers vergeten? Dit doet in deze niet ter zake.

uitbouw Ottergembrug

Ottergembrug fietspad

Graag jullie medewerking. Waar willen we zo een uitbouw aan een bestaande brug?

  1. De Buchtenbrug van de Snepkaai naar de Beukenlaan en Sint-Denijs-Westrem, over de Ringvaart.
  2. De brug van de Voordestraat over R4 op weg naar Lochristi.
  3. De Speybrug in het verlengde van de Trekweg over de Ringvaart op weg naar Vinderhoute, technisch iets moeilijker.
  4. De Wondelgemkaaibrug van de N458 over de Ringvaart.
  5. ……. ?

Nu ik het zo bekijk: er zijn op de invalswegen naar Gent nog wel meer zwakke schakels.

Het ongeval in Retie op maandag 15 mei met twee fietsdoden als droevige balans zindert nog na.
Hoe groot is de slagkracht van ons mobiliteitsbeleid?
Minister Ben Weyts en zijn Agentschap Wegen en Verkeer gaan over de tongen, en oogsten alwéér onvrede.
Kris Peeters fileerde “onze” mentaliteit vlijmscherp en 100% correct.
“Geen ongeval in Kasterlee, wel doden en zwaargewonden.”
De reactie van Agentschap Wegen en Verkeer in De Standaard van woensdag 17 mei gooide alleen maar olie op het vuur.
‘Al in januari 2016 hebben wij een dossier ingediend bij de Provinciale Commissie Verkeersveiligheid (PCV) om een verkeerslicht te laten plaatsen’, zegt burgemeester Meeus. ‘Ze zeiden dat we de uitslag van een fietstelling moesten afwachten. Die zou uitmaken of een verkeerslicht wel een meerwaarde zou zijn op die locatie.’
‘Mochten daar amper drie fietsers per dag voorbijrijden, kunnen we moeilijk zo’n grote investering verantwoorden’, verduidelijkt Jef Schoemaekers van het Agentschap Wegen en Verkeer.

Van zo’n reactie kan ik alleen maar boos worden.
Het is een paraplu, maar vol gaten.
Wie de kranten leest weét dat ook op kruispunten met véél fietsers deze techniek toegepast wordt.
Ik leerde: een onderzoek bestellen is de meest efficiënte manier om iets tegen te houden, of om niets te moeten doen.
Dat telt zowel voor politici als voor ambtenaren.
Lees het aantal artikels waarin ook nà dodelijke ongevallen AWV een korte termijnoplossing, het plaatverkeerslichten, afwijst.
Op sommige plaatsen komt er pas na zééér lang aandringen van bewoners en lokale overheden dan toch lichten.
De oversteekplaats op het kruispunt Gandastraat / Kasteellaan is zo’n frappant voorbeeld, de perfecte illustratie van wat Kris Peeters in DS verwoordde:
‘Lokale politici weten goed genoeg waar de gevaarlijkste locaties liggen, maar hun vragen en besognes dringen niet door in Brussel’, zegt Peeters. ‘Als de burgemeester aangeeft dat het ongeval gebeurde op een “voor het fietsroutenetwerk cruciale oversteekplaats”, waarom moet de administratie dan eerst ellenlange tellingen uitvoeren? De gevolgen zijn bekend. Je moet geen verkeerskundige zijn om te zien dat zich in dit geval veiligheidsproblemen stellen.’
Ondanks een paar dodelijke ongevallen en een intense voetgangers- en fietstraffiek duurde het op de Kasteellaan méér dan vijf jaar voor er verkeerslichten kwamen.
En ik weet het.
Enkel op politici mag je boos worden.
Boos worden op ambtenaren is contraproductief.

Mijn secce analyse is kort en droog.
AWV (Agentschap Wegen en Verkeer) heeft drie topprioriteiten: maximale autodoorstroming, minder verkeersdoden en minder verkeersongevallen.
Dit is het resultaat:

16mei17, HLN


Het aantal fietsdoden blijft zo goed als stabiel.
Het wordt niet beter.
BIVV, die andere autoverdedigersclub remmende administratie sust hierin nog wat:
“Maar dat betekent niet dat er niet goed gewerkt wordt rond een veiliger verkeer voor fietsers.”
In deze redenering klopt iets niet.
Het aantal autokilometers blijft stijgen, en die statistieken evolueren wèl positief.
Nee, niet boos worden, het zijn ambtenaren.

De enige echte vraag is: wat doet minister Ben Weyts en zijn Agentschap om fietsen fors te stimuleren, en om het aantal autokilometers naar beneden te krijgen?
Maken ze moedige keuzes?
Neen.
Staan ze op de rem van een snelle omslag naar véél méér fietsers?
Zo lijkt het in de daden.
Zolang AWV (en het BIVV) geen topprioriteit maken van een andere modal split, van méér mensen op de fiets te krijgen zal de droeve statistiek van fietsdoden niet dalen.
Het lijken administraties vol goed bedoelende technisch denkende mensen met een autobril.
Zolang deze administraties louter technici zijn en er geen gedragswetenschappers naast zitten blijf ik pessimistisch.
Ik hoor uit hun monden te weinig geloof dat het anders kan.
Een soort van berusting.
De eindverantwoordelijkheid ligt bij de minister.
De man doet zijn best qua woorden, maar niet qua daden.
Het budget voor fietsinfrastructuur is vergeleken met de vorige bestuursperiode niet gestegen, dat blijft steken op 100 miljoen Euro per jaar.
Het budget voor autowegen blijft ontiegelijk hoog.
De autowegenwerven draaien volle bak.
In Merelbeke wordt een brug van de E40 vervangen.
In één beweging wordt er toekomstgericht
Wanneer zien we die toekomstgerichtheid in de en passant meegenomen fietsinfrastructuur?
Krijgen fietsbruggen ook een toekomstgerichte breedte?
Wat zou zo’n extra rijbreedte van een E40-brug kosten?
Is dat de budgettaire schaarste?
Terwijl 20% méér fietsers, en 20% minder automobilisten het economisch autoverkeer op een goedkope manier vlot zou trekken.
Nog eens de basiswet herhalen: “Infrastructuur trekt gebruikers aan”.
Hoe méér geld je pompt in extra autowegen, hoe méér autoverkeer je genereert.
Idem voor fietswegen.

Wat hebben we afgelopen decennia in Gent geleerd?
Er was een tijd dat de politie het verkeersbeleid bepaalde.
Eén probleem: -ik citeer hen- ze waren alleen opgeleid in autoverkeer.
Dus/en hield een kleine cel agenten zo lang ze konden fietvriendelijke maatregelen tegen.
Zo verdedigden ze in vergaderingen over het ontwerp van nieuwe fietspaden vooral de autoparkeerplaatsen.
Terwijl een correcte objectieve analyse van ongevallen net noodzakelijk en waardevol is om mobiliteitsbeleid te steunen.
Dat is nog steeds niet aan de orde, hopelijk is het ergens in ontwikkeling.
Het Gentse mobiliteitsbeleid kreeg na de laatste verkiezingen slagkracht door een stijging van het budget én door een stijging van het aantal ambtenaren.
Er was een tijd dat als de fietsambtenaar met zwangerschapsverlof ging er niemand was om de fietsdossiers op te volgen.
Nu heeft Gent een fietscel van 6 mensen.
De fusie eind vorige bestuursperiode tussen de Mobiliteitsdienst en het Stedelijk Parkeerbedrijf is een ander positief element: alweer wat minder ambtelijke versplintering.
De combinatie met politieke moed resulteerde in het Circulatieplan.
Ook bij de provincie Oost-Vlaanderen gaat het sinds de laatste verkiezingen de goede kant op.
We hopen ook in het Gentse snel resultaten te zien.
Ik vermoed dat het aantal ambtenaren bij AWV de afgelopen jaren niet gestegen is.
Dat is een manco, want fietsinfrastuctuur is een arbeidsintensieve zaak, waar detailwerk belangrijk is.
Is er bij AWV een specialistencel voor fietsinfrastructuur actief?
I’m afraid so.

De minister weet wat er nog schort aan zijn Agentschap: een “verkokering” noemt hij het.

Lokaal, ledenblad van VVSG, lente 2016

En ook:

Lokaal, ledenblad van VVSG, lente 2016

Lokaal, ledenblad van VVSG, lente 2016

Ik hoor van ambtenaren uit verschillende provincies dat de minister en de top van AWV “mee zijn in het fietsverhaal”‘maar dat het probleem daaronder zit: daar gaat de vinger op de knip.
Zit daar de reden dat nieuwe verkeerslichten nog steeds niet standaard een fietslicht op ooghoogte krijgt?
Is dat de reden dat bij nieuwe fietspaden de vlakheidsnorm nog steeds niet correct uitgevoerd wordt?
Is dat de reden dat de lagere overheden jàààren moeten aandringen op verkeerslichten?
Of schort er toch iets aan de beschikbare budgetten?

Sommige mensen noemen De Tijd de beste krant van het land.
En soms lijkt dat zo, bijvoorbeeld over mobiliteit.
Lees nu dit citaat in DT van 4 april:
“Mobiliteit is geen eenvoudig onderwerp, daar ben ik me van bewust. Met 11 miljoen verkeersdeskundigen in ons land vind je voor ieder voorstel altijd wel een tegenstem. Maar als we zelfs voor een afstand van 600 meter in de wagen stappen, is het tijd voor drastische keuzes. Als ik lees dat minister Weyts ‘denkt’ dat een kilometerheffing werkt en binnenkort een onderzoeksbureau zal aanstellen om dat te onderzoeken, begint het te kriebelen. In juli is onze minister van Mobiliteit drie jaar op post. De tijd van denken en onderzoeken zou nu toch voorbij mogen zijn.”

Ik kan gaan slapen.
Mijn boosheid kreeg een uitlaatklep.
Mijn ongeduld niet.
Volgende week toont Fietsbult een frappant voorbeeld van Vlaams uitstelgedrag bij verkeerslichten.

%d bloggers liken dit: