Gentbrugge (3)

Manman! Televisie is een sterk medium. Vergeef me deze open deur. Komt u binnen! Zet u, en kijk mee tv!

Wie Joris Hessels theater zag spelen bij Studio Orka, of plaatjes draaien in Radio Gaga wist al dat zijn stem en ogen -samen met bloedbroeder Dominiek Van Malderen- een rechtstreekse lijn hebben met de traanklieren van de modale medemens. En aangezien ik een modale medemens ben zorg ik ervoor om dan een zakdoek bij de hand te hebben.

Daarnet was het weer prijs, maar op een – pwiew!- onverwachts moment. Ongeveer hier:

Dat kwam binnen, zoveel loslaten in een paar seconden. En vooral: zo herkenbaar. Als ouder weet je teveel. Je wéét dat het gevaar begint aan de voordeur. Je weet in welk soort automaatschappij we leven. Het herinnerde me nogmaals aan de jaren dat mijn kinderen begonnen met alleen naar school fietsen. Mijn teerbeminde gebruikt het woord “voorzichtig” hoofdzakelijk aan de voordeur. Ook tegen mij. Veel draait om gedrag. En minstens evenveel draait om infrastructuur. Goede infrastructuur is bedacht door verkeersdeskundigen met diep inzicht in gedrag, en aangelegd door ingenieurs met diep inzicht in constructies.

“Gentbrugge” is strelende televisie. I loved it. Geen grammetje spanning of sensatie. Verhalen over modale medemensen. Gesprekken mèt modale medemensen. Eddy Wally, een lach. Liberia, een traan. Al ben ik over Gentbrugge 769% bevooroordeeld. Na 5 (of was het 6?) woonplekken in 9000 lokte de liefde me in 1989 naar het (toen) grauwste deeltje van Gentbrugge. Jarenlang had ik gefietst tussen de 3 torens van Gent, kop in de lucht, maar voor de liefde van Queen M trok ik volgaarne naar het grijze, lawaaierige rijk van de staalnetten: de Sas- en Bassijnwijk. Kleur was er taboe, want de staalverwerkende fabrieken gaven kleur prompt een grauwe tint. Lady L en Lady T groeiden op in dit “stedelijk herwaarderingsgebied”, en gingen in het hemelse Guldenmeersje naar de kleuterklassen van juf Marijke en juf Monique. Rechtover de kleuterschool stond het enige ècht mooie huis van de wijk. Op één van de heetste julinachten van 1994 werd lady S thuis in de Kerkstraat geboren. Maar we verkochten Queen M haar huis aan twee dames, staken de Schelde over, en gingen vijf straten verder wonen.

Anno 2019 gaat onze plooifiets voor onderhoud naar de fietswinkel waar tot begin deze eeuw een bankkantoor was. In dat kantoor tekenden we in 1995 onze hypothecaire lening. Op dat plein woont nu de Joris zie.

We hadden getwijfeld tussen de stad en het platteland. Het platteland zou betekenen: 2 auto’s, en véél kindertaxiritten. Het werd de stad. Lady S vroeg vorige week op fietstocht naar Bassevelde nog of we ooit overwogen hadden om op den buiten te gaan wonen. Ik vertelde het verleden. Zij vertelde hoe blij ze was dat ze in de stad was opgegroeid. Dat kwam prettig binnen. Even zalig is het dat steeds meer mensen bewust die stadskeuze maken. Elk op zijn/haar manier.

In “Gentbrugge” out Joris zich bijna nonstop als een fietser. Met de fiets naar de bakker. Met de fiets naar de crèche.

Daar is niks speciaals mee. Behalve dat dat in weinig tv-programma’s te zien is, want geen spanning of sensatie. Hier is het simpelweg: evident. Zoals bij steeds meer modale mensen. Benieuwd naar de komende weken “Gentbrugge”!

Meer lezen over Gentbrugge? Op Fietsbult verscheen in 2008: Gentbrugge (1), en in 2014 Gentbrugge (2).

Oh ja, nu we toch over Gentbrugge bezig zijn: deze namiddag zagen we dit Facebookbericht passeren: